Iconische foto ‘napalmmeisje’ is vandaag 50 jaar oud: ‘Fotograaf redde mijn leven’

De Vietnamoorlog is door de jaren heen onlosmakelijk verbonden geraakt met het schrijnende beeld van het naakte, rennende meisje, bij wie de napalm op haar huid plakt. “Te heet, te heet!” schreeuwt Kim Phuc. Oorlogsfotograaf Huynh Cong ‘Nick’ Ut van Associated Press (AP) drukte af, en redde haar leven. Dat is vandaag 50 jaar geleden.

Joeri Vlemings
Napalm werd in 1942 ontwikkeld. Het is benzine, waaraan een verdikkingsmiddel is toegevoegd. Het vertraagt de verbranding van benzine en wordt voornamelijk gebruikt in brandbommen. Napalm veroorzaakt ernstige brandwonden bij mens en dier. Beeld AP/Nick Ut
Napalm werd in 1942 ontwikkeld. Het is benzine, waaraan een verdikkingsmiddel is toegevoegd. Het vertraagt de verbranding van benzine en wordt voornamelijk gebruikt in brandbommen. Napalm veroorzaakt ernstige brandwonden bij mens en dier.Beeld AP/Nick Ut

8 juni 1972. De 9-jarige Phan Thi Kim Phuc is met andere kinderen aan het spelen bij de tempel van het Zuid-Vietnamese dorpje Trảng Bàng, zo’n 45 kilometer ten noordwesten van Saigon. Plots hoort ze het oorverdovende lawaai van een vliegtuig. Dan explosies en rook. Ondraaglijke pijn. Kim rent weg, maar de napalm kan ze niet ontlopen. Vandaag is Kim Phuc al vijftig jaar over de hele wereld bekend als het ‘napalmmeisje’. Door die ene iconische foto die fotograaf Nick Ut van haar nam waarop je de ontreddering en de pijn van het meisje bijna vóelt. Ut kreeg de Pulitzerprijs voor zijn foto, die wereldwijd de voorpagina's van de kranten haalde. De foto kreeg de titel The terror of war (oorlogsterreur) mee, maar is bekender als Napalm girl (napalmmeisje).

Eenvoudig leven

Kim Phuc had het best goed in haar dorp, tot die afschuwelijke dag van het bombardement, uitgevoerd door Zuid-Vietnamese bommenwerpers. Bedoeling was de Viet Cong en Noord-Vietnamese troepen uit te schakelen, maar ook de nog in Trảng Bàng achtergebleven eigen Zuid-Vietnamese burgers werden geraakt.

‘Volgens mijn moeder lachte ik veel als klein meisje,’ schrijft ze in The New York Times. ‘We hadden een eenvoudig leven met meer dan voldoende voedsel omdat mijn familie een boerderij bezat en mijn moeder het beste restaurant van het dorp runde.’ Kim Phuc ging graag naar school en speelde vaak samen met haar nichtjes en neefjes en met de andere kinderen van het dorp. De vier napalmbommen die op 8 juni 1972 op Trảng Bàng vielen, lieten dat leventje definitief in rook opgaan.

Veel vragen rond de foto

Ook de foto zelf zou het leven van Kim Phuc voorgoed veranderen. Ze haatte de foto toen ze opgroeide. ‘Ik ben er een klein meisje, naakt. Waarom nam hij die foto? Waarom beschermden mijn ouders mij niet? Waarom drukte hij die foto af? Waarom was ik het enige naakte kind, terwijl mijn broers en nichtjes op de foto hun kleren nog aanhadden? Ik voelde mij lelijk en beschaamd.’

‘Maar hij redde ook mijn leven’, schrijft Phuc verder in haar brief in de The New York Times over de fotograaf. ‘Nadat hij de foto had genomen, legde hij zijn camera neer, wikkelde me in een deken en bracht me weg voor medische hulp. Ik ben hem eeuwig dankbaar.’

De kleren van het meisje waren weggebrand en ze liep op Ut af. ‘Toen schreeuwde ze tegen haar broer dat ze dacht dat ze doodging en water wilde’, schrijft de fotograaf in The Washington Post. ‘Ik legde onmiddellijk mijn camera’s neer zodat ik haar kon helpen. Ik wist dat dat belangrijker was dan nog meer foto’s maken. Ik nam mijn veldfles om haar te laten drinken en goot water over haar lichaam, maar dat veroorzaakte nog meer pijn. Ik wist niet dat als mensen zo erg verbrand zijn, je er geen water op mag doen.’ Nog in shock, reed Ut met alle kinderen in zijn busje van AP naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis. “Ik ga dood, ik ga dood,” bleef het meisje uitschreeuwen. Ut dacht dat ze in het busje zou sterven.

Mortuarium

Ook de dokters in het ziekenhuis gaven haar geen kans om te overleven en wilden haar zelfs niet opnemen. Ze legden haar in het mortuarium. ‘Ik toonde hen mijn perskaart en zei: “Als een van hen sterft, zorg ik ervoor dat de hele wereld het weet.”’ Toen brachten ze Kim Phuc naar binnen. ‘Ik heb nooit spijt gehad van die beslissing’, schrijft de fotograaf. Kim bracht ongeveer een jaar in het ziekenhuis door. Ze overleefde, maar twee van haar neefjes niet, en haar broer raakte zwaargewond.

Kim Phuc is inmiddels 59 en ze is er in New York bij om de vijftigste verjaardag van de iconische foto te vieren. Phuc liep over een derde van haar lichaam derdegraads brandwonden op, met intense en chronische pijn als gevolg. Ze schaamde zich voor haar littekens en misvormingen en probeerde ze te verbergen onder haar kleren. ‘Ik had afschuwelijke angsten en depressies. Kinderen op school deinsden voor me terug. Ik was een figuur om medelijden mee te hebben voor de buren en, tot op zekere hoogte, ook voor mijn ouders. Ik vreesde dat niemand ooit van me zou houden.’

Door de foto werd Phuc vaak gevraagd voor interviews en voor ontmoetingen met hoogwaardigheidsbekleders zoals leden van koninklijke families en regeringsleiders. Het beeld van haar en de andere kinderen werd een symbool voor de wreedheden van de oorlog. Dat wou Kim Phuc niet. ‘Wij zijn geen symbolen, wij zijn mensen.’

Stichting opgezet

Pas toen ze als volwassene in 1992 naar Canada uitweek, vond Phuc eindelijk rust. Ze richtte een stichting mee op om kinderen die het slachtoffer zijn van oorlog en geweld, medische en psychologische hulp te bieden. Vandaag ziet Phuc parallellen met de Russische oorlog in Oekraïne, maar ook - ‘op een andere manier’ - met de dodelijke schietpartijen op Amerikaanse scholen. ‘We zien daar dan wel niet de lijken zoals in buitenlandse oorlogen, maar de aanvallen zijn het binnenlandse equivalent van oorlog.’

‘Ik ben nu dankbaar voor de kracht van de foto van mezelf als 9-jarig meisje en voor het traject dat ik als persoon heb afgelegd’, schrijft Kim Phuc in de The New York Times. Daar heeft ze naar eigen zeggen wel lang over gedaan. ‘Ik kan nu, 50 jaar later, zeggen dat ik blij ben dat Nick dat moment heeft vastgelegd, zelfs met alle problemen die dat beeld mij heeft bezorgd.’ Phuc behoudt ook het geloof in het goede van de mens. ‘Die foto zal altijd dienen als een herinnering aan het onuitsprekelijke kwaad waartoe de mensheid in staat is. Toch geloof ik dat vrede, liefde, hoop en vergeving altijd krachtiger zullen zijn dan om het even welk wapen.’

Nick Ut (nu 71) trad destijds in de voetsporen van zijn broer, Huynh Thanh My, die ook fotojournalist bij AP was. Maar Huynh stierf in 1965 tijdens het verslaan van de oorlog in Vietnam. “Ik hoop dat je ooit een foto kan maken die de oorlog stopt,” had zijn broer hem gezegd, schrijft Nick Ut in de The Washington Post. ‘Vandaag zeggen velen dat mijn foto het einde van de Vietnamoorlog heeft bespoedigd.’ Die bewering is gebaseerd op het feit dat na de publicatie van de foto in 1972, de Amerikaanse publieke opinie zich steeds feller tegen de oorlog in Vietnam keerde.

Kim Phuc trouwde in Cuba met Bui Huy Toan, een man uit het noorden van Vietnam. Het paar ging in 1992 op huwelijksreis naar Moskou en liep op de terugvlucht, tijdens een tussenstop, de grens over naar Canada. Ze waren er eerst niet welkom, maar ze kregen politiek asiel toen duidelijk werd dat zij het meisje van de beroemde foto was. Het koppel woont met hun twee kinderen nog altijd in Toronto. Phuc werkt als ambassadrice voor Unesco.

‘Ook al lacht ze altijd, ik zie haar pijn en wat we 50 jaar geleden hebben gezien en moesten doorstaan’, aldus Ut. ‘Tot op de dag van vandaag beschouw ik haar als familie. Ze noemt me oom en ik praat vaak met haar. Maar ik zal altijd de omstandigheden haten waarin we elkaar hebben ontmoet.’

Meer over