IPCC-klimaatrapport: Het hoeft niet allemaal minder, maar wel totaal anders

Het hoeft niet per se allemaal minder, maar als we de gevolgen van klimaatverandering beheersbaar willen houden, moet in een mensenleven wel veel anders. En het kan nog net. Dat is, kort samengevat, de boodschap van het IPCC-rapport dat maandag is uitgekomen.

Hans Nijenhuis
De wetenschappers benadrukken dat het belangrijk is fossiele brandstoffen te vervangen door hernieuwbare energie.  Beeld Getty Images
De wetenschappers benadrukken dat het belangrijk is fossiele brandstoffen te vervangen door hernieuwbare energie.Beeld Getty Images

Wetenschappers van over de hele wereld hebben voor de zesde keer sinds 1990 op een rij gezet wat er aan nieuwe kennis is verworven over klimaatverandering. Deel één van dit zesde rapport verscheen in augustus en ging over de oorzaken, deel 2 vorige maand ging over de gevolgen en maandag verscheen deel drie over te nemen maatregelen.

Overigens schrijven de wetenschappers die maatregelen niet voor, ze zetten mogelijkheden op een rij. Omdat dit soms dicht bij elkaar ligt duurde het vaststellen van de samenvatting voor beleidsmakers dit jaar langer dan ooit: de presentatie van het rapport moest er zelfs een halve dag voor worden uitgesteld. Ontwikkelingslanden willen niet te beperkt worden in hun mogelijkheden tot economische ontwikkeling, vlees producerende landen maakten bezwaar tegen een term als ‘plantaardig dieet’, maar het rapport zoals het er nu ligt is uiteindelijk wel aanvaard door bijna alle landen van de wereld.

Hoe staat die wereld ervoor?

Hoe staat die wereld ervoor? Het doel om de opwarming te beperken tot 1,5 graad ten opzichte van het pre-industriële niveau, zoals vastgesteld in Parijs in 2015, raakt uit het zicht, stelt het IPCC. Het is gemiddeld al 1,1 graad warmer, als de mens niets doet loopt het eind deze eeuw op tot 5 graden. Met het huidige beleid kan de opwarming beperkt worden tot 3,2 graden, maar ook dat zou betekenen dat flinke delen van de wereld onleefbaar worden.

Om op relatief veilige 1,5 graden te blijven moet de mondiale uitstoot rond 2030 bijna gehalveerd zijn en rond 2050 naar nul. Daarna zouden nog grote hoeveelheden CO2 uit de atmosfeer moeten worden gehaald, door het planten van bomen en door technische oplossingen die nu vaak nog in de kinderschoenen staan.

Intussen is in de jaren 2010-2019 de uitstoot van broeikasgassen meer toegenomen dan in welk decennium daarvoor ook, schrijft het IPCC. Dat wil niet zeggen dat al genomen klimaatmaatregelen geen effect hadden: De relatieve groei in emissies is in 2010-2019 wel af. Wereldwijd nam de uitstoot per verdiende euro, de zogenoemde energie-intensiteit, af. In een aantal rijke industrielanden nam de uitstoot zelfs in absolute zin af.

Maar de economie wereldwijd groeide zo hard dat de totale uitstoot ondanks al die maatregelen toch is toegenomen. Het rapport concludeert: het huidige klimaatbeleid is volstrekt onvoldoende. Om onder de 1,5°C opwarming te blijven zal de mens, veel sneller dan nu gebeurt, moeten stoppen met het verbranden van kolen, olie en gas.

Verregaande transformatie nodig

Nodig is een verregaande transformatie van belangrijke economische sectoren. “Het is niet voldoende om, zoals nu gebeurt, op zoek te gaan naar de goedkoopste manier om de uitstoot te verminderen, er is echt een systeemverandering nodig,” zegt Heleen de Coninck, een van de vijf Nederlandse onderzoekers die aan het rapport hebben bijgedragen. Zij is hoogleraar aan de Technische Universiteit Eindhoven en aan de Radboud Universiteit Nijmegen. “We moeten ons anders gaan gedragen.”

Ze geeft als voorbeeld transport. “Het is niet genoeg om de 8 miljoen auto’s die nu in Nederland rijden te vervangen door 8 miljoen elektrische auto’s. De productie daarvan levert namelijk ook weer uitstoot op.” In plaats daarvan moet het automatisme om in de eigen auto te stappen verdwijnen. “Wat kunnen we lopen, fietsen, steppen, met een deelauto? Hoe kunnen we onze goederen anders vervoeren? Dit heeft grote gevolgen hoe je je steden inricht, en in wat voor infrastructuur je investeert.”

Het is maar één voorbeeld, en het kan, mits regeringen radicale besluiten durven te nemen. “De helft van de huizen die in 2050 in de wereld staan, moet nog gebouwd worden,” zegt De Coninck. Ze ziet tal van goede voorbeelden in woonwijken over de hele wereld, “maar we moeten voorkomen dat nieuwe steden die ontstaan toch weer auto steden worden.” Dat wil dus niet per se eggen: minder reizen. Wel: anders reizen.

‘Niemand wil gekke Henkie zijn’

Het rapport wijst op het belang van innovatie, de haalbaarheid van maatregelen en gedragsaspecten. Onderzoek wijst uit dat mensen meer bereid zijn tot veranderen dan de overheid vaak denkt. “Beleidsmakers gaan ervan uit dat mensen vooral worden gedreven door geld, maar mensen willen best het goede doen, mits ze niet het gevoel hebben dat ze dat als enige doen,” zegt De Coninck. “Niemand wil gekke Henkie zijn.” En mag het wat makkelijker? “De overheid kan wel subsidieregelingen open stellen voor het verduurzamen van je huis, maar je moet van goede huize komen om alle formulieren te snappen.”

Sinds Rusland Oekraïne is binnengevallen gaan er ook stemmen op om maar even pas op de plaats te maken met de energietransitie. “Dat is een logische reflex, maar niet wetenschappelijk onderbouwd,” zegt ze. Er zijn nu grote zorgen over graanleveranties uit Oekraïne. “Maar het probleem is niet dat in de wereld onvoldoende vruchtbare landbouwgrond is. Het probleem is dat driekwart daarvan wordt gebruikt voor de productie van veevoer.”

De uitstoot van broeikasgassen is het afgelopen decennium verder toegenomen, al is het groeitempo wel afgevlakt. Het is cruciaal om de aarde niet meer te laten opwarmen dan 1,5 graden Celsius vergeleken met de gemiddelde temperatuur vóór de industrialisatie, benadrukt het IPCC. ‘Aanvullend en direct ingevoerd’ klimaatbeleid is nodig, zeggen de wetenschappers. Bij ongewijzigd beleid zal de aarde in het jaar 2100 ongeveer 3,2 graden warmer zijn.

Milieuorganisaties: Klimaatactie kan niet wachten

Bedrijven moeten ‘vergroenen of verdwijnen’ en de politiek moet veel harder ingrijpen om opwarming van de aarde tegen te gaan, zeggen milieuorganisaties in reactie. Ze zien daarin opnieuw een bevestiging van hun overtuiging dat meer klimaatactie nodig is om de planeet leefbaar te houden, met een temperatuurstijging die onder de 1,5 graad blijft ten opzichte van pre-industriële tijden.

“We zitten midden in de kritiek jaren, want als we de klimaatdoelen binnen bereik willen houden moet de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen in 2030 zijn gehalveerd,” verwijst Greenpeace naar een van de belangrijkste conclusies. Volgens de organisatie laat het IPCC zien dat de oplossingen voorhanden zijn.

“De klimaatwetenschap is glashelder: er moet ontzettend veel gebeuren,” reageert Milieudefensie. Het rapport ‘bevestigt opnieuw de verantwoordelijkheid van zowel de politiek als het bedrijfsleven’. Milieudefensie probeert al langer dertig grote bedrijven die veel broeikasgassen uitstoten te bewegen tot hogere klimaatambities. De organisatie won in 2019 een rechtszaak hierover tegen Shell. Met de uitspraak van de Haagse rechtbank in de hand hebben directeur Donald Pols en zijn medewerkers vervolgens 29 andere grote bedrijven verzocht voor 15 april met een ‘ambitieus klimaatplan’ te komen. Daaronder zijn bijvoorbeeld ING, Schiphol, Ahold en Unilever.

De politiek zou volgens Milieudefensie ook een ‘klimaatplicht’ voor bedrijven moeten invoeren. Overheidsgeld zou vooral moeten gaan naar het isoleren van huizen, meer openbaar vervoer en steun voor verduurzaming aan mensen met lagere inkomens.