PlusReportage

In Boston komen ze vijf jaar na brexit handen tekort

Driekwart van de bevolking van het Engelse Boston stemde in 2016 voor de brexit. Ruim vijf jaar later kan de stad nauwelijks werknemers vinden om de economie draaiende te houden.

Geert Langendorff
Beeld van Boston tijdens de overstroming van begin dit jaar. Beeld AP
Beeld van Boston tijdens de overstroming van begin dit jaar.Beeld AP

Iga Paczkowska maakt zich in haar kantoor aan West Street in Boston zorgen over de toekomst van haar adviesbureau voor Poolse immigranten. Haar landgenoten maken geen afspraken meer om hulp te krijgen bij het invullen van formulieren of het vertalen van brieven van officiële instanties. Sinds brexit komen ze vrijwel alleen langs voor assistentie bij de voorbereidingen op een terugkeer naar hun vaderland.

“Je kan het ze moeilijk kwalijk nemen,” vertelt Paczkowska. “Het referendum in 2016 was een klap in ons gezicht. Zeven van de tien inwoners van Boston stelde geen prijs meer op onze aanwezigheid.” Geen regio in het Verenigd Koninkrijk overtrof de massale afkeer tegen immigranten uit de Europese Unie van de lokale bevolking van de marktstad in Lincolnshire. De proteststem kwam met een prijs.

De agrarische streek leunt sinds de middeleeuwen op buitenlanders om de oogst van het land te halen. Ieren, Hongaren en Portugezen braken hun rug bij het binnenhalen van aardappelen, aardbeien en bloemen. Toen in mei 2004 acht Oost-Europese landen bij de EU kwamen, rekruteerden boeren massaal landarbeiders uit Polen. Bezuinigingen, een woningcrisis en een gebrek aan goed betaald werk deed de stemming omslaan.

Misdaad en moorden

Boston geeft inzicht in de elementen die leidden tot xenofobie. In de nationale statistieken voert de plaats in Oost-Engeland de laatste twee decennia de verkeerde lijsten aan. Vetzucht, misdaad en moorden concentreren zich disproportioneel binnen de stadsmuren. Boston geldt als de minst geïntegreerde plek van het land. De eens fraaie winkelstraat oogt desolaat. De beroemde markt bestaat nog maar uit vier of vijf kramen.

Het massale vertrek van Europese gastarbeiders valt op bijna elke winkelruit te lezen. Vrijwel alle ondernemingen zoeken tevergeefs naar personeel. Uitzendbureaus verzamelen stof. Bij Invicta Recruitment, uitgestorven, hebben medewerkers zelfs een spreekverbod gekregen. “brexit treft ons enorm zwaar,” vertelt de manager op anonieme basis. “We kunnen niemand bereid vinden om het land op te gaan.”

Paczkowska spreekt van een domino-effect. Polen verlieten Boston in drie fases. “Direct na het referendum uit verontwaardiging,” legt ze uit. “Uit vrees voor hun toekomst. Kan ik in 2021 hier nog blijven wonen? De laatste golf wordt gevoed door de economische voorspoed in Polen. De financiële voordelen van het lidmaatschap van de EU zijn verdwenen. Velen zien geen reden meer om te blijven.”

In het centrum wijst Melvin Stanhope (63) met afgrijzen in zijn stem op de afgebladderde panden. “Vreselijk,” moppert hij. “Eens was Boston een geweldige stad. Moet je nu kijken. Niets meer van over. Tegen Polen heb ik niets. Heel harde werkers. Maar de Bulgaren en de Roemenen spreken geen woord Engels.” Stanhope overdrijft niet. Bakkers, kruideniers en kledingzaken maken gebruik van Google Translate om te communiceren met hun klandizie.

Noodkreet

De heftruckchauffeur geeft toe dat zijn stem voor de brexit een noodkreet was. “Onze regio is uitgeknepen door Westminster na de financiële crisis.” In Maud Foster Mill, een historische molen, haalt mede-eigenaar Richard Pennington zijn schouders op. “Ik stemde voor de EU, maar ik snap de onvrede. De middenklasse trok weg, toen de immigranten kwamen. Oost-Europeanen namen hun plek in.”

Paczkowska wijst op de ironie van de situatie. Zo lang Britten weigeren de vacatures in te vullen, dreigt Boston verder af te glijden. “En de lonen moeten flink omhoog om Polen warm te krijgen.”

Pennington denkt dat alleen miljardair James Dyson, uitvinder van de zakloze stofzuiger en een hardnekkige brexiteer, het arbeidstekort kan opvangen. “Hij werkt aan oogstrobots. Die kunnen het wegjagen van de immigranten opvangen.”