Plus

Niek Kimmann: op gouden fiets naar wereldtitel

Niek Kimmann (25) voegde gisteren op Papendal de wereldtitel in het BMX toe aan zijn gouden olympische plak. En dat terwijl hij van de dokter het advies had gekregen niet eens van start te gaan. ‘Als ik maar beloofde dat ik hierna twee maanden echt niks meer zou doen.’

Ad Pertijs
Niek Kimmann viert zijn winst met het publiek in Papendal. Beeld ANP
Niek Kimmann viert zijn winst met het publiek in Papendal.Beeld ANP

Als Niek Kimmann tussen alle heats en finaleraces door op zijn BMX-fiets door het rennerskwartier peddelt, is het wel duidelijk dat hij als olympisch kampioen is teruggekeerd in zijn thuishaven. Gouden fiets. Zijn naam en nummer in grote, glinsterende, gouden letters op de rug. Zelfs de badslippers die hij aanheeft, hebben drie gouden strepen.

“Normaal zou ik zoiets niet doen,” zegt de 25-jarige boerenzoon als hij op het einde van de dag ook nog eens met een gouden medaille om de nek van het podium is gestapt. “Houd het subtiel, zei ik tegen de man die mijn helm heeft aangepast. Van die fiets, het shirt en de badslippers wist ik niets. Die hebben ze me hier als verrassing gegeven. Ach, zo drie weken na Tokio kan het nog, maar ik ga echt niet drie jaar lang met al dat goud rijden.”

Knie

Kimmann weet dat je zo goed bent als je laatste wedstrijd. Dat hij op het WK op Papendal de concurrentie opnieuw geen schijn van kans gaf, had hij echter niet verwacht. De reden mag genoegzaam bekend zijn. “Nu gaan we het zeker weer hebben over die knie,” verzuchtte Kimmann, die zich realiseerde dat je daar in een interview met de nieuwe wereldkampioen niet omheen kunt.

Het is de knie die hij blesseerde in Tokio en die afgelopen maandag nog door de MRI-scanner ging. Als het aan de dokter had gelegen, was Kimmann gisteren niet eens van start gegaan, maar omdat hij geen pijn voelde tijdens het fietsen, mocht hij het toch proberen. “Als ik maar beloofde dat ik hierna twee maanden echt niks meer zou doen.”

Op de laatste dagen voor zijn grote vakantie was wonderwel niets te merken van enige problemen met de knie. Tijdens de zeven races die hij reed op weg naar het goud, leek Kimmann de zaken volledig onder controle te hebben. “Het enige risico was dat ik niet op die knie mocht vallen.”

Soeverein

Kimmann bleef letterlijk en figuurlijk soeverein overeind. Alleen in de voorronde ging hij niet lekker van start. “Maar toen de tribunes begonnen vol te lopen en de zon ging schijnen, kreeg ik vanaf de achtste finales het gevoel dat de olympische vorm terugkwam. En dacht ik: het kan dus toch.”

Wat heet. In de finale reed hij zijn snelste rondje ooit op Papendal. “Ergens ben ik daar vandaag nog het meest blij mee. Ik heb een zo goed als perfect rondje gereden op het moment dat het moet.”

Tijdens het Wilhelmus zag hij zijn opa zitten op de tribune. Het was even slikken, ‘maar ik denk dat na Tokio mijn tranen op waren. Vraag me over twee weken nog eens wat deze titel voor mij betekent. In Tokio voelde het ook nog aan als het winnen van een gewone wedstrijd. Pas later drong het besef door hoe vet het is wat ik daar heb gedaan. Dat zal nu wel weer zo zijn.”

Meer over