PlusReportage

Lego breekt zich het hoofd: hoe kan dat plastic blokje milieuvriendelijker?

Wat als je hele imperium op milieuvervuilend plastic is gebouwd? Speelgoedfabrikant Lego moet op zoek naar een alternatief voor het beroemde blokje. Verslag vanuit de fabriek in Billund.

Jurriaan Nolles
null Beeld EPA
Beeld EPA

Het is verboden om foto’s te maken in de kilometerslange productiehal, vertelt een van de fabrieksdirecteuren voor hij de deuren opent. Hij waarschuwt niks aan te raken, nergens tegenaan te leunen en vooral goed op te letten.

Tussen de honderden stampende machines die legoblokjes uitspuwen, bewegen zich immers zelfrijdende robotwagens die de plastic blokjes naar hun plek van bestemming brengen. Daarbij wensen ze niet gestoord te worden, weet de directeur, die een groep journalisten naar een groene deur leidt.

Daarachter maakt ’s werelds grootste speelgoedfabrikant zijn iconische blokjes met behulp van machines, grijparmen en kilometers aan plastic buizen waar grondstoffen doorheen stromen. Hoe dat ruikt? Naar verhit plastic.

Deze fabriek in het Deense dorpje Billund produceert elke dag 100 miljoen ‘elementen’, de bekende plastic blokjes, poppetjes en bouwplaten van Lego. Elders ter wereld staan nog drie van zulke plasticfabrieken van het Deense bedrijf, waar miljarden steentjes per jaar worden gemaakt. Er waren tijden dat het bedrijf daar trotser op was dan tegenwoordig het geval is: al dat milieubelastende plastic, is dat nog wel van deze tijd?

Omzetrecord

Lego heeft de ambitie om voor 2030 alle producten en verpakkingen te laten maken van duurzame materialen. Daarmee staat het bedrijf, dat dit jaar zijn negentigste verjaardag viert, voor de grootste uitdaging in zijn geschiedenis.

Aan het huidige blokje, dat na de eerste versie uit 1949 in 1958 de ‘klik’-variant kreeg, heeft het bedrijf alles te danken. Nog altijd kopen miljoenen kinderen (en zeker ook volwassenen) legosets. Geholpen door coronaverveling en lockdowns behaalde het bedrijf in 2020 en 2021 record na record. De omzet steeg vorig jaar met 27 procent naar 7,2 miljard euro. De nettowinst kwam uit op bijna 1,8 miljard. Daarmee is Lego een van de meest succesvolle bedrijven ter wereld.

Op de campus in thuishaven Billund staat een enorm gebouw van glas met twee reusachtige gele legostenen op het dak. Binnen hebben Mike Psiaki en Milan Madge, twee bebaarde ingenieurs, plaatsgenomen. Zij hebben hun kinderdroom verwezenlijkt door aan legosets te werken. Het is awesome om de nieuwe sets te ontwerpen, vertellen ze, en dat met hetzelfde blokje als 64 jaar geleden.

Psiaki, op serieuze toon: “Het allerbelangrijkste aan een blokje is z’n clutch power.” Voor dat woord is geen echte Nederlandse vertaling voorhanden, of het zou ‘koppelkracht’ moeten zijn. Maar het heeft alles te maken met de unieke eigenschappen van een legoblokje, waardoor een volgens de lego-ingenieurs haast volmaakte verbinding ontstaat tussen twee op elkaar gedrukte steentjes.

Aardolie

Met behulp van de buisjes aan de onderkant, zijn twee blokjes elastisch genoeg om het ene steentje in het andere te laten passen, maar het materiaal springt ook weer terug naar zijn originele vorm als je ze uit elkaar haalt, zonder daarbij aan stevigheid in te boeten.

Of, zoals Madge het zegt: “Het is sterk genoeg om een ruimteschip door de kamer te laten vliegen, maar soepel genoeg om hem snel weer uit elkaar te halen om iets nieuws te maken.”

Dat is allemaal te danken aan het type plastic dat voor de meeste blokjes wordt gebruikt, namelijk acrylonitril-butadieen-styreen (ABS), ook dat is in ruim zestig jaar onveranderd gebleven. Maar juist dit type plastic zit in het verdomhoekje. Voor 1 kilo van dat plastic is 2 kilo aardolie nodig. Daarmee is de belangrijkste grondstof volledig afkomstig uit fossiele industrie.

Duurzaamheidsexperts

Om van het milieubelastende plastic af te komen, heeft Lego een compleet team opgetuigd met duurzaamheidsexperts. Er worden miljoenen euro’s in onderzoek gestoken. De ultieme vraag: hoe kom je tot volwaardig bioplastic recept, dat aan alle vereisten voldoet. Het moet jarenlang meegaan, honderden wasbeurten kunnen doorstaan, geen kleur verliezen en het gewicht van een vloekende ouder kunnen weerstaan die op een blokje is gestapt.

“Dat is geen makkelijke opdracht,” zegt Karin Molenveld, onderzoeker bij Wageningen Food and Biobased Research. Niet alleen Lego maakt gebruik van ABS, ook producenten van telefoon onderdelen, auto-onderdelen en stofzuigers kunnen nauwelijks zonder het oersterke ouderwetse plastic.

Molenveld: “Iedereen is ernaar op zoek, maar alternatieve grondstoffen zijn schaars. En het is nog maar de vraag of het nieuwe plastic even lang kan meegaan als het oude plastic.”

Gerecyclede petflessen

In Billund staat Tim Brooks, de man die Lego moet verduurzamen, de journalisten te woord. Op het podium, even buiten het kantoor van Psiaki en Madge, haalt hij een grijzig legosteentje uit zijn binnenzak. Enigszins verontschuldigend zegt hij: “Het is nog een saai kleurtje.” Lego verwacht veel van dit blokje, een prototype, gemaakt van gerecyclede petflessen. Het zou per steentje een CO₂-reductie van 20 tot 50 procent kunnen betekenen.

Met gerecyclede petflessen denkt Lego voor het eerst een waardig alternatief te hebben voor het nu gebruikte plastic.  Beeld LEGO
Met gerecyclede petflessen denkt Lego voor het eerst een waardig alternatief te hebben voor het nu gebruikte plastic.Beeld LEGO

Lego sprak in 2015 de belofte uit om in 2030 geen enkel vervuilend plastic blokje meer te verkopen. Nu is het aandeel duurzame steentjes pas een paar procent. Het bedrijf kan inmiddels wel buigzame boompjes en bijvoorbeeld vishengeltjes van suikerriet maken, maar dat materiaal is niet sterk genoeg om de echte blokjes te produceren.

Bovendien zijn die onderdelen maar een fractie op de totale productie. “We moeten een flinke berg overwinnen,” zegt Brooks. Hij zag de voorbije jaren tal van materialen voorbijkomen, maar de steentjes klikten niet goed op elkaar. Of, om in legotermen te blijven. “De clutch power was niet op orde. Na veiligheid is dat voor ons het belangrijkst.”

Met gerecyclede petflessen denkt Lego voor het eerst een waardig alternatief te hebben. Veilig omdat het door de voedingsindustrie al is goedgekeurd en relatief gemakkelijk te verwerken omdat drinkflessen niet worden vermengd met ander plastic.

“Pet is de meest gerecyclede kunststof van het moment,” zegt ook de Wageningse onderzoeker Molenveld. “Het is van hoge kwaliteit en daarmee geliefd. Maar er is wel een flink nadeel: er is een groot tekort, het is zeker geen oneindige bron.”

Milieu-impact

Onderzoeker Molenveld raadt legoliefhebbers niet aan om gelijk alle bouwstenen uit het raam te kieperen. “Omdat je er zo lang mee kunt doen, valt de milieu-impact over de gehele levensduur wel mee. Over wegwerpplastic moeten we ons eigenlijk meer zorgen maken.”

Ze wijst erop dat in de allereerste jaren Lego werd gemaakt uit natuurlijke grondstoffen, cellulose, uit houtpulp of katoen. “Het is vervangen omdat het minder lang meeging dan ABS.”

Volgens Molenveld komen er langzaamaan wat minder belastende alternatieven, maar deze zijn nog in ontwikkeling en het is onduidelijk of ze aan de hoge eisen van Lego kunnen voldoen. “Een heel andere vraag is of cellulose, van houtpulp of katoen, na al die jaren verbeterd kan worden om het toch geschikt te maken.”

Bakermat Billund

Het epicentrum van het succes bevindt zich nog altijd op de plek waar het negentig jaar geleden begon: in het dorp Billund, met ruim 6500 inwoners in het zuiden van Denemarken. Volgens de bakkersvrouw van het dorp was hier zonder Lego ‘helemaal niks geweest, enkel wat koeien’, nu is dat wel anders. Legoland is er, een legomuseum, legowinkels en vooral veel toeristen met volle gele tassen.

Het bedrijf heeft eigen historici in dienst. Grondlegger Ole Kirk Christiansen was in de jaren 20 een goed aangeschreven timmerman die alle stallen rond Billund maakte. In de jaren 30 verloor hij zijn werk, en specialiseerde hij zich in het maken van houten speelgoed. In 1934 startte hij zijn bedrijf, dat hij de naam Lego gaf. ‘Leg Godt’ betekent ‘speel goed’. Na de oorlog legde hij zich toe op plastic, omdat hij amper nog aan betaalbaar hout kon komen. Zijn eerste machine kostte hem een volledige jaaromzet, maar het bleek de opmaat voor een succesvol bedrijf.

Zoon Godtfred Christiansen bedacht het legoblokje. Eerst zonder het bekende kliksysteem, waardoor je alleen kon stapelen en niet bouwen. Nog altijd zit een nazaat van Christiansen in de top van het bedrijf.

Pas sinds de creatie van het plastic blokje werd Lego een wereldwijd succes. Er kwamen spellen, films, samenwerkingen met Star Wars, Adidas en Friends. Het blokje is onveranderd gebleven. Lego claimt dat de huidige steentjes nog steeds passen op de blokjes uit 1958.

De huidige directeur Kjeld Kirk Kristiansen (rechts) in 1952, met zijn zusjes Hanne (links) en Gunhild. Beeld Reuters
De huidige directeur Kjeld Kirk Kristiansen (rechts) in 1952, met zijn zusjes Hanne (links) en Gunhild.Beeld Reuters
Meer over