PlusExclusief

Tunesië hoopt dat toeristen de economie gaan redden, maar die laten het afweten: ‘Het gaat de verkeerde kant op’

De autocratische president Saied probeert met een toerismecampagne de economie van Tunesië aan de praat te krijgen. Maar veel ondernemers zijn pessimistisch. ‘Iedereen probeert weg te komen.’

Faïrouz ben Salah
Tunesische kameleneigenaren, die leven van het toerisme, zien opnieuw een zwaar jaar tegemoet. Beeld Lofti El Ghariani
Tunesische kameleneigenaren, die leven van het toerisme, zien opnieuw een zwaar jaar tegemoet.Beeld Lofti El Ghariani

Traag hijst een kameel genaamd Mickey Mouse zich op diens hoge benen op het strookje strand pal voor het terras van hotel Sidi Mansour. Bijna smekend probeert eigenaar Mehrez Jridi (34) de verslaggever over te halen een ritje te maken op de kameel met een kleurig versierd zadel op de rug. “Toe nou, één keer. Voor u maak ik er 20 dinar van, 6 euro. Ik heb dringend geld nodig om voer voor de kamelen te kopen.”

Badgasten hangen loom op de ligstoelen van het hotel met zijn traditioneel witte bogen, nippend van grote glazen frisdrank met ijsblokjes. Obers lopen geroutineerd glimlachend heen en weer. Met 30 graden Celsius en een verkoelend zeebriesje voelt het aangenaam aan.

“Ik snap het niet,” zegt Jridi, een vriendelijk lachende man met een rieten hoedje. “Er zijn best veel toeristen, maar niemand wil een ritje maken.” Als dit zo doorgaat, wacht hem een zwaar jaar, zo vreest hij. “In de winter moeten we leven van wat we ’s zomers verdienen. Maar het is niet vol te houden. Ik heb geen geld meer voor mijn boodschappen en met de economie gaat het steeds slechter. Hoe moet het verder?”

Politieke en financiële chaos

Terwijl Jridi ternauwernood het hoofd boven water houdt, heeft de Tunesische president Kais Saied andere zorgen. Toen hij vorig jaar zomer de macht naar zich toetrok en tegelijk zowel het parlement als de grondwet aan de kant schoof, hoopte hij snel het politieke systeem en de grondwet te kunnen veranderen. Maar hij vergat de toch al bijna failliete economie van Tunesië. En algauw raakte het land verzand in een ongekende politieke en financiële chaos.

Op zoek naar enige economische lucht lanceerde de regering onlangs een campagne om het toerisme te promoten. Buitenlandse vakantiegangers zijn van oudsher een belangrijke motor van de Tunesische economie, en zeker hier op Djerba, een eiland voor de oostelijke kust van Tunesië. Zo maakten de finalisten van Miss Nederland 2022 op uitnodiging van het ministerie van toerisme een tour over Djerba. De oppositie, die steeds meer wordt onderdrukt, ziet er een poging in om Saieds autocratische neigingen wit te wassen.

“Dit is toch je reinste flauwekul,” reageert oud-parlementslid Sofiane Makhloufi, een tegenstander van Saied, scherp. “Saied speelt mooi weer en hangt een beetje de democraat uit. Ik mag toch hopen dat niemand dit serieus neemt. Die man kan niets anders dan haat en verdeeldheid zaaien. Het land wordt in rap tempo naar de afgrond geleid.”

Geen vliegtickets meer

Van opbloeiend toerisme is deze zaterdagmiddag nog niets te bespeuren in het van souvenirwinkels vergeven centrum van Midoun, een stadje aan de oostkant van het eiland. Verkopers lummelen werkloos voor de deur van hun winkel. Hun opdringerige verkooptrucs lijken de sporadisch passerende toeristen eerder weg te jagen dan te bekoren.

In het eenvoudig ingerichte reisbureautje Overseas zit Radhia El Mayel (27) in haar eentje achter de balie. Over de politieke toestand is ze zeer pessimistisch. “Het gaat de verkeerde kant op,” zegt ze. “Zo’n 80 procent van de jongeren op Djerba is werkloos. Ik schat dat de afgelopen maanden 40 procent van hen is geëmigreerd. Iedereen probeert weg te komen, ook volwassenen en gezinnen.”

“Zelf denk ik er ook over om weg te gaan,” zegt El Mayel bijna fluisterend. Sommige mensen verkochten hun huisraad om een vliegreis naar Turkije te kunnen bekostigen. “Er is zoveel vraag dat we van Turkish Airlines geen tickets meer mogen verkopen.”

Alleen goedkope aanbiedingen

Voor hotel Sidi Mansour, op een steenworp van Midoun, ligt kameel Mickey Mouse er nog steeds sloom bij. Maar Mohamed Neji, het 54-jarige hoofd van de receptie, die net is neergeploft op een bank in de crèmekleurig ingerichte lobby, houdt de moed erin. “Ik zie het aantal boekingen weer binnenstromen. Veel vaste gasten komen weer, vooral uit Duitsland.” Hij ziet er een belangrijke opsteker in, zeker na twee jaar corona. “Aan die periode wil ik niet meer terugdenken. We moesten dicht en de regering sprong niet bij. Het was echt heel zwaar.”

Het geluid van sloffende slippers overstemt de rustige achtergrondmuziek. Neji, die gepokt en gemazeld is in het toerisme op Djerba, deelt enthousiast zijn kennis over de traditionele architectuur van het hotel en zijn hechte band met de vaste gasten. Niettemin komt het gesprek al snel op de economische strubbelingen.

“Wij staan voor een groot probleem,” zegt hij. “Het eiland is weer in trek bij toeristen, maar die komen alleen af op goedkope aanbiedingen. De kosten van energie, water en voedsel stijgen de pan uit, maar we kunnen ze niet doorberekenen, want dan raken we gasten kwijt.”

Toch laat Neji zich niet uit het veld slaan. “Het gaat niet goed, maar wij komen er bovenop. Je moet altijd positief blijven denken.”