PlusExclusief

Na de provincie Loehansk is Donetsk aan de beurt: ‘Iedereen leeft in de kelder’

Inwoners van Avdiivka, in de Donbas, ontvangen brood van een lokale hulporganisatie. Beeld Anadolu Agency via Getty Images
Inwoners van Avdiivka, in de Donbas, ontvangen brood van een lokale hulporganisatie.Beeld Anadolu Agency via Getty Images

Vanuit het oosten, noorden en zuiden vallen de Russen het deel van de Donbas aan dat nog in Oekraïense handen is. Een nieuwe golf vluchtelingen is het gevolg. ‘Het enige wat ik nog wil is dat mijn familie overleeft.’

Michiel Driebergen

Ondanks de explosies buiten ligt de kleine Kostja prinsheerlijk te slapen op de stretcher in de kerkzaal. Zijn moeder, Vera Sjoeklina, zit aan zijn voeteneind en wiegt voortdurend heen en weer. Ondertussen kijkt ze paniekerig om zich heen. “Ik hoop dat ze ons hier wat te eten geven. Weet u dat misschien?” vraagt ze.

Nu de Russen de provincie Loehansk hebben veroverd, richten ze zich op de provincie Donetsk. Dat is te horen in Bachmoet, een van de laatste bolwerken van de Oekraïners in de Donbas, zoals de twee regio’s samen heten. Rondom klinkt het geluid van inkomende artillerie en uitgaand vuur. “Aha, u bent journalist. Denkt u dat we snel zullen vertrekken? Ik ben bang,” zegt de vrouw, terwijl ze naar haar eenjarige zoontje kijkt – intussen blijft ze wiegen. “Ik vrees dat ik straks geen borstvoeding meer heb. Wat moet ik dan?”

Het gezin van Vera Sjoeklina, dat bestaat uit moeder, zoon en twee dochters, kwam een half uur eerder aan in het gebouw van een pinkstergemeente in Bachmoet. Ze zijn hierheen geëvacueerd vanuit Novoloehanske, een dorp op zo’n 25 kilometer ten zuidoosten. Ze werden afgezet in een kerkgebouw in de Donbas, waar op het moment even niemand is om de vluchtelingen bij te staan.

Bij Novoloehanske proberen de Russen een doorbraak te forceren, om zo vanuit het zuiden op te trekken richting Bachmoet, Kramatorsk en Slovjansk – de belangrijkste steden van Donetsk die nog in Oekraïense handen zijn.

Anderhalve maand in de kelder

Het gezin heeft anderhalve maand in een kelder overleefd, vertelt Vera Sjoeklina. En kroop daar pas deze ochtend uit. “Acht jaar lang leefden we met beschietingen. Acht lange jaren. Nu had ik de kracht niet meer.” Ze wrijft over de beroete mouwen van haar T-shirt. “We vertrokken tijdens het bombardement – heb je je handen gewassen?” vraagt ze haar 9-jarige dochter Tatjana. “Mam, je zei dat we hier konden douchen,” zegt zij. “Blijkbaar kan dat hier niet,” antwoordt moeder verontschuldigend.

Het gezin arriveerde met een tiental andere vluchtelingen. Een van hen, een forse vrouw met een harde stem, belt een kennis. Ze vertelt welke dorpsgenoten er allemaal dood zijn: de kapper, de buurman op de hoek, enzovoort. Een bejaard echtpaar zit ineengedoken naast elkaar op de houten stoeltjes van de kerkzaal. Hij vertelt hoe hoog de hoop as was die van hun flat is overgebleven: tot kniehoogte, gebaart de man, en hij blijft dat maar herhalen. De paar spulletjes die ze nog hebben, werden meegegeven door dorpsbewoners, vertelt de vrouw.

Dinsdag circuleerden in de media beelden van een brand in de elektriciteitscentrale van Voegledar, dat naast Novoloehanske ligt. “Iedereen leeft in de kelder,” zegt Vera Sjoeklina. Gelegenheid om voedsel in de moestuin te verbouwen is er niet. “Soms kwamen we boven de grond, en dan zagen we dat alles verpieterd was.” Haar moeder wist af en toe soep te maken van de restanten van vorig seizoen.

Verbinding was er ook niet, en dus ontbrak het aan informatie. “Ik heb geen idee. Het is er oorlog,” antwoordt Vera Sjoeklina op de vraag of Novoloehanske inmiddels in Russische handen is. “Het interesseert me niet. Het enige wat ik nog wil is dat mijn familie overleeft.”

Russen schieten blindelings raketten af

Intussen roepen de autoriteiten van de regio Donetsk de bewoners dringend op de regio te verlaten. Volgens de gouverneur, Pavlo Kierilenko, zijn er nog 350.000 mensen achtergebleven. De Russen schieten ‘chaotisch, zonder specifiek doel’ raketten af op Kramatorsk, zegt hij. “De bedoeling is om woonwijken te raken.”

De burgemeester van Slovjansk rept van ‘zware beschietingen’. Dinsdag werd in die stad een markt geraakt, waarbij zeven mensen gewond raakten en een vrouw om het leven kwam. In Kramatorsk zijn de inslagen inderdaad hoorbaar; de rookwolken boven de skyline van Slavjansk getuigen van hevige gevechten. “Als er minder bewoners zijn, kunnen we ons concentreren op de vijand,” aldus de gouverneur.

“We hoopten nog op vrede. Dat ze het met elkaar eens zouden worden en dat de stilte zou terugkeren,” antwoordt Vera Sjoeklina op de vraag waarom ze zo lang bleef. Ook wilde ze haar ouders niet in de steek laten. “Waar zouden we heen moeten,” hadden die gezegd. “Niemand heeft ons nodig. Jij bent jong, jij kunt werken.” De zorgen om de gezondheid van de kinderen gaven voor Vera Sjoeklina de doorslag om te vertrekken.

Kinderen met ijsjes

“Mama, gaan we nou naar de winkel,” vraagt de negenjarige Tatjana , als ze ziet hoe een paar andere kinderen met ijsjes rondlopen. “We moeten nog ver,” antwoordt Vera Sjoeklina. “Als niemand ons wegbrengt, hebben we geld nodig.” Ze wil naar het West-Oekraïense Vinnitsja, waar haar zus eerder naartoe vluchtte. “Misschien weet u of daar een flat is? Een plek om te wonen?”

Dan krijgen de uitgehongerde vluchtelingen eindelijk eten. De oudste dochter van Sjoeklina, de vijftienjarige Masja, helpt opgelucht bij het dekken van de tafel. “Ze heeft haar school afgerond, maar haar diploma ging verloren,” zegt haar moeder, als ze wat bijgekomen is. “Ze studeerde zo ijverig.”

Als de groep vertrekt, in een busje van de kerk richting Kramatorsk, arriveren opnieuw twee gezinnen vanuit Novoloehanske. Op hetzelfde moment slaat er vrij dichtbij een raket in. Het gezelschap, dat de bombardementen juist was ontvlucht, haast zich weer de schuilkelder in.

De op de vlucht geslagen Vera Sjoeklina, haar dochter Tatjana (9) en zoontje Kostja (1) Beeld Michiel Driebergen
De op de vlucht geslagen Vera Sjoeklina, haar dochter Tatjana (9) en zoontje Kostja (1)Beeld Michiel Driebergen