PlusReportage

De betogers tegen het peperdure treinstation van Stuttgart zijn inmiddels bejaard

De Zuid-Duitse stad Stuttgart wacht al sinds de jaren negentig op een nieuw treinstation. Een opeenstapeling van problemen remt de bouw van Stuttgart 21 telkens af. Inmiddels zijn de kosten door de meest recente tegenvaller ruim verdubbeld tot 9,15 miljard euro.

Guy Hoeks
Het bouwterrein van Stuttgart 21 biedt een ontoegankelijke aanblik.  Beeld NurPhoto via Getty Images
Het bouwterrein van Stuttgart 21 biedt een ontoegankelijke aanblik.Beeld NurPhoto via Getty Images

Mahnwache noemen ze het groene, houten huisje aan de overkant van het verouderde treinstation van Stuttgart, dat vanuit de vallei uitkijkt op de bebladerde wijngaarden van de Zuid-Duitse stad. Op een van de bergen blikkert de Fernsehturm, naar verluidt de oudste tv-toren van Duitsland, in de zon. De naam van het vorig jaar geplaatste huisje kan worden vertaald als ‘wake’, een verwijzing naar het ogenschijnlijk vreedzame protest tegen het omstreden infraproject Stuttgart 21, volgens tegenstanders een van de grootste misstanden uit de geschiedenis van de rijke stad.

Schwarze Donnerstag

Vreedzaam is het protest tegen de komst van het nieuwe treinstation niet altijd geweest. Bij een keiharde confrontatie in 2010 met door waterkanonnen bewapende agenten raakten 160 demonstranten gewond. Schwarze Donnerstag (zwarte donderdag) ging de boeken in als een van de donkerste dagen uit de moderne geschiedenis van Stuttgart. Een foto van een man die met bloedende ogen uit park Schlossgarten werd weggedragen groeide uit tot het symbool van het verzet.

De man met de bloedende ogen leeft nog maar is inmiddels op leeftijd, vertelt voormalig docent theologie Martin Poguntke. Zelf is hij 68, maar met zijn felblauwe ogen en aanstekelijk enthousiasme oogt hij een stuk jonger. Poguntke was twaalf jaar geleden ooggetuige van de onlusten. Sindsdien is hij een van de vaste woordvoerders van Kopfbahnhof 21, de protestgroep die al jaren pleit voor het opknappen van het huidige kopstation in plaats van het nieuwe Durchfahrtstation.

Bedreigde muurhagedis

Veel betogers van toen hebben inmiddels de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Al in 1994 werd de projectnaam Stuttgart 21 gemunt. Toen ontvouwden de topman van de Deutsche Bahn, de nationale verkeersminister en vertegenwoordigers van de deelstaat Baden-Württemberg en regio Stuttgart voor het eerst de plannen voor het nieuwe station. De bouwvergunning volgde pas in 2009. Kort daarna ging de eerste paal de grond in en werd de protestgroep opgericht.

Door vertragingen rezen de kosten de pan uit. Werden die dertien jaar geleden nog geschat op 4,5 miljard euro, Deutsche Bahn houdt de eindafrekening nu op 9,15 miljard. De meest recente tegenvaller van 950 miljoen euro komt door ‘enorme prijsstijgingen bij bouwbedrijven, leveranciers en grondstoffen’. De lijst met verdere beslommeringen is lang, vertelt Jan Dambach, woordvoerder van Deutsche Bahn in Stuttgart. “De jaar op jaar aangescherpte brandvoorschriften pakken elke keer duurder uit en we hebben de werkzaamheden van een tunnel anderhalf jaar moeten staken vanwege een bedreigd soort muurhagedis. Per reptiel zijn we 3000 tot 4000 euro kwijt.” De geplande opening van het nieuwe treinstation wordt vooralsnog op 2025 geraamd.

Slingerend pad

Met gezwinde pas beent Poguntke in marineblauw hemd en dito kleur spijkerbroek richting de enorme bouwput naast het huidige treinstation, de plek van de schermutselingen in 2010. Onderweg rammelt hij aan de bouwhekken, kijkt ietwat schichtig om zich heen en probeert een deur naar de bouwplaats open te trekken. Als dat mislukt vervolgt de kwieke zestiger het slingerende voetgangerspad langs het hek omhoog. Ondertussen somt hij op wat er allemaal mis is aan Stuttgart 21: te duur, milieuvervuilend, puur winstbejag en niet brandveilig. Hij stopt bij een hoger liggend punt en wijst naar de bouwput: “Alleen maar beton. Stuttgart ligt in een dal, we hebben overstromingen in heel Duitsland. Waar moet dat water naartoe?”

Dambach van Deutsche Bahn schudt zijn hoofd als hij de aantijgingen hoort. Hij lacht: “Natuurlijk is beton vervuilend, maar het is de enige manier om dit te bouwen.” Hij toont de 28 steunpilaren van het nieuwe station, architectonische hoogstandjes van de Duitse ontwerper Christoph Ingenhoven. Ze kunnen met kunststofdeeltjes koelte bewaren bij extreme hitte. Onder de pilaren lopen drie brede afwateringen, die het overtollige water bij hevig overstromingsgevaar af kunnen voeren.

Een bejaarde met een clownsneus

Dat Stuttgart 21 veel meer behelst dan een treinstation, wordt duidelijk aan de noordelijke zijde van het bouwterrein. Hier moet de gloednieuwe wijk Rosensteinquartier verrijzen, die het tekort van 22.000 woningen (op ruim 630.000 inwoners) deels moet oplossen. Deutsche Bahn verkocht de grond aan vastgoedontwikkelaars. Poguntke: “Het is geen verkeersproject, maar een vastgoedproject. Een project waarvan de vastgoedlui en andere bevriende lieden nog rijker worden.”

Onder toeziend oog van een bronzen beeld van de Duitse filosoof Friedrich Schiller hebben betogers zich verzameld voor de zoveelste demonstratie tegen Stuttgart 21. Dit is nummer 621, zegt Poguntke uit het blote hoofd. Elke maandagavond om 18.00 uur komt hij naar de Schillerplatz. Er speelt een bandje, ‘muzikaal genot’, aldus de presentator, die het publiek, voornamelijk babyboomers, probeert op te zwepen. Naast Schiller staat een bejaarde man met een geruite flatcap en een clownsneus op en een witte vlag in zijn hand houterig te dansen.

Doordat de demonstratie iets weg heeft van een stedelijk minifestival, geven de betogers in het eeuwenoude centrum van Stuttgart de indruk dat het hun niet alleen om het omstreden treinstation gaat. “Deze laatste drie bier zijn zo weg,” zegt een man die een winkelwagen vol bier voortduwt. Flyers van allerlei actiegroepen worden in de hand gedrukt, van Parkschützer (‘We redden de Schlossgarten’), theatergezelschappen (‘Wie zich niet weert, leeft verkeerd’) en het socialistische verzetskrantje Solidarität. In de menigte bevinden zich ook de vriendinnen Hanne en Gabriella. “Wij komen hier al twaalf jaar. Oh ja, het Stuttgart 21 is een mislukking, het is belangrijk om je stem te laten horen!”

Een rechter in Stuttgart moet bepalen hoe de extra kosten verdeeld worden. De grote vraag is: wie gaat de openstaande rekening van 4 miljard betalen? Deutsche Bahn schiet de miljarden voor, maar verwacht bij monde van woordvoerder Dambach dat anderen – overheid, deelstaat en stad – bijspringen. Poguntke weet zeker: “Wij, belastingbetalers, draaien uiteindelijk voor het meeste op!”

Stuttgart 21 is het absolute prestigeproject van de Zuid-Duitse stad. Het omvat vier nieuwe treinstations, 57 kilometer nieuw spoor, 59 kilometer bestaand spoor door 16 tunnels en in totaal 44 bruggen. Tegen 2025 moet het project af zijn, ruim dertig jaar na de aankondiging. Het moet voor betere verbindingen zorgen met luchthaven Stuttgart en internationaal treinverkeer met Frankrijk, Zwitserland en Oostenrijk versoepelen. Een directe treinverbinding met Nederland komt er niet.