PlusInterview

Spanningen in Bosnië lopen op, Nederland overweegt militairen te sturen

De spanningen in Bosnië en Herzegovina zijn ook 27 jaar na de oorlog nog dagelijks voelbaar. In het Servische deel van de ‘verzamelrepubliek’ krijgen Russische invloeden steeds meer voet aan de grond, ziet de Nederlandse ambassadeur in het land. Nederland overweegt militairen naar het land te sturen.

Hanneke Keultjes
Een man met tatoeage van de voor genocide veroordeelde Bosnisch-Servische bevelhebber Ratko Mladic in Belgrado, Servië. Eerbetonen aan ‘de slager van Srebrenica’ duiken geregeld op in Servië en Bosnië en Herzegovina.  Beeld AP
Een man met tatoeage van de voor genocide veroordeelde Bosnisch-Servische bevelhebber Ratko Mladic in Belgrado, Servië. Eerbetonen aan ‘de slager van Srebrenica’ duiken geregeld op in Servië en Bosnië en Herzegovina.Beeld AP

Laatst bestelde Jan Waltmans, sinds een jaar ambassadeur in Bosnië en Herzegovina, een Sarajevsko, het lokale biertje uit Sarajevo. Alleen: hij was niet in Sarajevo, maar nét buiten de hoofdstad, in het Servische deel van het land. En dus zei de ober afgemeten: “Dát verkopen we hier niet.”

De anekdote illustreert hoe ogenschijnlijke onschuldige zaken als een lokaal pilsje in dit land al ‘heel gevoelig’ kunnen liggen, zegt Waltmans. “Nog altijd.” Dat heeft alles te maken met de oorlog uit de jaren negentig – 27 jaar geleden – en hoe er, sindsdien, eigenlijk nauwelijks werk wordt gemaakt van échte verzoening. “Dat is zorgelijk.”

Zwart-wit foto’s

Vooral rond de herdenking van de genocide in Srebrenica, 11 juli, nemen de spanningen toe. Dit jaar werden op de toegangsweg naar de begraafplaats en herdenkingsplek tientallen zwart-wit foto’s op houten stokjes gezet: de gezichten van Serviërs die in de oorlog omkwamen. Een paar jaar geleden, zegt Waltmans, was er een groot popconcert waar de partner van een veroordeelde oorlogsmisdadiger optrad.

“Het verdriet bij alle bevolkingsgroepen is vanzelfsprekend, en in een oorlogssituatie worden aan alle kanten misdrijven gepleegd. Maar als je dit doet op het moment van de herdenking van Srebrenica, is dat een bewuste keuze om de ander pijn te doen. Dat draagt niet bij aan verzoening, over en weer respect tonen voor andermans verdriet.”

Bosnië en Herzegovina is een ingewikkeld land. Het komt voort uit voormalig Joegoslavië, dat sinds 1992 na een serie van oorlogen uiteen viel. De Bosnische burgeroorlog werd in 1995 aan de onderhandelingstafel in het Amerikaanse Dayton beëindigd. Daar werd Bosnië en Herzegovina in twee delen opgesplitst: de federatie van Bosnië en Herzegovina, waar vooral Kroaten en Bosnische moslims wonen, en de Servische republiek Republika Srpska (niet te verwarren met Servië).

In het land moeten de drie bevolkingsgroepen, ooit vijanden, vreedzaam samen leven. Bij conflicten beslist de internationale Hoge Vertegenwoordiger, nu Duitser Christian Schmidt, als een soort scheidsrechter wat er dan moet gebeuren.

Drie versies van geschiedenisles

Dat is ook wel nodig, want de verdeeldheid is groot. Scholen, bijvoorbeeld, kennen drie versies van geschiedenisles, waarin kinderen te horen krijgen dat vooral de ándere twee bevolkingsgroepen fout waren in de oorlog. “Die ander, zo wordt hen voorgehouden, heeft opa vermoord en het huis afgepakt. Daar begint het mee, al op jonge leeftijd.”

De media is ook in handen van die politieke elite, die maar één kant van het verhaal belichten. “We zien nu allemaal in Rusland wat het effect kan zijn van zulke propaganda. Als je de hele dag een bepaalde boodschap tot je krijgt, via school, via de media, via je sportclub, de speech van je burgemeester, dan ga je op een bepaalde manier denken.”

Zo wordt de genocide in Srebrenica, waar meer dan 8000 Bosnische moslimmannen- en jongens werden gedood, aan Bosnisch-Servische zijde steeds vaker ontkend. Waltmans: “Soms subtiel, soms hardop. Dan wordt er in toespraken voor de eigen achterban gezegd: het was geen genocide, maar gewoon oorlog.” Op verschillende plekken duiken muurschilderingen op van Ratko Mladic, de Bosnisch-Servische opperbevelhebber die bekend staat als ‘de slager van Srebrenica’. “En die worden dan door de Bosnisch-Servische autoriteiten niet overgeschilderd.”

Poetin is ‘grote vriend’

Alsof dat niet genoeg reden tot zorg is, mengen ook China en, met name aan de Servische kant, Rusland zich in het land. “Milorad Dodik, de president van de Republika Srpska, heeft het voortdurend over ‘zijn grote vrienden Poetin en buitenlandminister Lavrov’. Hij reist ook regelmatig naar Rusland en doet uitspraken die erop duiden dat hij de Russen als zijn grootste vrienden beschouwt.”

Of dat in de praktijk ook tot vergaande relaties leidt, kan Waltmans ‘niet overzien’. “Maar het is duidelijk dat een deel van de politieke leiders in Bosnië warme banden onderhoudt en wil onderhouden met Rusland. De Bosnisch-Servische leiders staan ook minder positief tegenover EU-lidmaatschap.”

Dat Bosnische politici jubelen over hun contacten met Rusland laat in Brussel en elders in de EU de alarmbellen afgaan. Júíst in het licht van de oorlog in Oekraïne. Door de Russische inval wordt het risico op ‘verscherpte verhoudingen’ op de Balkan groter geacht.

Jan Waltmans is sinds een jaar ambassadeur in Bosnië en Herzegovina. Beeld Kick Smeets / Ministerie van Buitenlandse Zaken
Jan Waltmans is sinds een jaar ambassadeur in Bosnië en Herzegovina.Beeld Kick Smeets / Ministerie van Buitenlandse Zaken

Militairen sturen

Nederland overweegt daarom ook militairen te leveren aan de Europese vredesmissie die sinds 2004 toeziet op de naleving van het vredesverdrag. Rust op de Balkan, zegt ambassadeur Waltmans, is immers ook in Nederlands belang. “Stabiliteit zorgt bijvoorbeeld dat de economie zich gaat ontwikkelen: dat is goed voor de mensen hier, en goed voor onze handelsbetrekkingen.”

Of de vlam weer in de pan kan slaan? Waltmans: “Dat kun je niet voorspellen. Het is te hopen dat een nieuw conflict kan worden voorkomen.”

Er zijn wel maatregelen genomen om de kans op gewelddadigheden te verminderen: zo heeft het land een gezamenlijk leger en beperkte bewapening. De Eufor-missie houdt met duizend militairen ook een oogje in het zeil.

Nee, een positief verhaal heeft Waltmans niet, erkent hij. “Als je in dit soort moeilijke landen werkt, moet je het niet om laten slaan in frustratie. Dat heeft weinig zin. Je zoekt voortdurend naar lichtpunten.” Met beter bestuur, een rechtsstaat die functioneert, minder corruptie en het juiste beleid, denkt Waltmans, zou het land ‘enorm kunnen profiteren’. “En zou dan ook zeker passen binnen de Europese Unie.”

Sinds de Oekraïne-oorlog gaan er stemmen op om Balkanlanden sneller uitzicht te geven op EU-lidmaatschap, om te voorkomen dat landen in de Russische invloedssfeer terecht komen. Kroatië is al lid, Servië is kandidaat-lid en Bosnië en Herzegovina is potentieel kandidaat-lid.

Landen die lid willen worden van de EU moeten aan een reeks eisen voldoen. Waltmans vergelijkt een recente evaluatie van die lijst door de Europese Commissie met een verkeerslicht. “Bij andere kandidaat-lidstaten zie je al onderwerpen groen en oranje kleuren. Maar bij Bosnië staan alle seinen op rood.”

Outdoorparadijs

Terwijl het land wel potentie heeft, vindt de ambassadeur, die eerder in Libanon, Irak en Afghanistan werkte. “Er zijn veel natuurlijke bronnen. Er liggen kansen in de bosbouw, toerisme – het land is prachtig: je kunt wandelen, raften, het is een outdoorparadijs – en waterkrachtenergie. Maar om het echt een boost te geven zijn de hervormingen zo belangrijk: als je eenmaal lid van de EU bent, is het veel makkelijker om te importeren en te exporteren.”

Een meerderheid van de bevolking, 60 tot 65 procent, wil ook lid worden van de EU. Nu al verruilt een gigantische hoeveelheid jonge Bosniërs het land voor West-Europa. Vorig jaar 140.000, zegt Waltmans, en voor dit jaar staat de teller al op hetzelfde aantal. “Op een bevolking van ruim 3,5 miljoen is dat écht heel veel. Als je die trend doorzet, dan heb je bijna geen jonge mensen meer in het land.”

Zonder die jongeren kan de haperende economie van het land, dat al gebukt gaat onder hoge inflatie, jeugdwerkloosheid en benzineprijzen, helemaal ineenstorten. Dat zorgt, zegt Waltmans, voor een ‘gevoel van alertheid en enige spanning’. Hij hoopt dat het de politieke leiders wakker schudt, dat zij bijvoorbeeld corruptie aanpakken, hervormingen doorvoeren, al zijn het maar kleine stapjes. “Dat zou voor de bevolking zo belangrijk zijn. Mensen willen een baan, naar een ziekenhuis kunnen zonder eerst extra geld te betalen voor een afspraak.”

Maar ook de bevolkingsgroepen moeten tot elkaar komen, maar de politieke elite doet daar niks aan. “Die benadrukt voortdurend de identiteit van de eigen groep.” Recent nodigde Waltmans Bosnisch-Servische politici uit om met hem naar Srebrenica te gaan, om daar met nabestaanden te spreken. Tot nu toe accepteerde niemand zijn uitnodiging. “Dat ligt voor hen heel moeilijk. Ze zeggen: de verkiezingen van oktober moeten eerst achter de rug zijn. Ik hoop dat iemand daarna de moed heeft om dat wél te doen.”