PlusInterview

Technisch directeur Frank Arnesen ziet toekomst Feyenoord zonnig in: ‘Er gaan straks clubs komen voor onze beste spelers’

Het contract van Frank Arnesen (65) bij Feyenoord loopt aan het einde van dit seizoen af. Maar de club is zeer tevreden over het werk van de Deense technisch directeur. ‘We zijn heel goed uit deze transferperiode gekomen.’

Mikos Gouka
Frank Arnesen: 'Een club als Feyenoord moet eens in de zoveel tijd een speler voor een mooi bedrag verkopen.' Beeld Getty Images
Frank Arnesen: 'Een club als Feyenoord moet eens in de zoveel tijd een speler voor een mooi bedrag verkopen.'Beeld Getty Images

Heb je het nog steeds naar je zin in de Kuip?

Arnesen: “Absoluut.”

Dan teken je vast bij, want eerder gaf je aan dat als je het nog steeds naar je zin hebt in Rotterdam, je graag zou verlengen.

“Haha, zo simpel zou het kunnen zijn. Maar er zijn twee partijen hè.”

Als we er gemakshalve even van uitgaan dat de clubleiding ook tevreden is over de technisch directeur, dan zijn jullie er toch snel uit?

“Ik heb het naar mijn zin bij deze club en we zijn op de goede weg. De afgelopen transferwindow hebben we moeten puzzelen, maar ik denk dat we er goed uit zijn gekomen.”

Ja?

“Cole Bassett en Jorrit Hendrix huren wij voor bescheiden bedragen en we hebben opties om ze vast te leggen. Philippe Sandler was transfervrij en een buitenkansje. Wij hebben een optie om hem vanaf komende zomer een of twee seizoenen langer te houden. Manchester City heeft het recht om hem terug te kopen. En als een club hem ooit wil overnemen en een bod doet, dan kan City hetzelfde bedrag neerleggen en zorgen dat hij daar terugkeert. Er was geld voor Joey Veerman, maar die bleek te duur. We hebben ingezet op Riechedly Bazoer, maar dat bleek eveneens erg moeilijk. Uiteindelijk kregen we de kans om Patrik Walemark te halen. Dat hij is gekomen, daar zijn we heel blij mee.”

Is de komst van Bazoer helemaal van de baan?

“Zeg nooit nooit. We hebben nog altijd goed contact met hem en met zijn broer, die zijn zakelijke belangen behartigt. Komende zomer is hij transfervrij. Het hangt er natuurlijk ook van af of we zelf spelers verkopen.”

Want dat moet komende zomer wel gebeuren.

“Een club als Feyenoord moet eens in de zoveel tijd een speler voor een mooi bedrag verkopen. Afgelopen zomer schreven we een kleine plus op de transferbalans, maar we willen naar een grotere plus die in de dubbele cijfers eindigt. Als spelers uitgroeien tot internationals, van wie we er nu meer hebben, en als we verder komen in Europa, zoals nu met de Conference League; dat kan erg belangrijk zijn. Als de spelers het tegen een grote tegenstander laten zien, dan wekt dat de aandacht van veel clubs. Er gaan straks clubs komen voor onze beste spelers, daar ben ik van overtuigd.”

Hoe kan het dat de aankopen vorig seizoen vrijwel allemaal geen succes bleken en dat het vanaf de zomer helemaal gedraaid is met Trauner, Pedersen, Aursnes, de huurlingen Til, Dessers en misschien straks ook Walemark?

“Dat heeft te maken met de rust bij de club. De scouting is helemaal veranderd, daarmee hebben we echt een grote slag gemaakt. Arne Slot is bovendien een trainer met een duidelijke visie en daar passen bepaalde spelers bij. De scouts gaan als het ware in zijn hoofd zitten en komen met spelers met kwaliteiten die bij hem passen. Terwijl we nog steeds niet zoveel te besteden hebben op de transfermarkt.”

Is huurling Til nogmaals los te weken bij Spartak Moskou?

“De afspraak is dat hij terugkeert naar Rusland. Maar we gaan wel kijken wat er mogelijk is natuurlijk. Hij heeft het naar zijn zin, ligt ontzettend goed in de groep. En er komt een WK aan waar een langer verblijf bij ons misschien wel zijn kansen om mee te gaan naar Qatar zal vergroten.”

De afkoopsom voor Dessers ligt boven de vier miljoen euro. Dat gaat lastig worden.

“Dessers presteert als een basisspeler, maar hij is het niet. Of nog niet. We gaan daar rustig over nadenken, een vraagprijs kan er in de zomer weer anders uitzien, als het maar betaalbaar is voor ons.”

En dan is de Togolees Dermane Karim er nog gekomen. Wat kunnen we van hem verwachten?

“Van hem verwacht ik zelf veel. Een 18-jarige jongen die op alle posities op het middenveld kan spelen.”

Bij het zetten van zijn handtekening stond je stralend naast hem. Aan de andere kant stond jouw zoon Sebastian als spelersmakelaar. Is dat eindelijk handig? Daar is kritiek op.

“Dat maakt mij helemaal niet uit en daar sta ik mijlenver boven. Ik koop geen speler van mijn zoon, maar bij een kantoor waar ook hij werkzaam is. Bovendien kijken er bij Feyenoord zoveel mensen naar de speler voor hij gaat tekenen. Als hij net begonnen was, was het misschien anders geweest. Maar Sebastian heeft jarenlang voor Chelsea en Manchester City gewerkt en zit dus al heel lang in dit vak. Hij kent met name de Afrikaanse markt erg goed. Als mensen daar kritiek op hebben, kan ik daar niet zoveel mee. Toen ik bij PSV werkte, riepen mensen ook: hij haalt alleen mensen van Søren Lerby of van Vlado Lemic.”

Heb je Christian Eriksen nog gepolst voor een avontuur bij Feyenoord?

“Ik heb zijn vader gebeld. Maar vooral om er zeker van te zijn dat we geen buitenkans lieten lopen. Maar dat lag op voorhand natuurlijk al moeilijk, hij is een echte Ajaxjongen.”

Denk je nooit: ik stop er gewoon mee en ga leuke dingen doen?

“Ik maak mezelf niet belangrijker dan ik ben, ik sta er ontspannen in. Ik was al eens gestopt en toen heb ik een jaar gereisd met mijn vrouw, dat was heel leuk. Maar ik vond toen wel dat ik iets moest blijven doen. Deze tijd is ook anders. Ik neem mijn laptop en telefoon mee en hoef echt niet altijd op de club te zijn of thuis te zitten. Dit werk kan ik overal doen. De positie van een technisch directeur is inderdaad heel belangrijk. Maar als ik het goed doe en de juiste mensen aan heb gesteld, dan zijn die mensen belangrijker. Het is ook niet zo dat ik moet stoppen om leuke dingen te kunnen doen. Ik geniet ook hiervan.”

Wat is de beste zet die je in twee jaar Feyenoord hebt gedaan?

“De komst van Arne Slot was heel belangrijk. Ik hoop dat hij nog lang bij de club zal blijven. Maar ik heb altijd gezegd dat we een goede scouting moesten hebben. En die staat er nu, daar ben ik heel erg blij mee.”

Heb je nu meer stress dan in je tijd als speler?

“De nederlaag tegen Vitesse in januari, daar was ik echt ziek van. Ken je dat? Je valt in slaap, wordt wakker en hebt vijf seconden nodig om helder te kunnen denken. Dan realiseer je je weer dat er verloren is. Daar ben ik dan echt ziek van. Dat had ik als speler ook, maar dan kon je heel snel revanche nemen.”

In 1975 kwamen jij en Søren Lerby naar Ajax. Jullie werden pure winnaars genoemd.

“Maar je hebt het wel over twee verschillende type voetballers. Als we 1-0 voorstonden, wilde ik graag op zoek naar 2-0. Lerby zei dan: dit is ook voldoende om te winnen. Hij was wel een echte winnaar, hè. We speelden de halve finale in 1988 met PSV in Madrid tegen Real. Natuurlijk waren we onder de indruk van die club, die spelers en dat stadion. Maar op een gegeven moment vloohij er vol in. Een enorme tackle op een speler van Real. Iedereen hield zijn adem in. Hij keek naar ons en riep ‘zij staan verdomme toch ook maar met elf op het veld, hè’. De spanning viel weg. Dat bedoel ik soms ook met scouten. Zo’n detail kan alles veranderen, je moet spelers door en door willen kennen.”

Real Madrid hing deze week aan de lijn bij jou, toch?

“Directeur en oud-speler Emilio Butragueño, inderdaad. Ze wilden de familie van Wim Jansen condoleren. Zoveel klasse, ongekend.”

Begin je dan nog over die halve finale uit 1988?

“Nee, dan begint hij meteen over die 5-1 met Spanje tegen Denemarken op het WK 1986. Hij maakte er vier, haha.”

Meer over