PlusInterview

Kimberley Bos gaat met 130 op een slee naar beneden – en maakt serieus kans op een olympische medaille

Kimberley Bos op weg naar haar tweede wereldbekerzege in Winterberg in januari. Beeld Ina FASSBENDER/AFP
Kimberley Bos op weg naar haar tweede wereldbekerzege in Winterberg in januari.Beeld Ina FASSBENDER/AFP

Kimberley Bos (28) droomde er jaren van om de beste van de wereld te worden op de skeleton. Nu de Olympische Spelen op het punt staan te beginnen, is ze het daadwerkelijk. Een gesprek over gevaar, talent en haar eenzame bestaan. ‘Als kind was ik ook al een berekende durfal.’

Daan Hakkenberg

Als kind vertelde Kimberley Bos al tegen haar moeder dat ze ooit naar de Olympische Spelen zou gaan. Typische jeugdige overmoed. “Ik turnde, maar mijn moeder wist toen al: dat gaat ’m niet worden.”

Bos kreeg gelijk, al had toen niemand kunnen vermoeden dat ze op haar 28ste opgaat voor haar tweede Olympische Spelen op de skeleton, de eenmansslee die ze met een noodvaart naar beneden stuurt. Op je buik naar beneden, hoofd naar voren, je gezicht 15 centimeter boven een ijsbaan. Met soms wel 130 kilometer per uur, zonder remmen of stuur. Met als enige bescherming een helm en een bitje om de klappen onderweg op te vangen.

Olympische Spelen zijn bij uitstek het toneel voor ongelooflijke maar waargebeurde verhalen. De skeletoncarrière van Bos is zo’n sportsprookje. Geboren in een land zonder bergen of wintersporttraditie, maar Bos behoort inmiddels tot de besten van de wereld en is zodoende favoriet voor een olympische medaille. Het is nog geen tien jaar geleden dat ze na een dag vrijwilligerswerk op een sportolympiade meedeed aan een introductieles op de bobslee. De bob ruilde ze na een paar jaar in voor de skeleton en vorige week werd Bos Europees kampioen en won ze de wereldbeker. Geen Nederlander die dat eerder deed.

Historische prestatie

De machtsovername van Bos begon een paar maanden geleden in Winterberg. Op vrijdag 10 december, twee dagen voordat Max Verstappen in Abu Dhabi wereldkampioen in de Formule 1 zou worden, won Bos als eerste Nederlander een wereldbekerwedstrijd skeleton. De maandag erna sierde Verstappen de voorpagina’s, de prestatie van Bos verdween naar de kantlijn, in kleine krantenstukjes.

“Historisch,” noemt ze haar eerste wereldbekerzege. “Het wordt natuurlijk niet zo beleefd als de wereldtitel van Max Verstappen. Want ik denk dat je geen Nederlander kan vinden die dat niet heeft meegekregen, maar voor mij is dit van dezelfde orde van grote.”

De zege was de ultieme beloning voor de jarenlange, vaak eenzame toewijding van Bos. Jarenlang heeft ze gezegd dat ze de beste skeltonster van de wereld wil worden. En nu is ze het opeens. Tijdens de eerste wereldbekerwedstrijd in Winterberg versloeg ze alles en iedereen. En in januari deed ze dat op dezelfde baan opnieuw. “Eerlijk gezegd was het een beetje onrealistisch en gek. Op de training daarna kwamen allemaal mensen me feliciteren. Even wennen, zullen we maar zeggen.”

“Het afgelopen jaar kon ik al heel goed meekomen op een aantal banen en kreeg ik al de bevestiging. Nu merk ik dat ik steeds constanter word en op meerdere banen gewoon mee kan doen met de echte top. Dat ik ook een keer sneller ben dan Tina Hermann op een baan in Duitsland, haar thuisland. En dat is iets bijzonders, want Tina is meervoudig wereldkampioen en wereldbekerwinnaar. Ze staat al lang aan de top en ik ben maar een meisje uit Nederland. Maar wel een dat gewoon nog harder is gegaan. Ik heb nog geen WK gewonnen of Olympische Spelen, maar op dit moment behoor ik tot de besten van het veld.”

Zelfgemaakte trainingsopstelling

Eigenlijk is Bos veel meer dan topsporter. Als Nederlandse skeltonster is ze pionier, vaandeldrager en bovenal uniek. Atleet, maar tegelijkertijd ook haar eigen manager, kok en verzorger in één. “Mijn intrinsieke motivatie is hoog. Als je ziet wat ik de afgelopen jaren allemaal heb gedaan voor de sport. Ik doe een sport die niemand doet in Nederland.”

“Laatst las ik een boek van snowboardster Nicolien Sauerbreij. Ik herkende me heel erg in haar verhaal, omdat je zo veel voor jezelf moet zorgen. Ten eerste al voor de financiën om de dingen te doen die je wilt doen. Maar ook de kennis heb je niet allemaal in huis, dus die moet je gaan vergaren. Naast dat ik topsporter ben, ben ik ook programmamanager én commercieel manager om te zorgen dat de financiën binnenkomen. Het is altijd en uitdaging geweest en dat blijft het nog steeds.”

Kimberley Bos:
Kimberley Bos: "Ik heb nog geen WK gewonnen of Olympische Spelen, maar op dit moment behoor ik tot de besten van het veld."Beeld FRIEDEMANN VOGEL/EPA

Wintersport in Nederlands beperkt zich grotendeels tot schaatsten en dat maakt het skelotonbestaan van Bos eenzaam. Ze is vaak op zichzelf en haar eigen creativiteit aangewezen. Zo trainde ze afgelopen zomer op haar start op de atletiekbaan op Papendal met een eigen zelfgemaakte opstelling. De startbaan in Harderwijk is al een paar jaar dicht, dus Bos moest improviseren en vond een oplossing. Met een plat karretje op kleine wieltjes tegen de opstaande rand van de atletiekbaan bootst ze haar starts na.

“En dat heeft verschil gemaakt. Ik moest mijn start verbeteren om een stap dichter te komen op mijn concurrenten. Ik ben creatief in het bedenken van oplossingen. Over de jaren heen kun je het zo gek niet bedenken. Dat heeft niet mijn talent vergroot, maar wel de weg naar de top voor mij zo makkelijk mogelijk gemaakt. In ben in 2013 begonnen met deze sport en wat mij helpt, is dat ik veel bezig ben met wat er valt te verbeteren. In deze sport is het belangrijk niet te snel tevreden te zijn, want het gaat echt om details. Het helpt dat ik een perfectionist ben.”

Niet bang

Gezegend met stalen zenuwen bovendien. Ze is een van de grootste durfals van Nederland. “Voor mij is het niet gevaarlijk, maar als een ander op een slee gaat liggen bovenop een berg in Winterberg, weet ik niet of die beneden komt. Het heeft te maken met competenties. Weten wat je kunt. Kijk, wat Verstappen doet, is ook gevaarlijk. Maar als je het hem vraagt, zal hij zeggen dat ie niet bang is. Dat geldt voor mij ook. Zorgen dat je niveau goed genoeg, zodat je jezelf altijd kunt redden.”

“Bij mijn eerste zege in Winterberg ging ik harder dan überhaupt ooit iemand op die baan is gegaan. Wij hadden als vrouwen nog nooit de 130 kilometer per uur gehaald. Dat merk je duidelijk op die baan. Bij de eerste run was ik eventjes de weg kwijt alleen omdat de snelheid zo hoog lag was. Dan denk je wel even: wat is dit? Dat hoort een beetje bij de sport.”

Een waaghals dus, maar geen brokkenpiloot. “Als kind was ik ook al een berekende durfal. Ik moest altijd eerst nadenken of ik iets kon en dan deed ik het vaak zonder problemen. Ik had een vriendje op de basisschool, Sven, die dacht iets minder na over de gevolgen. Hij belandde altijd in de lappenmand en ik kwam er redelijk goed vanaf. Het is ook niet dat ik kick op sensatie. Ik ben niet iemand die het gevaar per se opzoekt. Ik heb nog nooit een snelheidsboete gehad en ik rij toch al aardig wat jaartjes. Met een parachute uit een vliegtuig springen of bungeejumpen zou ik dan ook weer nooit doen.”

Medaillekandidaat

Vier jaar geleden was deelname aan de Olympische Spelen in Pyeongchang al een overwinning op zich. Over twee weken staat ze boven aan het olympische ijskanaal als topfavoriet, maar die status zegt Bos niets. “Als je kijkt naar het veld, het niveau en hoe dicht alles op elkaar zit, dan zijn er wel twaalf kandidaten voor de titel. Het is een sport van details. Het zijn vier runs en je moet vier goede runs neerzetten. Eentje met een foutje, dan ben je weg.”

“Ik ben wel een van de kanshebbers, maar het zijn er zo veel dat de kans dat ik een medaille win niet zo gegarandeerd is als in het schaatsen. Het punt bij onze sport is: zodra je denkt dat je gaat sleeën voor het podium, ga je het niet halen. Wij zijn heel erg bezig met het proces, daar moet ik me aan vasthouden.”

“Een medaille op de Spelen zou een kers op de taart zijn. Voor de sport in Nederland zou het geweldig zijn, dan krijgt die meer bekendheid bij andere mensen. Want naar de Olympische Spelen kijken meer mensen dan naar welke andere wedstrijd dan ook. Maar of het nou wel of niet lukt, dat doet niets af aan het niveau dat ik nu heb. Mijn eigenwaarde en hoe ik mezelf zie als atleet hangt niet af van die ene wedstrijd. Wat ik heb bereikt, is al geweldig.”

Meer over