Vitessetrainer Thomas Letsch (l) en Ajaxtrainer Erik ten Hag (r).

PlusAchtergrond

Moderne trainers zonder imposant voetbalverleden geven de eredivisie nieuwe flair

Vitessetrainer Thomas Letsch (l) en Ajaxtrainer Erik ten Hag (r).Beeld Getty Images

Het Nederlandse clubvoetbal zit in de lift – vooral dankzij de nieuwe lichting trainers die als spelers nooit sterren zijn geworden.

Dick Sintenie

Wie waren in 2015 de toonaangevende trainers in de eredivisie? Frank de Boer stond bij Ajax aan het roer, Phillip Cocu bij PSV en Giovanni van Bronckhorst bij Feyenoord. AZ werd getraind door John van den Brom en Vitesse had Peter Bosz als coach. Vijf oud-internationals, van wie drie met een enorme staat van dienst in Oranje.

Vergelijk dat eens met de huidige situatie. Zes jaar later hebben diezelfde clubs de technische leiding in handen gegeven van Erik ten Hag, Roger Schmidt, Arne Slot, Pascal Jansen en Thomas Letsch. Geen van allen heeft een indrukwekkende carrière als voetballer achter de rug, laat staan dat ze het tot international hebben geschopt.

Onbekende trainers

Het is een trend in de eredivisie. Bij Fortuna moest Kevin Hofland plaatsmaken voor Sjors Ultee. Ook FC Utrecht (René Hake) en het zo verrassend presterende NEC (Rogier Meijer) kozen voor bij het grote publiek onbekende trainers. Hake speelde helemaal geen betaald voetbal, Meijer een jaartje bij De Graafschap.

Het was Erik ten Hag die de jongste generatie Nederlandse trainers onlangs loofde. “Wat we laten zien in Europa representeert ook de eredivisie als competitie. En die resultaten in Europa zijn goed, onder een nieuwe lichting trainers. Het succes is nog prematuur, maar het is wel een interessante ontwikkeling. Je ziet het ook terug in de eredivisie. Ajax krijgt steeds meer realistische tegenstand. Tegen FC Utrecht, Heracles en Go Ahead Eagles hadden wij niet de oplossing. Dat daagt ons weer uit.”

Onder Ten Hag is Ajax dit seizoen na vier groepsduels al geplaatst voor de achtste finales van de Champions League. PSV vecht met AS Monaco en Real Sociedad om twee plekken bij de laatste zestien in de Europa League. Een trede lager, in de Conference League, gaan AZ en Feyenoord aan kop in hun poule. Ook Vitesse is nog kansrijk om de knock-outfase van dat toernooi te bereiken.

Opgelopen deuken

Ondertussen zitten De Boer, Cocu, maar ook Jaap Stam en Mark van Bommel werkloos thuis. Van Bronckhorst gaat nu aan de slag bij Rangers FC. Oud-Ajacied en analist van ESPN, Marciano Vink, ziet dat zijn ex-collega’s allemaal in hetzelfde schuitje zijn beland. “Ze hebben in een vertrouwde omgeving op een hoog niveau hun eerste baan als hoofdtrainer aangenomen. Frank bij Ajax, Gio bij Feyenoord en Phillip en Mark bij PSV. Alleen Mark is geen kampioen geworden. Frank liefst vier keer, Phillip drie keer.”

“Maar wat is dan de vervolgstap? Je kunt eigenlijk maar twee kanten op: het buitenland of bondscoach. Als je in het buitenland een paar deuken oploopt, zit je carrière muurvast. Of je moet je ego opzijzetten en op een lager niveau gaan werken.”

Misschien was het wel beter geweest om lager in te stappen, zegt Vink. “Ruud van Nistelrooij traint nu Jong PSV. We weten allemaal wat zijn volgende stap zal zijn. Maar als hij straks drie jaar het eerste van PSV onder zijn hoede heeft gehad, is hij dan klaar voor Real Madrid of Manchester United?”

Verkorte cursus

Voor gewezen topvoetballers is de weg naar het hoogste trainersdiploma veel korter dan voor hen die alle vier diploma’s moeten behalen. Recordinternational Wesley Sneijder stopte onlangs met de verkorte trainerscursus omdat hij niet op één lijn zat met de KNVB. Zijn uitleg? “Ik zie mijzelf meer als manager dan als een echte veldtrainer. Mijn wens was om meer begeleiding te krijgen richting het managen van het team, maar dat past niet in het beeld van de KNVB.”

Bondscoach Louis van Gaal was nooit voorstander van de verkorte cursus voor topvoetballers. “Het was geen goed idee en dat is ook wel gebleken. Ik denk niet dat er een land is dat de diplomaatjes zo makkelijk heeft weggegeven als Nederland. Dat is niet goed voor het Nederlandse voetbal. Ik denk dat de KNVB nu de goede richting inslaat.”

Kees van Wonderen (52) bewandelt als trainer het geleidelijke pad. Hij kent als voormalige prof van onder meer Feyenoord, NEC en NAC het klappen van de zweep. Met Feyenoord won de middenvelder in 2002 de Uefa Cup. Maar hij loopt als coach niet te hard van stapel. Hij was assistent bij VV Bennekom, FC Twente en VVV, loodste Oranje onder 17 jaar naar de Europese titel en zat naast bondscoach Ronald Koeman op de bank bij het grote Oranje. Vorig seizoen accepteerde hij zijn eerste baan als hoofdtrainer: in de eerste divisie bij Go Ahead Eagles. Op de slotdag van de competitie promoveerde hij naar de eredivisie, waarin Go Ahead op dit moment knap in de middenmoot meedraait.

Arne Slot

Nog knapper is de prestatie die de pas 43-jarige Arne Slot levert. Hij heeft Feyenoord in enkele maanden tijd sportief gereanimeerd. Zijn ploeg speelt in een herkenbare, gepassioneerde en goed georganiseerde stijl en is moeilijk te verslaan. Slot slaagt erin om het beste uit zijn spelers te halen. Dat deed hij al bij AZ, waar voetballers als Owen Wijndal, Teun Koopmeiners, Calvin Stengs en Myron Boadu zich ontwikkelden tot international.

Slot was zelf een aanvallende middenvelder bij FC Zwolle, NAC en Sparta – een niet al te snelle, maar wel slimme speler. Hij haalde tijdens zijn loopbaan alle trainersdiploma’s en werd jeugdtrainer bij Zwolle. Later was hij assistent van Henk de Jong en Marcel Keizer bij Cambuur.

Bij AZ begon hij als rechterhand van John van den Brom, zoals ook Pascal Jansen – de huidige trainer – eerst assistent was van Slot. AZ durft het vertrouwen te geven aan trainers die de competenties hebben, maar nog niet de ervaring. Jansen (48) houdt zich uitstekend staande, ook al werden afgelopen zomer de beste spelers verkocht en moet hij een nieuw team opbouwen. Jansen is onverstoorbaar en straalt in alles uit dat hij de zaak onder controle heeft.

Aan de voetbalcarrière van Jansen kwam op jonge leeftijd abrupt een einde door een zware blessure. Als trainer bouwde hij gestaag een schat aan ervaring op. Zo ging hij met Rinus Israël mee naar de Arabische Emiraten, was hij hoofd opleidingen bij Vitesse en PSV, en had hij in Eindhoven ook de A1 en het beloftenelftal onder zijn hoede.

Duitsland

De Duitse trainers Julian Nagelsmann (Bayern München) en Thomas Tuchel (Chelsea) overkwam hetzelfde als Jansen: ze raakten heel jong zwaar geblesseerd. Het was geen belemmering – eerder een stimulans – om als coach hun weg naar de top te vinden. Nagelsmann is pas 34 jaar. Ook Jürgen Klopp (Liverpool) en de Duitse bondscoach Joachim Löw hadden geen imposante loopbaan als speler. In Nederland leeft het idee dat het voor een trainer op het hoogste niveau een voorwaarde is dat hij een behoorlijk aantal interlands heeft gespeeld. In Duitsland denken ze daar anders over, zowel bij de bond als bij de clubs.

Thomas Letsch (53) heeft ook van dat klimaat geprofiteerd. Als middelmatige voetballer had hij nooit het idee dat hij als professioneel trainer zou kunnen slagen. Letsch en PSV-trainer Roger Schmidt profileerden zich als coach in eigen land en ze hebben nadien in Oostenrijk de kans gekregen bij Red Bull Salzburg om zich verder te ontwikkelen. Bij Vitesse laat Letsch de teamprestatie én de individuele ontwikkeling van spelers hand in hand gaan. Hij is een moderne trainer, zoals Ten Hag, Slot, Jansen, Hake en Van Wonderen dat ook zijn.

Het voetbal verandert, weet Letsch. Commando’s geven en drillen werkt niet meer. De voetballer vraagt tekst en uitleg. “Vroeger was de voetballer een sporter. Nu is hij atleet. Hij is snel, gespierd. Er zit geen gram vet meer op. Alles gaat sneller en alles wordt gemeten. Hoeveel ze lopen, waar ze lopen en wanneer ze lopen.”

“Het kan voor een trainer een voordeel zijn als je zelf topspeler bent geweest, omdat je weet wat er in het hoofd van de voetballers omgaat, maar ik vind trainer-coach vooral een ervaringsvak. Je persoonlijkheid vormt zich, je wordt didactisch uitgedaagd en gevormd. Ik ben op het allerlaagste niveau begonnen. Alle ervaringen in dit vak maken je sterk: goede en slechte.”

Luister onze Ajaxpodcast Branie:

Meer over