PlusNieuws

Shorttracker Suzanne Schulting huilt na ‘slechts’ brons: ‘Er had goud ingezeten’

Met gemengde gevoelens sloot Suzanne Schulting woensdag haar olympische toernooi af. Geen Nederlandse shorttracker won ooit zoveel olympische medailles als zij. Tegelijkertijd baalde ze van de laatste afstand waarop ze ‘slechts’ brons pakte.

Lisette van der Geest
Nu eens geen goud: Suzanne Schulting eindigt als derde in de finale van de 1500 meter shorttrack. Beeld AFP
Nu eens geen goud: Suzanne Schulting eindigt als derde in de finale van de 1500 meter shorttrack.Beeld AFP

Het is soms lastig om Suzanne Schulting te zijn. Ze is trots én heeft een bittere nasmaak, zegt ze. “Maar dat mag ik helemaal niet hebben, want ik ga met vier medailles naar huis.”

De shorttrackster won in Peking twee keer goud, één keer zilver en schaatste woensdag op de 1500 meter naar olympisch brons. Geen Nederlander in haar sport was ooit zo succesvol als zij.

Tranen gedroogd

Het is een uur en vijf minuten na de finale, zegt ze, na een blik op haar telefoon. En Schulting (24) staat voor haar laatste interview, na haar laatste olympische afstand. Het toernooi is klaar. Haar tranen zijn gedroogd, wat rest is pijn. Ze wil alles. Vindt verliezen verschrikkelijk. En vandaag was ze ‘oprecht supersterk’. Maar ze beoefent een sport waarin ze zo ‘de baan uitgeduwd’ kan worden.

Ze had een plan. Lang geleden had ze zich al voorgenomen: het wordt zwaar, het is intens, ik zal moe worden na tien dagen Olympische Spelen en alles wat daar vooraf aan stress bijkomt - covid niet te vergeten. “Regel één: dat mag je niet krijgen.” Maar vermoeidheid mocht hier niet bestaan, besloot ze. “Dat heb ik gewoon niet toegelaten. Zo gaat het gebeuren, punt. Ja, je bent moe, maar iedereen is moe. Je weet dat het zwaar gaat zijn, dat weet je al vier jaar.”

En ze schaatste de afgelopen dagen ook zo makkelijk, zo goed, vertelt ze. In trainingen, op de 1000 meter die ze vorige week won, op de relay eerder deze week waar ze ook al goud haalde. Maar ook op haar 500 meter, op het laatste deel na tenminste, wat haar het goud kostte.

Dus toen ze moest aanzetten omdat haar Chinese concurrente Yutong Han besloot weg te rijden, wist ze: hier ga ik achteraan. Ze haalde haar bij, de andere vrouwen volgden. “Ik voelde me zo kalm, zo rustig. Ik dacht: oké, effe die benen laten rusten en dan met twee, drie ronden ga ik volle bak buitenom en dan rij ik ze allemaal naar huis. Het voelde echt heel sterk.”

Maar toen werd ze naar buiten geduwd, weer door de Chinese. Anderen kwamen binnendoor, Schulting voorkwam dat ze viel, verloor snelheid en moest in de achtervolging. “Ja, en als je dan op drie duizendsten bijna het zilver te pakken had, weet je gewoon dat er goud in had gezeten.”

Teleurstelling

En dus waren er tranen van teleurstelling. Ze hoopte op meer. Vier jaar geleden werd ze voor het eerst olympisch kampioen, een grote verrassing. Vanaf toen werd alles anders. In Peking was ze de grote favoriet. “Iedereen heeft torenhoge verwachtingen, je hebt torenhoge verwachtingen van jezelf. Iedereen verwacht maar even dat Suzanne het maar even doet. En maar even vier keer goud gaat halen. Ja, dat is gewoon…”

Ze maakt haar zin niet af. Het was mogelijk, maar tegelijkertijd bijna onvoorstelbaar, dat weet ze ook. Ze bezweek in Peking niet onder de druk, wel nam ze zich voor niet vooraf uit te spreken voor hoeveel goud ze zou gaan. “Omdat het, zoals je vandaag ziet: gewoon een heel lastige opgave is in shorttrack. Ik denk dat het al heel bijzonder is dat je een keer goud pakt, en dat het heel bijzonder is als je je titel dan ook nog hebt verdedigd.”

Statistieken kreeg ze vooraf niet mee. Dat ze Yvonne van Gennip en Ard Schenk had kunnen evenaren, met drie keer goud op één Spelen, wist ze niet. Een diepe zucht. “Ja, het had zeker mooi geweest, ja.”

Wat scheelt: ze kan zichzelf niks verwijten, weet ze. Ze maakte op de 1500 meter geen fouten. “Het is een supersuccesvol toernooi. Ik ga met vier medailles naar huis in een sport als shorttrack, waar een ongeluk in een klein hoekje zit.” Tegelijkertijd was de afsluiting van het olympische toernooi vier jaar geleden makkelijker. Destijds was de 1000 meter haar laatste afstand.

“Maar ik denk dat ik om het te compenseren nu maar heel vaak de rit van de 1000 meter en de relay terug moet gaan kijken. En die andere ritten maar even moet laten voor wat ze zijn. Want ik denk dat als ik terug ga kijken, ik weer even ga huilen van verdriet.”

Meer over