Steven Bergwijn blijft kalm na loftuitingen Louis van Gaal: ‘Ik ben gewoon niet op het niveau van Arjen Robben’

Uitblinker Steven Bergwijn is pas sinds november weer echt in beeld bij Oranje. Bij Spurs wordt hij naar eigen zeggen ‘aan zijn lot overgelaten’. Nog drie interlands en dan kiest hij voor een andere club.

Mikos Gouka
Steven Bergwijn bij de training van het Nederlands elftal zondag. Beeld ANP
Steven Bergwijn bij de training van het Nederlands elftal zondag.Beeld ANP

Steven Bergwijn knikt en grinnikt. Was Oranje maar een club, wordt hem met een knipoog voorgelegd. Dan zou de aanvaller niet een paar keer per seizoen kunnen excelleren, maar een paar keer per week. Bij Oranje vindt de 24-jarige Amsterdammer onder bondscoach Louis van Gaal waar hij in Londen bij zijn club Tottenham Hotspur onder manager Antonio Conte al zo lang naar op zoek is.

“Of ik in mijn beste vorm ooit steek? Ja, hier wel’’, zegt Bergwijn lachend. “Vertrouwen is belangrijk. Dat doet veel met een speler. Bij Oranje voel ik dat. En het systeem dat wij hier spelen ligt mij natuurlijk ook wel, veel vrijheid samen met Memphis voorin. Ik mag lopen waar ik wil.’’

Wedstrijdritme en de noodzaak daarvan, kom daar bij Bergwijn niet mee aan. In Londen stapelt hij de korte invalbeurten op elkaar, in Oranje oogt hij scherp en topfit. Dat is wel weer een voordeel van werken onder Conte, die er overal waar hij werkt voor zorgt dat zijn volledige selectie in topconditie is.

‘Er wordt bij Spurs niet naar mij omgekeken’

Maar die aai over zijn bol, dat schouderklopje of het duwtje in de rug? Die vindt hij wel in Zeist, maar niet in Londen. “Er wordt bij Spurs eigenlijk niet naar mij omgekeken,” zegt Bergwijn. “Dat is lastig als ik het hier bij Oranje wel goed doe. Of ik wegga? Ja. Of mijn koffers al gepakt zijn? Zo sta ik er wel in, ja.’’

Daar draait de aanvaller dus niet omheen. Iets minder duidelijk is hij over hoever Ajax nou daadwerkelijk is in de pogingen om hem terug te halen naar de club waar hij ooit in de jeugdopleiding speelde. “Ik krijg wel dingen mee,” zegt Bergwijn. “Maar nu ben ik bij Oranje. Dat ik de stap naar Ajax wel zie zitten? Ik hou alle opties open.’’

Want ergens diep van binnen zit natuurlijk de brandende ambitie om toch te slagen in één van de grote competities in Europa. Een vertrek uit Londen bij Spurs zou een gevoel van unfinished business kunnen oproepen, zeker als er al zo snel een terugkeer naar de eredivisie zou volgen. ,,Voor mij is het nu heel belangrijk dat ik wekelijks ga spelen,” zegt Bergwijn. “Ook met het oog op het WK. Ik kan niet nog zo’n seizoen hebben waarin ik nauwelijks speel. Mentaal is dat ook te zwaar. Het is tijd om te vertrekken.’’

Arjen Robben

Het klinkt alsof een eventuele terugkeer naar de eredivisie ook gezien moet worden als een korte periode die fungeert als springplank naar een nieuw en deze keer wel succesvol avontuur in een heel grote competitie. “Dat zou zeker een optie kunnen zijn,” zegt Bergwijn.

Want een speler die opeens in één adem wordt genoemd met Arjen Robben, nota bene door bondscoach Louis van Gaal, zal altijd verder willen kijken dan uitwedstrijden tegen Fortuna Sittard, Sparta, Excelsior en FC Volendam. “Ik kijk nu naar hoe clubs spelen qua systeem. Of een trainer het in mij ziet zitten. Dat houdt mij nu bezig. Of deelname aan de Champions League belangrijk is? Dat is geeneens topprioriteit, maar het zou wel leuk zijn.’’

Dat juist Van Gaal de vergelijking tussen zijn huidige spitsenduo Memphis en Bergwijn trekt met Van Persie en Robben, de sterren van het WK 2014, is best opvallend. Bergwijn kwam immers pas in november pas écht weer bij de selectie omdat Steven Berghuis geblesseerd moest afhaken. En de bondscoach schroomt ook al tijden niet om voortdurend te dagdromen over ‘een echte Van Gaal-spits’ in zijn elftal, waarbij de namen Brian Brobbey en Vincent Janssen nadrukkelijk vallen. Inmiddels zegt Van Gaal dat hij niet snapt waarom Bergwijn niet speelt bij Spurs.

Conte kiest in Londen met Harry Kane en Heung-min Son natuurlijk ook niet voor zomaar twee spelers. En de gedreven Italiaan loodste Spurs na de zwakke start onder manager Nuno Espírito Santo van plek 9 naar plek 4 én dus een ticket voor de Champions League.

“Toen ik terugkeerde in Londen van die interland tegen Noorwegen, zei de manager ‘goedemorgen, gefeliciteerd’. Dat was het. Maar dáár heb ik geen problemen mee hoor, dát heb ik ook niet nodig. Ik wil gewoon meer spelen. Of ik mezelf soms aan mijn lot overgelaten voel? Toch wel, ja. Kijk, ik train met spelers van wereldklasse, dat maakt je als speler ook beter. Maar ik wil wekelijks competitiewedstrijden spelen. De vergelijking van Van Gaal tussen mij en Robben? Dat zijn mooie worden, maar ik vind niet dat ik daar al ben. Ik denk wel dat ik er kan komen, dat ik die kwaliteiten heb. Maar laat ik eerst maar eens een WK gaan spelen.’’

En het zinspelen op het feit dat Bergwijn mogelijk nog sneller is dan Robben? “Ach, snelheid zegt niet zoveel, er zijn heel veel voetballers die snel zijn. Ik ben gewoon niet op het niveau van Robben. De vergelijking met het Oranje van 2014, daar hebben we het wel over. We hebben heel veel individuele klasse in onze ploeg. En nu moeten we het beste team worden, dat zegt de trainer ook. Er groeit iets. Als je ziet hoe we tegen de Belgen speelden, dat land is toch wereldtop.”

“Het gaat vooral om vertrouwen. Dat voel ik nu bij Oranje onder deze bondscoach en dat voelde ik ook onder Mark van Bommel bij PSV. Dat is wel vergelijkbaar. Daar zijn niet eens veel woorden tussen speler en trainer voor nodig. Dat is een gevoel dat je met elkaar hebt.’’