PlusExclusief

Oud-Ajacied Jan Vertonghen in de Champions League tegen zijn oude liefde: ‘Benfica is het Ajax van Portugal’

Jan Vertonghen: ‘Voorlopig wil ik blijven voetballen.  Beeld EPA
Jan Vertonghen: ‘Voorlopig wil ik blijven voetballen.Beeld EPA

Jan Vertonghen (Benfica) en Ajacied Daley Blind kruisen geregeld de degens. Woensdag staan de vrienden tegenover elkaar in de achtste finales van de Champions League. En nu gaan ze ook nog samen in zaken.

Dick Sintenie

De vorige confrontaties tussen Jan Vertonghen (Sint Niklaas, 24 april 1987) en zijn eerste profclub Ajax gingen niet onopgemerkt voorbij. Lucas Moura, spits van Tottenham Hotspur, dompelde heel Amsterdam in het voorjaar van 2019 in rouw met zijn drie doelpunten in de halve finales van de Champions League. Vertonghen maakte de euforie na het zenuwslopende eindspel niet mee. Hij verliet de Johan Cruijff Arena op krukken en met een gezwollen enkel. In de heenwedstrijd tegen Ajax was de lange Belg al uitgevallen met een hoofdblessure, na een botsing met ploeggenoot Toby Alderweireld, ook een oud-Ajacied.

Die blessure aan je hoofd heeft je lang achtervolgd. Hoe is het daar nu mee?

“Ik ben na die botsing niet buiten bewustzijn geweest. Ik heb zelfs nog even doorgespeeld. Dat was niet zuiver. Er is naderhand nooit een hersenschudding geconstateerd, maar ik heb nog zo’n maand of negen klachten gehad. Concentratieproblemen, hoofdpijn. Mijn spel leed daaronder. Ik wist niet wat ik ermee aan moest. Toen kwam na de uitbraak van corona de lockdown en heb ik twee maanden kunnen rusten. Pas daarna was het beter.”

Het was wel de opmaat voor een vertrek uit Londen na acht jaar. Je had zelf wel langer willen blijven, maar Lissabon is toch geen slecht alternatief?

“Sterker, we voelen ons gelukkiger dan ooit. Mijn vrouw Sophie en onze drie kinderen hebben het ook geweldig naar hun zin. Het is nu een graadje of twintig, geen wolkje aan de lucht. ’s Zomers kan het heet worden, maar ik kan daar steeds beter tegen. We hebben een dochter en twee zoontjes. Ze doen aan skaten, surfen, voetballen. Het is een ander soort leven dat je hier leidt, veel buiten, heerlijk, maar we wonen wel ín de stad, een beetje aan de rand. Zoals we ook in Amsterdam en Londen in het centrum hebben gewoond.”

Dat heeft Tom De Mul, je land- en voormalig ploeggenoot bij Ajax, goed geregeld.

“Ik kan niet anders zeggen. Ik ken Tom al zo lang, we zaten ook bij elkaar in de klas op de OSB in de Bijlmer. Hij is een goeie vriend. Tommie was vroeger als voetballer wel een dromer, een beetje laks ook. Maar daar herken je nu niets meer van. Hij is veranderd. Tom is zeer serieus aan de slag gegaan als zaakwaarnemer, hij heeft een mooi bureau. Ze doen het supergoed.”

Als ik je zo beluister heb je geen plannen om Benfica snel te verlaten?

“Het is een heel goede keuze geweest om hierheen te gaan. Ik voel me supergoed, speel elke wedstrijd. Ik ben 34 jaar, maar ik wil zo lang mogelijk doorgaan. Je moet alleen zorgen dat je geen karikatuur wordt. Het WK in Qatar komt eraan, aan het eind van dit jaar. Daar wil ik zeker bij zijn.”

Gaat de gouden generatie van België dan eindelijk oogsten?

“Die kwalificatie is op onze lichting geplakt, en dat begrijp ik wel. Ik denk ook dat we met België over de sterkste selectie beschikken sinds 1986, de generatie Jan Ceulemans. We hebben die kwaliteiten nog niet kunnen verzilveren. We werden derde op het WK 2018. Leuk, maar er telt maar één plek natuurlijk. De Nations League had ik vorig jaar heel graag gewonnen, maar in de finale verspeelden we een 2-0 voorsprong tegen Frankrijk. De tijd dringt. Met Moussa Dembélé, Vincent Kompany, Marouane Fellaini en Thomas Vermaelen zijn een paar klasbakken uit de groep weggevallen. Daar komen talenten voor terug: Charles De Ketelaere, Jérémy Doku. Bovendien zijn Romelu Lukaku, Kevin De Bruyne en Thibaut Courtois nu echt aan hun top. Het feit dat we al zo lang samen zijn maakt ons echt sterker. Daarmee zouden we het verschil kunnen maken.”

Er is toch genoeg plek in je prijzenkast?

“Dat is wel een ding, ja. Ik heb het er liever niet te veel over. We verloren met Tottenham ook nog de finale van de Champions League tegen Liverpool. Dichter bij een beker ben ik in die jaren met de club niet geweest. En met Benfica zal dat in eigen land dit seizoen ook moeilijk worden, vrees ik. We zijn uitgeschakeld voor de beker en in de competitie zijn we achteropgeraakt. Maar we geven niet op.”

Is de rust bij Benfica een beetje weergekeerd?

“Ik zal niet ontkennen dat het onrustig is geweest. De coach Jorge Jesus is in december ontslagen. Er is inmiddels ook een nieuwe president: oud-speler Rui Costa. Onder de nieuwe trainer Nélson Veríssimo zijn we in iets rustiger vaarwater terechtgekomen. Maar alles valt of staat met de resultaten. In Portugal spelen drie clubs om de prijzen: Benfica, Sporting en Porto. Als het dan een tijdje niet jouw kant op valt, geeft dat onrust. Benfica is denk ik het Ajax van Portugal. Qua spelopvatting, jeugdopleiding en aanhang. De laatste wedstrijden hebben we gewonnen. Ik hoop oprecht dat het lukt met deze trainer.”

Moet Ajax van jullie elftal het meest vrezen voor Darwin Núñez?

“Hij trekt wel de meeste aandacht op dit moment. Hij is topscorer in onze competitie met 18 treffers. Je kunt hem niet vergelijken met Antony van Ajax. Darwin is een totaal ander type, geen lichtvoetige Braziliaan, maar een Uruguayaan met heel veel power in zijn spel. Hij speelt heel direct, is snel en alles is bij hem gericht op het vijandelijke doel. En hij is sterk in de lucht.”

Hoe bijzonder is het om de degens weer te kruisen met Daley Blind?

“We komen elkaar telkens weer tegen. Met Tottenham tegen Manchester United, tegen Ajax, maar in juni ook in de Nations League: een ouderwetse Holland-België. Het is leuk. Ik spreek Daley de laatste tijd weer veel vaker. Met Siem en Luuk de Jong zijn we een project begonnen. Onder de naam Teamplayers richten we ons op duurzame investeringen, maatschappelijke projecten, partnerships en start-ups. Siem is de leidende figuur, hij is een slimme gast. We hebben zo een call. Dan praten we ook helemaal niet over voetbal. We zijn oud-collega’s, vrienden, met dezelfde ideeën, interesses, normen en waarden. Siem heeft een heel duidelijke visie en hij is heel gepassioneerd. Hij heeft ons bij elkaar gebracht. Het is leuk om zo verbonden te blijven.”

Heb je veel contact gehad met Daley Blind toen hij met hartproblemen kampte?

“Niet bovenmatig. Net als met Christian Eriksen eigenlijk. Er is geen speler met wie ik langer heb samengespeeld dan met Chris. Ik spreek die jongens wel, maar niet specifiek over hun gezondheid. Ze krijgen daar al honderden vragen en berichten over van familie, pers. Ik ben blij voor die jongens dat ze weer voetballen. Ik las laatst ergens dat Chris twee dagen na zijn hartstilstand al besloot dat hij weer wilde voetballen. Ik snap het wel. Hij ademt voetbal. Chris staat als eerste op het veld en gaat er pas als allerlaatste weer af. En als de dokters hebben geconstateerd dat er geen belemmering is om te sporten op hoog niveau dan ligt de weg terug open.”

Is er nog een weg terug voor Jan Vertonghen naar Amsterdam?

“Naar Amsterdam, wie weet? We hebben ons huis aangehouden. Ik kom er nu eens per jaar. Het is een optie, mijn vrouw is Amsterdamse. Maar voorlopig wil ik blijven voetballen. Zoals ik me nu voel kan ik nog wel drie of vier jaar mee. Ajax? Dat zie ik niet snel meer gebeuren.”

Luister onze Ajaxpodcast Branie:

Meer over