PlusNieuws

Oranje-keeper Sari van Veenendaal stopt per direct: ‘Ik merk dat ik toe ben aan andere dingen’

Keeper Sari van Veenendaal (32) stopt met voetballen. De Utrechtse, die het EK in Engeland eerder deze maand begon als aanvoerder, maar binnen twintig minuten geblesseerd het veld moest verlaten, beëindigt haar loopbaan per direct.

Lisette van der Geest
Sari van Veenendaal sloot haar voetballoopbaan vervelend af: de keepster moest geblesseerd het veld verlaten. Beeld ANP / EPA
Sari van Veenendaal sloot haar voetballoopbaan vervelend af: de keepster moest geblesseerd het veld verlaten.Beeld ANP / EPA

“Ik merk dat ik toe ben aan andere dingen en in mijn ogen gaat dat niet samen. Het is bij mij alles of niks. Het is altijd alles geweest, nu wordt het niks,” zegt Van Veenendaal. In 2011 maakte ze op 20-jarige leeftijd haar debuut in het Nederlands elftal. Ze won EK-goud in 2017 en WK-zilver in 2019, waar ze na afloop werd uitgeroepen tot beste keeper van het toernooi. Later dat jaar werd ze ook verkozen tot beste keeper ter wereld.

Dit EK, dat voor Nederland in de kwartfinale eindigde, moest Van Veenendaal al in de eerste poulewedstrijd geblesseerd verlaten. Na een botsing met eigen verdedigers beschadigde ze haar schouder. “Rondom je sleutelbeen zitten bandjes, daar zit schade,” zegt ze daarover. Schade die zal herstellen, is de verwachting.

Besluit al eerder genomen

Haar besluit te stoppen na het EK had ze al een paar maanden geleden genomen. “Maar de deur op een kier latend, zodat ik mezelf niet die extra druk op zou leggen dat het EK het einde zou moeten zijn.” Dat ze vervolgens geblesseerd het toernooi moest verlaten noemt ze keihard. “Voor mezelf. Veel mensen vroegen tijdens het EK ook: waarom blijf je daar niet? Ik dacht: denken jullie dat dit team niet zonder mij kan? Tuurlijk kan het zonder mij. Ik zal heus wel gemist worden, je bouwt wat op samen, maar ik heb echt niet de illusie dat ik onmisbaar ben.”

De keeper kwam in haar loopbaan tot 91 interlands, waarvan drie keer met een invalbeurt. Nu snakt ze naar een leven met meer rust, in de luwte. “Ik leef 24/7 voor voetbal. Het staat nooit uit in mijn hoofd en ik blijf altijd denken aan wat er die dag gebeurd is, wat beter kan en wat het team nodig heeft.”

Tegelijkertijd vraagt ze zich af hoe ze om zal gaan met een leven zonder voetbalstructuur. “Nou, dat wordt helemaal niks. Ik denk dat ik een lijstje in mijn kamer ophang, met: 9.00 uur ontbijt, om 10.00 uur wandelen, om 11.00 uur een bespreking met mezelf. Als er iemand is die met structuur leeft... Ik zal alles missen, toch weet ik 100 procent zeker dat dit de goede beslissing is.”

‘Alles bereikt dat ik wilde bereiken’

Van Veenendaal begon op haar twaalfde als keeper, na eerst allerlei andere sporten te doen. “Ik heb alles wel gedaan. Echt alles. Omdat ik steeds na twee weken zei: ik heb het wel weer gezien. Maar toen kwam het voetbal en dat was een blijvertje.”

In 2011 maakte Van Veenendaal haar debuut in het Nederlands elftal. Ze speelde de laatste twee jaar voor PSV. Daarvoor kwam ze onder andere uit voor Atlético Madrid, Arsenal en FC Twente. De afgelopen jaren was ze aanvoerder voor Oranje en maakte ze zich hard voor de toekomst van vrouwenvoetbal in de spelersraad. “Ik heb alles bereikt wat ik wilde bereiken. Ik heb het altijd met plezier gedaan en de regie in eigen hand gehouden.”

“Nu heb ik het gevoel dat ik het kan achterlaten, ook dat is voor mij belangrijk. Op sportief gebied (Daphne van Domselaar maakte grote indruk met haar invalbeurt dit EK, red.) en op financieel gebied.” Van Veenendaal streed met de spelersraad jarenlang voor gelijkheid. Vlak voor het EK werd bekend dat zij dezelfde basispremie zouden krijgen als mannen. “Nu heb ik het gevoel dat ik mag stoppen, omdat ik dat wil.”