Interview

Olympisch kampioen surfen Kiran Badloe: ‘Alles wat ik nu nog win, is een bonus’

Drie maanden na zijn gouden races in Tokio staat surfer Kiran Badloe in Scheveningen weer op de plank. Wel een andere, met een soort vin die boven het water uitkomt. En zonder de blauwe haren waarmee hij op de Olympische Spelen de show stal. ‘Het voelt echt als een verse start.’

Maarten Teunisse
Kiran Badloe scheert met zijn nieuwe plank met foil over het water.
Kiran Badloe scheert met zijn nieuwe plank met foil over het water. "Als ik de Spelen van Parijs haal, is dat een mooie kers op de taart."Beeld Frank Jansen

“Doe mij maar een warme chocomel als ik terug ben,” lacht Kiran Badloe (27). De olympisch kampioen windsurfen legt in de ijskoude miezer van de Scheveningse haven voor het eerst zijn nieuwe surfboard in het water. Hij is net terug van drie weken vakantie op Bonaire.

“Normaal zou ik met deze kou en regen geen zin hebben, maar nu stond ik echt te springen,” vertelt de Hagenaar na zijn training. Sinds zijn gouden race in Tokio heeft hij alles gedaan behalve surfen, waaronder drie keer per week trainen voor het SBS6-televisieprogramma The Big Balance, waar je in de nok van de Johan Cruijff Arena over een dun koord loopt. “Zulke ervaringen geven me ook energie, maar ik had van tevoren wel even mogen googelen wat highlinen eigenlijk is, met mijn hoogtevrees. Ik had klamme handjes toen ik hoorde dat het zó hoog was.”

15 kilo aankomen

Tijdens de korte vakantie heeft Badloe de knop weer omgezet naar het surfen. Gisteren trainde hij voor het eerst op zijn nieuwe ‘foil’-bord. “Dit is fantastisch, het voelt vandaag ook echt als een verse start,” vertelt hij. De RS:X-klasse, waarin hij drie keer wereldkampioen werd en in Tokio goud pakte, is verleden tijd. Bij de Spelen in Parijs worden alleen medailles verdeeld in de IQFoil-klasse, waarbij de surfplank door een ‘foil’ boven het water zweeft.

Badloe moest voor de nieuwe plank vijftien kilo zwaarder worden, maar de verandering kwam als geroepen. “Als je op je eigen top zit, zie je weinig progressie. Als het geen andere klasse was geworden, had ik niet geweten of ik nog een keer had gewild. Ik heb nu gewoon zin om weer grote stappen te zetten, maar ik sta al wel met 1-0 achter.”

In de nieuwe klasse was Badloe de eerste Europees kampioen in 2020, maar dat zegt volgens hem nog helemaal niets. “Toen was iedereen maar een beetje aan het aankloten,” vertelt hij. “Sommige jongens zijn niet naar Tokio gegaan om al met een foil te trainen. Ik moet een inhaalslag maken en heb nul garantie dat ik bij de komende wedstrijd goed ga varen. Ik houd de andere sporters alleen nog via sociale media in de gaten. Zij posten soms wat leuks, maar ik maak een screenshot en analyseer het.” Het feit dat de drievoudig wereldkampioen geen idee heeft hoe goed hij nu is, baart hem geen zorgen. “Ik heb geen last van stress. Als het niet lukt, is het ook niet erg. Er zijn in topsport meer tegenslagen dan geluksmomenten. Ik heb tot nu toe veel geluk gehad met hoe het is gegaan, omdat het allemaal goed heeft uitgepakt.”

Concurrenten als vrienden

Badloe: “Ik wilde toen ik klein was al wereldkampioen worden. Toen dat lukte, wilde ik olympisch kampioen worden. Als ik Parijs haal, is dat een mooie kers op de taart. En als ik het niet haal, dan heb ik mooi weer drie jaar kunnen windsurfen als beroep en kan ik het zo afsluiten. Alles wat ik nu nog win, is een bonus. Ik ben toch al gelukkig.”

Zijn prioriteit ligt vooral bij de vriendschap met zijn collega’s. “Als ik win in Parijs, zouden mensen twee jaar weten wie ik ben en daarna is het klaar. Het is niet fijn als ik hier dan in mijn eentje zit met allemaal concurrenten. Als ik ze dan als vrienden kan zien, heb ik iets voor de rest van mijn leven.”

Er zit ook een succesformule in. Voor Tokio streden Badloe en zijn goede vriend Dorian van Rijsselberghe voor het enige beschikbare olympische ticket, nu is er een groep surfers van hoog niveau. “Net als met Dorian toen, zitten we elkaar nu ook lekker te sarren. Op een WK plagen we elkaar als we voorstaan, bijvoorbeeld. Ook bij trainingen jutten we elkaar enorm op, waardoor we bij wedstrijden geen tandje meer bij hoeven te zetten.’'

Op het EK in mei wil Badloe voor het eerst presteren in de nieuwe klasse, maar daar zit nog wel één probleempje aan: hij moet een helm op. “Ik had altijd een mooi ritueel rond grote wedstrijden, maar dat kan niet echt meer.” Badloe had tijdens de Spelen in Tokio van zijn kapsel een blauwe Avatarpijl gevormd. “Tja, ik word ook wat ouder. En om nou iedere keer weer zo’n achterlijk figuur op m’n kop te scheren, ik weet het niet. Misschien moet ik ook wat normaler doen, wat dat betreft. Of net als Max Verstappen een mooie gepimpte helm gebruiken.”

Meer over