Plus

Oostenrijkse skidorpen ontwaken uit winterslaap: toeristen weer welkom

Alpendorpen in Oostenrijk komen langzaam weer tot leven. Dit weekend mochten de eerste skigebieden uit de lockdown, de rest volgt over een week. ‘Zonder toeristen zijn wij weer boeren die kaas maken.’

Ton Voermans
Zicht op Kaprun. Dit populaire dorp zit nog een week op slot vanwege de coronalockdown. Beeld Ton Voermans
Zicht op Kaprun. Dit populaire dorp zit nog een week op slot vanwege de coronalockdown.Beeld Ton Voermans

In de Eisbär, een après-skibarretje op de Maiskogelpiste in Kaprun, staan de stoelen al bijna twee jaar op de tafels. Er ligt een pak sneeuw van meer dan een meter, en er is geen skiër te bekennen. “Ik heb het hier nog nooit zo leeg gezien,” zegt Karl Heinz Khan. De 76-jarige Oostenrijker is de berg opgelopen om van het uitzicht te genieten.

“Soms is er in december alleen een smalle strook kunstsneeuw, maar kijk nu toch eens.” Hij wijst naar het dal, waar de dorpjes een kerstkaart vormen. Besneeuwde daken en bomen, ijspegels aan de kabelbanen. Doodse stilte. In de verte lopen een paar toerskiërs naar boven; ze hebben geen keus, de meeste liften in het skigebied staan nog stil.

Een hotelier schuift in een uitgestorven straat de sneeuw voor zijn deur weg. Hij gromt ‘keine Zeit’ en slaat de deur dicht. Het is bijna cynisch: de beste sneeuw in jaren, en door de lockdown komt er geen toerist het land in.

De korte harde lockdown van drie weken moest de ziekenhuizen in Oostenrijk lucht geven. Dat lijkt gelukt, al blijft het grootste deel van het land, waaronder de populaire ‘Nederlandse’ skioorden zoals Kaprun, Zell am See en Saalfelden, voor alle zekerheid nóg een week op slot.

Kaprun snakt naar de toeristen. In het dorpje van nog geen drieduizend inwoners logeren in het seizoen 7500 gasten per dag, goed voor een dagelijkse miljoenenomzet. Khan: :Zonder toeristen blijft er niets over. Dan wordt Kaprun weer een boerendorp. Dan moeten we weer schapen houden om kaas te maken.”

Hoestende barmannen

Op 16 maart 2019 ging het land van de ene op de andere dag in lockdown, toen duidelijk werd dat zich een stille ramp voltrok. Hoestende barmannen in Ischgl, maar ook in Flachau en andere skioorden besmetten wintersporters uit Nederland, Italië, Duitsland, Tsjechië en andere landen. Covid-19 reisde na de après-ski comfortabel in een auto met dakkoffer Europa in. Vorige winter bleven de skihotels gesloten.

“Alles, ook deze derde lockdown, is beter dan het Ischgl-scenario,” zegt skischoolhouder Michi Hartweger. “Het imago van die skiplaats is kapot. Ze worden daar bestookt met rechtszaken van mensen die er besmet raakten.” Hartweger is druk. Alle twintig ski-instructeurs – de helft Nederlanders – zijn gebeld dat het over een week begint. “Het had niet langer moeten duren met deze spookdorpen. Mensen hebben het zwaar en zijn depressief. We kunnen elkaar door de lockdown niet ontmoeten, terwijl dat zo in onze aard ligt. In de dorpen verdient 50 tot 100 procent van de mensen zijn inkomen met het toerisme. Staatssteun? Net genoeg om niet failliet te gaan.”

Luguber sprookje

De dorpen zijn veranderd in een betoverend winterwonderland. Honderdduizenden kerstlichtjes sieren de randen van de houten huizen. De sneeuw maakt het sprookje compleet. Maar het is voorlopig een stil, luguber sprookje. In Zell am See zijn om half zes ’s avonds welgeteld vier mensen op straat. Twee Russen gebaren bij een loket van een pizzeria. Een moeder fotografeert haar dochter bij de kerstboom op de Stadtplatz. Een zwarte kat schiet weg als hij voetstappen hoort kraken in de sneeuw.

Na de lockdown gelden nog altijd strenge regels. Disco’s en après-skikroegen blijven dicht. Andere horeca sluit om 23.00 uur. Alleen gevaccineerde of genezen toeristen en Oostenrijkers zijn welkom in de horeca, hotels en skiliften. Een stoel in de horeca is verplicht. FFP2- mondkapjes, die veel beter filteren dan onze blauwe, zijn overal vereist, ook in de skilift. Er wordt streng gecontroleerd. De kersverse bondskanselier Karl Nehammer dreigt met gedwongen terugbetaling van alle staatssteun, als er toch wordt gehost en gezopen. Het land is er alles aan gelegen niet nóg een keer de infectiehaard en risee van Europa te zijn.

“Dat gaat niet gebeuren. Er is geen gevaar,” bezweert Dr. Aloïs Schranz. Hij was vorig jaar medisch adviseur in het crisisteam van de regering. “De omikronvariant? Je bent in de buitenlucht. En alleen gevaccineerden zijn welkom.” Schranz runt privéklinieken in Imst, Sölden en Mayrhofen. “Gespecialiseerd in skiongelukken. Gebroken benen, schouders, polsen, dat doen wij. De Nederlandse skiër hoeft niet bang te zijn dat er geen plaats is in de reguliere ziekenhuizen vanwege corona. Ook huisartsen kunnen eenvoudige blessures, botbreuken en dergelijke behandelen.” Elk seizoen raken zevenduizend wintersporters ernstig gewond.

Gips

Schranz lacht, het einde van de lockdown is nabij. “Door de vaccins is alles anders. Mijn klinieken lagen vorig jaar vol coronapatiënten. Nu niet meer.” Als de gele kentekenplaten komen, stromen zijn gipsklinieken weer vol.

Of het virus met succes wordt buitengehouden is ongewis, want slechts 68 procent van de Oostenrijkers is volledig geimpft. Hoog in de Alpen moeten ze niets hebben van Pfizer, hoe Duits het ook klinkt. De lage vaccinatiegraad is toch een risico. “Dat willen we niet horen. Iedereen is nu blij,” zegt Benedikt Roos, manager van Mountain Hotel Luis. “De boekingen komen weer binnen. In de kerstperiode zitten we bijna vol!”

Meer over