PlusReportage

Jumbo telt de dagen af, weer dichter bij het heilige doel

Nog één monsteretappe door de Pyreneeën en een tijdrit scheiden Jonas Vingegaard en Jumbo-Visma van een historische Tourzege. Tadej Pogacar zal ook op weg naar Hautacam aanvallen, maar bij Jumbo groeit het vertrouwen met de dag.

Daan Hakkenberg en Daniël Dwarswaard
Jonas Vingegaard, in het geel, verloor zijn naaste rivaal Tadej Pogacar, in de witte trui, op weg naar Peyragudes, geen moment uit het oog. Beeld Marco BERTORELLO/AFP
Jonas Vingegaard, in het geel, verloor zijn naaste rivaal Tadej Pogacar, in de witte trui, op weg naar Peyragudes, geen moment uit het oog.Beeld Marco BERTORELLO/AFP

Naarmate hij dichter bij Parijs komt, verdwijnt de branie van de eerste Tourweken beetje bij beetje bij Tadej Pogacar. Hij wint nog wel boven op de Peyragudes, nadat hij in de laatste meters een aanval van Jonas Vingegaard heeft gecounterd. Goed voor vier extra bonificatieseconden, meer niet.

Het is zijn derde ritzege, maar die brengt een derde Tourzege niet dichterbij. Dus is het Pogacar die net na de streep de geletruidrager feliciteert. Vingegaard heeft opnieuw een aanval van Pogacar afgeslagen en is de morele winnaar. De felicitaties van Pogacar zijn het bewijs dat de Sloveen zijn aura van onaantastbaarheid al een tijdje kwijt is. Het is maar de vraag of hij die in de laatste Pyreneeënrit kan terugwinnen.

Niet te kraken

Natuurlijk zal hij aanvallen. Pogacar kan - en doet - niet anders. Sinds hij vorige week op Col du Granon op ruim twee minuten achterstand werd gezet, herhaalt hij zijn mantra. “Ik heb een sterke ploeg en zal aanvallen.” Maar nu, op bijna 1600 meter hoogte, moet hij opnieuw concluderen dat Vingegaard niet verblikt of verbloost sinds hij in de gele trui rijdt. “Hij speelt het heel sterk en blijkt vooralsnog niet te kraken.”

Pogacar is niet het type dat naar excuses zoekt, maar voorafgaand aan dag twee in Pyreneeën zag hij met Rafal Majka opnieuw een ploegmaat wegvallen. Zo vervalt hij toch eventjes in een ‘wat als-theorie’. “Als ik Majka, Marc Soler en George Bennett nog had en dan met Brandon McNulty en Mikkel Bjerg erbij, zoals vandaag, hadden we de wedstrijd nog harder kunnen maken dan nu en zou Jonas misschien eerder kraken. Maar morgen is een nieuwe dag om het te proberen en zullen we zien of hij een zwakte heeft.”

Uitgedunde ploeg

Pogacars UAE-ploeg bestaat nog maar uit vier, maar in ondertal lukt het ze onderweg naar Peyragudes wel om Vingegaard te isoleren. Ruim voor de top van de Val Louron-Azet, de voorlaatste klim, is Vingegaard Sepp Kuss, zijn laatst overgebleven ploegmaat, kwijt. Ondertussen blijft McNulty voor Pogacar maar doorsleuren bergop.

De andere klassementsrenners worden op minuten gezet. Vingegaard: “Het is nooit goed om geïsoleerd te zitten. Als je dan een probleem hebt, kan dat desastreus zijn. Maar we zaten ook nog maar met drie man voorop. Sepp was bij de vijf besten vandaag, McNulty bij de beste drie.”

Dat Vingegaard ook in de Pyreneeën, zoals eigenlijk al de hele Tour, niet onderdoet voor Pogacar, sterkt het vertrouwen bij Jumbo-Visma. Een bergrit, een vlakke etappe, de tijdrit en dan naar de Champs-Élysées in Parijs. Dus is ploegleider Grischa Niermann tevreden, maar voor euforie is geen plaats. “Of we de Tour vandaag gewonnen hebben? Nee. We willen het geel niet na rit 17 hebben, maar na dag 21 in Parijs. Jonas heeft geweldig goed stand gehouden. We hadden gehoopt dat hij de rit kon winnen, maar deze klim ligt Pogacar ook beter dan Jonas. En McNulty was heel sterk, maar gelukkig heeft Pogacar daar voor het klassement uiteindelijk niet veel aan gehad.”

Laatste bergetappe

De laatste bergetappe van de Tour over de Aubisque, Spandelles en Hautacam is loodzwaar, maar boezemt Jumbo geen angst in. Niermann: “We hebben er vertrouwen in. Er kan van alles fout lopen. We hebben al een keer eerder gedacht dat we genoeg tijd hadden voor een laatste tijdrit. Dus rekenen we ons niet rijk. We blijven geconcentreerd. We laten ons niet gek maken.”

Vingegaard al helemaal niet. Waar bij Pogacar de branie wat wegsijpelt, wordt Vingegaard alleen maar rustiger nu de Tour haar ontknoping nadert. “Dat ik de Tour kan winnen, daar wil ik niet over nadenken. Ik bekijk het dag voor dag.”

En de laatste dag in de bergen, die ziet Vingegaard eigenlijk wel zitten. “Een finish zoals vandaag past me niet zo goed. Dit was een beetje als La Planche des Belles Filles. Ik weet dat ik minder explosief ben en daarom probeerde ik er een lange sprint van te maken. De aankomst Hautacam past me beter.”

De Aubisque en Hautacam zijn de blikvangers in het laatste gevecht om het geel in de bergen. Ook Vingegaard weet dat Michael Rasmussen in 2007 in het geel als eerste boven kwam op de Aubisque. “Al weet ik er nog maar weinig van hoe ik Rasmussen de etappe zag winnen. En morgen is het niet alleen de Aubisque maar ook de Hautacam, waar Bjarne Riis (in 1996, ook in het geel) de etappe won. Voor het Deense wielrennen zijn het belangrijke beklimmingen.”

Geen mooiere plek voor Vingegaard om zichzelf ook in de Deense sportgeschiedenis te fietsen.