PlusAchtergrond

Syriërs zijn steeds minder welkom in Turkije

Steekpartijen tussen jongeren leiden in Turkije tot pogroms op Syrische vluchtelingen. ‘Ik stuurde meteen een appje rond: Ga je huis niet uit.’

Ingrid Woudwijk
Seizoensarbeiders, vaak Syrische vluchtelingen, werken aan de tomatenoogst nabij Torbali. Beeld EPA
Seizoensarbeiders, vaak Syrische vluchtelingen, werken aan de tomatenoogst nabij Torbali.Beeld EPA

De wijk Cumhuriyet in de West-Turkse provinciestad Torbali ziet er in het avondlicht rustig uit. Kinderen hebben lol in de speeltuin en voetballen terwijl de ouders toekijken. Alleen een politieauto bij de ingang van de straat verraadt dat het er hier een maand geleden heel anders uitzag.

De Syriër Isa Ali (25) woont in de wijk, maar het liefst zou hij er vandaag nog uit vertrekken. Hij laat een filmpje op zijn telefoon zien, waarop de auto van zijn vriend Muhammed Ibrahim te zien is, of althans, wat daarvan over is. De witte wagen zit vol deuken, de ramen zijn aan diggelen geslagen en de banden lek gestoken: het resultaat van opgelopen spanningen tussen Turken en Syriërs in deze wijk.

Steekpartij

Die spanningen culmineerden in een steekpartij nadat op vrijdagavond 30 september twee jongens uit de buurt ruzie hadden gekregen. Een 17-jarige Turkse jongen overleed in het ziekenhuis aan de gevolgen.

Toen de buurt de volgende ochtend doorkreeg dat de 20-jarige dader een Syriër was, verzamelde zich een menigte van zo’n 150 mensen. Ze staken het huis van een Syrische familie in brand en gooiden stenen door de ruiten. Karretjes die door Syriërs werden gebruikt om afval te verzamelen, gingen in vlammen op. Auto’s zoals die van Ibrahim werden vernield. De politie pakte elf mensen op, van wie zeven inmiddels zijn aangeklaagd voor vernieling of haatzaaien.

Ondanks die arrestaties is de spanning tussen de bevolkingsgroepen in Torbali nog altijd om te snijden. Hier komen 20.000 van de 200.000 inwoners uit Syrië. In een restaurant aan de rand van de stad, buiten zijn wijk, voelt Ali zich veilig genoeg om zijn verhaal te doen, ook al kijkt hij af en toe schichtig om zich heen.

Gezinnen vertrokken

Voordat hij begint te vertellen, benadrukt hij dat hij en zijn vrienden niks met de steekpartij te maken hebben gehad. Maar wat het voor hem en zijn landgenoten betekende, begreep hij onmiddellijk: “Toen ik doorhad wat er gebeurd was, heb ik meteen alle Syriërs die ik ken een bericht gestuurd: ‘Wees voorzichtig, ga niet naar je werk morgen en blijf thuis’.”

“De volgende ochtend vertrokken de meeste Syrische gezinnen uit de wijk. Zonder spullen te pakken, verkasten ze naar familie of vrienden elders in de stad. Ik ken zelfs iemand die ­

’s nachts in het park heeft geslapen, zo bang was hij om terug te gaan naar zijn huis.” Zelf zijn Ali en zijn vrienden ook op zoek gegaan naar een nieuwe woning.

Ali’s winkel, een kleine supermarkt, is sinds het voorval dicht. Op het roestige hek zit een slot, achter de ramen zijn de producten in de schappen nog te zien. Op de gevel staat de naam vertaald in het Arabisch, waardoor duidelijk is dat de winkel een Syrische eigenaar heeft.

Vijandigere houding

Zes jaar lang heeft Ali gewerkt aan het opbouwen van een vaste klantenkring, om de hoek zitten namelijk nog drie soortgelijke winkels. Die inspanningen lijken inmiddels vergeefs. De politie heeft brandstichting kunnen voorkomen maar Ali, die ook nog rij-instructeur is, heeft uit angst de winkel niet meer durven openen.

Torbali is niet de enige plek waar de spanningen oplopen. De houding jegens de bijna 4 miljoen vluchtelingen, onder wie 3,7 miljoen Syriërs, wordt in Turkije steeds vijandiger. In augustus vond een soortgelijk dodelijk incident plaats in Ankara. Ook daar werden het verdriet en vooral de woede afgereageerd op de gehele Syrische gemeenschap.

Bananenvideo’s

Hoewel het geweld door alle politici afgekeurd wordt, is er steeds minder steun voor de opvang van de vluchtelingen en wordt de maatschappelijke ruimte voor Syriërs ingeperkt. Vorige week liet de Turkse immigratiedienst nog weten zeven Syriërs uit te willen zetten vanwege ‘provocatieve’ video’s waarin zij bananen eten.

Deze actie op sociale media is een reactie op een straatinterview op tv waarin een Turkse man vertelde dat hij geen bananen kon betalen terwijl Syriërs daarvan kilo’s kopen. Als spottende reactie deelden Syriërs in Turkije en daarbuiten allerlei soorten bananenvideo’s via TikTok.

De oppositie is nog duidelijker over haar plannen met de vluchtelingen. Leider van de grootste oppositiepartij CHP, Kemal Kilicdaroglu, beloofde bij een overwinning van zijn partij bij de volgende verkiezingen alle Syriërs terug te sturen.

Ali ziet de polarisatie hierdoor toenemen: “Politici zeggen: ‘Geef mij je stem, ik ga de buitenlanders wegsturen’. Ze gebruiken ons gewoon om stemmen te krijgen.”