PlusAnalyse

Opeens is Polen niet meer de lastpak van Europa: ‘De vijand van de vijand is nu onze vriend’

Polen was binnen de Europese Unie het mikpunt van kritiek vanwege het aantasten van de eigen rechtsstaat. Het Europese Hof oordeelde zelfs dat de Unie de dwarsligger mag korten op subsidies. Maar sinds de Russische invasie in Oekraïne – waardoor Polen miljoenen vluchtelingen opvangt – is het sentiment omgeslagen.

Het Parool
null Beeld NurPhoto via Getty Images
Beeld NurPhoto via Getty Images

Wie op de luchthaven van Warschau arriveert, ontkomt niet aan de vele steunbetuigingen voor Oekraïne. ‘Slavia Ukrainia’, glorie aan Oekraïne, roept een man in de ontvangsthal van het vliegveld, vernoemd naar de Poolse componist Frédéric Chopin. Met opzwepende gebaren geeft hij voorbijgangers in blauw-gele tricots een high five. Op de achterkant van de trainingsjasjes staat ‘Deafly Olympic Team’, ofwel het doventeam van Oekraïne. Maar dat mag de pret niet drukken.

Het enthousiasme onder de Poolse bevolking lijkt net zo groot als op 24 februari, de dag dat Rusland Oekraïne binnenviel en de levens van miljoenen burgers ontwrichtte. Direct zette Polen de poorten voor Oekraïners open: zo’n anderhalf miljoen mensen werden opgevangen, bovenop de ongeveer twee miljoen Oekraïners die al in het land verbleven, voornamelijk werkend in de horeca of als taxichauffeur.

Ondanks de vijandigheden uit het verleden – in 1918 stonden beide landen lijnrecht tegenover elkaar in de strijd om Lviv, voorheen Lwów, na het uiteenvallen van het Oostenrijks-Hongaarse rijk – schaart Polen zich nu massaal achter het buurland. “We onderhielden een moeizame relatie, maar dat is voorbij. De vijand van de vijand is tegenwoordig onze vriend,” zegt Maciek Duszczyk, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Warschau, in zijn kantoor op steenworp afstand van het koninklijke paleis.

Solidariteit en gastvrijheid

Zowel de gedeelde haat tegen als de angst voor de Russen verbindt. ‘Vandaag Georgië, morgen Oekraïne, de dag erna de Baltische staten en daarna misschien mijn land, Polen,’ sprak wijlen president Lech Kaczynski al in 2008, na de Russische inval in Georgië. Toen de oorlog in Oekraïne uitbrak, moesten veel Polen terugdenken aan deze uitspraak. De huidige Poolse president Andrzej Duda verklaarde dat zijn land ‘klaar moest zijn om veel vluchtelingen uit Oekraïne’ op te vangen om ze te ‘beschermen tegen de oorlog’.

Sinds de Russische invasie in Oekraïne is de Poolse hoofdstad Warschau het toonbeeld van solidariteit en gastvrijheid. Overal hebben Poolse burgers vluchtelingen in huis genomen, stelden hotelketens kamers gratis beschikbaar en werden bergen aan spullen, waaronder beddengoed en knuffels, ingezameld. Er wapperen meer vlaggen met de nationale kleuren van Oekraïne dan met die van Polen.

De massale steun van Warschau aan Kiev kan op de goedkeuring van Brussel rekenen. ‘Ik zou u, uw team en het Poolse volk, beste premier Morawiecki, graag een compliment willen maken,’ zei Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad, bij een bezoek aan Rzeszów. Deze stad in het zuidoosten van Polen nam veruit de meeste vluchtelingen op en zag de populatie groeien met 53 procent.

Rechtsstaat

Premier Mateusz Morawiecki en de rest van de Poolse regering waren afgelopen jaren wel wat anders gewend. Polen lag meerdere keren op ramkoers met Brussel. Zo kwam de Poolse premier afgelopen najaar in aanvaring met Ursula von der Leyen, de voorzitter van de Europese Commissie, toen een debat over de Europese beginselen van de rechtsstaat uit de hand liep. De toorn van Von der Leyen richtte zich vooral op de aanval op onafhankelijke rechters in Polen, waardoor zij hun immuniteit verloren en om politieke redenen vervolgd konden worden.

Maar in februari dit jaar leed Polen, net als Hongarije, een gevoelige nederlaag: het Europese hof van Justitie bepaalde dat lidstaten zich moeten houden aan de rechtsstatelijke grondbeginselen van de Unie. Als gevolg van deze uitspraak konden de twee landen fluiten naar de gelden uit het coronaherstelfonds van 750 miljard euro.

Maciek Duszczyk, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Warschau. Beeld FN
Maciek Duszczyk, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Warschau.Beeld FN

Inmiddels lijken Brussel en Warschau de strijdbijl begraven te hebben en af te stevenen op een akkoord over de uitbetaling van de miljarden uit het herstelfonds. Hoewel het vertrouwen onderling broos blijft en veel Europese politici sceptisch blijven, zijn ze in Polen blij dat het niet langer alleen over de rechtsstaat gaat. “Een onafhankelijk rechtssysteem is belangrijk, maar laten we ons nu eerst richten op de vluchtelingen. Het zijn namelijk twee losstaande onderwerpen,” zegt Duszczyk. “Waar ik me veel meer zorgen om maak is dat de Franse president Macron zegt: het kan nog decennia duren voordat Oekraïne EU-lid kan worden. Nee, dat moet veel sneller.”

De hoogleraar herinnert zich de tijd dat Polen zelf in de wachtkamer zat om lid te worden. “In 1995 was ik erbij toen de onderhandelingen werden gestart. Of we tweederangslid wilden worden? Natuurlijk niet. Dat moet Oekraïne ook niet willen.” Ondanks de eurosceptische Poolse regering gelooft Duszczyk dat Brussel en Warschau naar elkaar toe zijn gegroeid. “Door onze anti-Russische houding hebben we een betere relatie gekregen.”

Meer over