PlusReportage

Acht jaar later liggen de inwoners van Slovjansk opnieuw onder Russisch vuur: ‘Een krankzinnige situatie’

De Russen moeten voorbij de Oost-Oekraïense stad Slovjansk, willen ze de Donbas veroveren. In 2014 werd de stad al tijdelijk bezet door gewapende milities, nu is het Russische leger in aantocht. ‘We zitten opnieuw in een krankzinnige situatie.’

Michiel Driebergen
Oekraïeners aanschouwen een gebombardeerd huis in Slovjansk. In 2014 werd de stad al tijdelijk bezet door gewapende milities, nu is het Russische leger in aantocht. Beeld Anadolu Agency via Getty Images
Oekraïeners aanschouwen een gebombardeerd huis in Slovjansk. In 2014 werd de stad al tijdelijk bezet door gewapende milities, nu is het Russische leger in aantocht.Beeld Anadolu Agency via Getty Images

Een vrouw staat in haar portiek met een hond aan de lijn. Ze luistert en kijkt nauwlettend rond. Iets verderop hangt een zwarte rookwolk boven de huizen, maar stil is het wel. Net als ze besluit het erop te wagen, klinkt er een explosie – ver weg, maar toch. Ze draait zich om en verdwijnt in de duisternis van de kelder. Haar huisdier moet het nog even ophouden.

Net als in 2014 ligt Slovjansk in de vuurlinie. Toen, acht jaar geleden, hielden door Rusland aangestuurde gewapende milities de stad drie maanden bezet. Nu nadert het officiële Russische leger. Slovjansk ligt al binnen schootsafstand van hun artillerie. De rookwolk is het resultaat van een beschieting van de centrale markt: de autoriteiten melden zeven gewonden, en de dood van een vrouw.

“Hoe gevaarlijk het is? Dat is lastig te zeggen,” aldus Pavel Ploezjnik. De 30-jarige bewoner van Slovjansk spreekt af bij de waterpomp die hij aanlegde in een woonwijk in het stadscentrum. Omdat de watervoorziening kapot is geschoten, zitten de bewoners zonder water, legt hij uit – om dan onmiddellijk te worden onderbroken door twee explosies, dichterbij nu. “Dit is uitgaand vuur," zegt hij, “maar als ze terugschieten kan het overal neervallen.”

Ondanks het schieten is het een komen en gaan van mensen bij de waterpomp. Ook zij houden scherp de omgeving in de gaten, terwijl ze zo veel mogelijk petflessen tot de hals vullen met water. Pavel Ploezjnik boorde een gat van twaalf meter diep, vertelt hij. Met behulp van een waterpomp tappen mensen grondwater om te drinken, te koken en te wassen. Mocht de elektriciteit uitvallen dan werkt het systeem handmatig, meldt hij trots. “De mensen verklaarden me voor gek. Maar het functioneert al een maand prima.”

MH17

Pavel Ploezjnik en de andere inwoners van Slovjansk zijn wel wat gewend. In april 2014 bezetten gemaskerde mannen het stadhuis en andere strategische gebouwen. “Het was krankzinnig. Plotseling verschenen overal mannen met wapens op straat. En alom propaganda.” De mannen, Russen en lokale bewoners, stonden onder leiding van de Russische legerveteraan Igor Girkin – tegen wie in de zaak rond MH17 levenslang is geëist. Ze riepen de Volksrepubliek Donetsk uit en maakten van Slovjansk hun hoofdkwartier.

Ploezjnik, geboren en getogen in Slovjansk, werkt als psycholoog maar werd opgeleid als elektromonteur. Dat is een typerende functie voor de industriestad, waar fabrieken machines produceren voor de chemische- en de kolenindustrie. Na de Majdanrevolutie in 2014, toen een regering aantrad die een Europese koers wilde varen, ontstond er onrust in de regio. Toch was van breed gedeeld separatisme geen sprake, zegt Pavel Ploezjnik. “Er bestaat het idee dat we de mannen met bloemen onthaalden. Dat is niet waar. Veel mensen wilden niets van ze weten.”

Twee weken na de bezetting viel de stroom uit, herinnert hij zich. Telefonie en internet verdwenen. “Er was geen nieuws, geen informatie, niets. Alleen propaganda over de Oekraïners die ons genadeloos beschoten.” ’s Nachts kwamen de zogeheten separatisten met artilleriegeschut naar de wijk van zijn ouders, om vandaar Oekraïense posities te bestoken, vertelt Ploezjnik. Om zich vervolgens uit de voeten te maken en de beantwoording van het vuren af te wachten.

‘Als het tijd is om te gaan, vertrek ik’

In juli 2014 verjoeg het Oekraïense leger de milities uit de stad; het zuidelijker gelegen Donetsk werd hun nieuwe hoofdkwartier en is ook nu nog onder Russische controle. In Slovjansk werd de schade hersteld en een nieuw park aangelegd. “De afgelopen acht jaar heb ik hier mijn leven opgebouwd. Ik kocht een flat, trouwde en kreeg kinderen,” vertelt Ploezjnik. “Nu zitten we opnieuw in een krankzinnige situatie.”

In de huidige, nieuwe oorlog worden de burgers aan hun lot overgelaten, vindt hij. De autoriteiten houden zich alleen nog bezig met evacueren van bewoners, niet meer met humanitaire hulp. De gouverneur roept de bewoners namelijk op om te vertrekken, om zo de verdediging beter ter hand te kunnen nemen. “Degenen die kunnen, moeten weg. Dat is verstandig. Maar velen kunnen simpelweg niet weg,” aldus Ploezjnik. Hij doelt op ouderen, met name de bedlegerigen onder hen. “En sommige mensen willen niet weg. Het blijft ieders eigen keus.”

Zelf heeft hij zijn gezin westwaarts in veiligheid gebracht. Zijn broer en neven nemen nabij Slovjansk deel aan de strijd in het Oekraïense leger. “Als zij zeggen dat het tijd is om te gaan, vertrek ik. Tot die tijd wil ik hier zo veel mogelijk mensen helpen.”