PlusInterview

Jesse Mahieu, de coach die Pinoké richting de play-offs leidde: ‘Veel mannen hadden tranen in hun ogen’

Pinoké staat voor de eerste keer in de clubhistorie in de play-offs om de landstitel, tegen Amsterdam. Oud-international Jesse Mahieu (43) is vijf jaar de coach van Pinoké en speelde voor beide teams. ‘Pinoké is bescheiden, misschien te bescheiden.’

Sander Collewijn
Jesse Mahieu: 'Je moet van elkaar weten waarom iemand boos wordt op een training, al is het niet leuk als blijkt dat iemand al drie jaar iets irritant aan je vindt.' Beeld Nina Schollaardt
Jesse Mahieu: 'Je moet van elkaar weten waarom iemand boos wordt op een training, al is het niet leuk als blijkt dat iemand al drie jaar iets irritant aan je vindt.'Beeld Nina Schollaardt

Play-offs

“Ik had tranen in mijn ogen toen we ons tegen Rotterdam plaatsten voor de play-offs, voor het eerst in de historie van de club. Er waren zoveel ups en downs in de afgelopen tien jaar. In 2012 waren we er dichtbij, maar ging het op de laatste speeldag alsnog mis. In 2018 hebben we met Pinoké nog play-outs tegen degradatie uit de hoofdklasse gespeeld. Vorig jaar werden we vijfde. Daardoor was er nu zoveel ontlading.”

Supporters

“We hebben een appgroep met oud-spelers van Pinoké Heren 1, waar zo’n honderd man in zit. Het is bijzonder hoe iedereen meeleeft. Er zitten spelers bij van alle generaties. Al die teams hebben knetterhard gevochten om hogerop te komen of te promoveren. Oud-speler Rob Gerretse speelde in de jaren zestig in Heren 1. Hij is nu in de tachtig en komt ons nog elke week met zijn vrouw aanmoedigen. Hij heeft zo’n pet met een geborduurde ‘steekneus’ erop. Zoals hij zijn er zoveel op de club. Het team dat nu de play-offs haalde, staat echt op de schouders van al die oud-spelers. Ik heb de afgelopen weken veel mannen met tranen in de ogen gezien. Niemand is blasé. Iedereen is trots.”

Mental coach

“Onze manager Jetze Oosthoek kwam in augustus met het idee om een mental coach te vragen. Het is waanzinnig wat Hidde van der Pol heeft gedaan en nog steeds voor ons doet. We hebben hard gesleuteld aan onze kernwaarden en hoe we ervoor zorgen dat we daar naar leven.”

“We moesten echt aan de slag met het ‘waarom’. Natuurlijk kan alles beter, maar waarom willen we nóg fitter worden? Waarom moet de zone press beter? Dat doel, de essentie waarom je met elkaar dingen doet, dat hebben we hervonden.”

Team

“Tijdens de trip in Barcelona hebben we intensieve teamsessies gehad. Juist als je al tien jaar samen speelt moet je investeren in elkaar. De hiërarchie kan vastgeroest zijn. Je moet van elkaar weten waarom iemand boos wordt op een training. Al is het niet leuk als blijkt dat iemand al drie jaar iets irritant aan je vindt.”

“Door de zoektocht naar de kern zijn zelfopgeleide spelers dit seizoen opgestaan. Lukas en Pieter Sutorius, Marlon Landbrug, Texas Bukkens, Morris de Vilder: ze hebben een supergroot aandeel in de stabiliteit. We zijn in de tweede helft van dit seizoen écht beter geworden.”

Schorsing

“Ik denk eerlijk gezegd nooit meer aan mijn dopingverhaal. Toen het gebeurde voelde ik me schuldig naar het team en de club. Dat gaf mij extra motivatie om Pinoké te helpen. Nu is het dopingverhaal ver weg. Ik ben er minder onverschillig door gaan leven, maar het leven mag van mij nog wel een beetje impulsief zijn. Het hoeft allemaal niet zo ingekaderd.”

Coaching

“Toen ik net begon als coach wilde ik zoveel zelf doen. Nu probeer ik een platform te creëren waarin staf- en clubleden goed renderen. Zo is assistent-coach Craig Sieben een enorme tacticus, een tovenaar. Hij maakt goede slides voor de teambespreking. Christoph Rosenmöller is al zeven jaar onze fysiotherapeut en heeft zichzelf zo goed ontwikkeld. En we hebben een manager die rondom het team veel mensen kan bewegen om mee te helpen. We hebben nu veel meer handen.”

Clubcultuur

“Een club moet goed nadenken over het eigen profiel. Wat is de clubcultuur? Met eigen jeugd werken? Hockeyverenigingen moeten duurzame organisaties zijn. Het is een plek waar mensen een groot deel van hun leven doorbrengen. Een plek waar ze hopelijk beter worden, niet alleen in de prestaties, maar ook als mens.”

Fan van Pinoké

“Ik ben naast coach en oud-speler vooral fan van de club. Toen we in 2009 play-outs speelden tegen degradatie, gingen we met een bus naar Victoria. Er spelen nu jongens in het team die destijds als jochie mee kwamen. De verbondenheid is enorm. Bij Pinoké loopt werk en hobby door elkaar. De emotionele betrokkenheid is heel groot. Ik kan echt wakker liggen van mijn werk bij de club.”

Bondscoach

“Ik ben nooit bezig geweest met carrièreplanning. Ik deed wat ik leuk vond. Je hebt mensen die geloven in een maakbare wereld, een maakbare carrière. Ik denk dat maakbaarheid een beetje trainbaar is. Je probeert als coach pech en geluk te beïnvloeden. Maar het moet ook meezitten. Ik wil ooit wel bondscoach worden, denk ik. En dan olympisch kampioen. Ik ben nu 43. Ik weet niet hoe vaak zo’n positie vrijkomt. Als het langskomt, moet ik ook echt nadenken of ik het wel wil.”

Media

“In 2006, toen ik in nog in het Nederlands elftal zat, begon ik met stukjes schrijven voor Het Parool. Daarna kwam ik in de supermarkt oud-journalist van AT5 Martien Vlietman tegen. Drie weken later had ik een contract bij de VPRO, bij Holland Sport. Dat was een geweldige tijd. Sindsdien heb ik overal gewerkt: Eurosport, BNNVARA, RTL. Nu werk ik af en toe bij de NOS als redacteur. Bij M deed ik eindredactie. Ik heb dat acht jaar dagelijks gedaan, maar van de waan van de dag word je soms knettergek. Nu ben ik fulltime hockeytrainer. Als er straks geen club belt, kan ik hopelijk weer ergens terecht in de media. Dat is een prettige gedachte.”

Het hockeywereldje

“Toen ik net bij Pinoké zat, dacht ik: wat doe ik hier, tussen al die leden van het studentencorps? Ik vond het moeilijk, kende dat allemaal niet. Maar ik kon met veel van die jongens echt goed opschieten.”

“In de hockeywereld zul je veel stereotypes vinden, zoals iedereen die kent. Maar zeker bij tophockey spelen verschillende figuren: ik heb een speler in het team die werkt aan inclusiviteit bij de VU. Een ander is bijvoorbeeld kapper.”

Saxofoon

“Ik ben gek op het mixen van vinyl. Ik heb een tas vol Afrikaanse discoplaatjes, Veel muziek uit Ghana: highlife, een soort ongepolijste disco. Muziek heeft iets eindeloos. Dat is ik ook moeilijk. Je hebt er nooit genoeg van, er is altijd een nieuw plaatje dat ik wil hebben. Het gaat maar door. Mijn saxofoon staat in de woonkamer, zodat ik ernaar kan kijken. Ik speel nooit meer. Soms denk ik wel: ik moet het toch weer oppakken.”

Amsterdam en Pinoké

“Bij Amsterdam is er een soort vanzelfsprekendheid dat ze play-offs spelen. Het is een bepaalde arrogantie en kijk op het hockey. De club heeft een historie vol grote namen. Ik heb het zelf meegemaakt. Pinoké is iets meer bescheiden. Misschien wel te bescheiden. Het is een andere cultuur en een andere manier van spelen. Van zijn. Amsterdam is een Amsterdam-Zuidclub. Pinoké bestaat uit Amstelveense families, aangevuld met studenten. Ik ben ooit teruggegaan naar Pinoké uit nostalgie.”

Jesse Mahieu (1978)

50 interlands voor Oranje

1998-2002 Pinoké

2002-2008 Amsterdam (2 keer landskampioen, 3 Europacups)

2008-2013 Pinoké

2013- 2017 Assistent-coach Pinoké

2017-heden Hoofdcoach Pinoké

2019-2021 Assistent-bondscoach Jong Oranje Heren

2022-heden Bondscoach Jong Oranje Heren

Meer over