PlusAchtergrond

Irene Schouten over haar vier medailles: ‘Dit is niet normaal’

In twee weken tijd groeide Irene Schouten (29) uit tot een van de grootste Nederlandse schaatsers ooit. Nooit was een Nederlander succesvoller op een editie van de Winterspelen dan zij in Peking: driemaal goud en één keer brons. ‘Ja, dit is wel echt uniek.’

Pim Bijl
Schaatsster Irene Schouten draagt de Nederlandse vlag tijdens de sluitingsceremonie van de Olympische Winterspelen 2022 in Peking. Beeld Vincent Jannink/ANP
Schaatsster Irene Schouten draagt de Nederlandse vlag tijdens de sluitingsceremonie van de Olympische Winterspelen 2022 in Peking.Beeld Vincent Jannink/ANP

Het was een dag na de openingsceremonie dat zij de zo gespannen favoriet was voor de eerste in Peking te verdienen olympische schaatstitel. Gisteren droeg ze de vlag voor Nederland in het imposante Vogelnest, omdat ze niet alleen die 3000 meter won, maar ook de 5000 meter en de massastart. Alleen op de veelbesproken ploegenachtervolging lukte het niet en was er het brons. In veertien dagen reed Irene Schouten zich tussen de grote namen uit het verleden.

Laatbloeier op de langebaan, maar op 29-jarige leeftijd in de vorm van haar leven, piekte ze op het juiste moment en bezweek ze niet onder de druk. Drie keer goud, pas bij de medaille-uitreiking op zaterdag drong dat echt tot haar door. “Ik had voor het eerst even een besefmomentje,” zei ze daarna. “Dit is wel heel bijzonder. Dit is niet normaal. Ja, dit is wel echt uniek.”

Net zoveel gouden medailles als Ard Schenk (Sapporo 1972) en Yvonne van Gennip (Calgary 1988) en qua eremetaal overtrof ze hen zelfs met ook nog het brons. Voor Schouten, geboren in 1992, waren de Winterspelen van Salt Lake City in 2002 de eerste die ze voor de televisie meemaakte. Fan was ze destijds van Gretha Smit. Maar om nu in één adem te worden genoemd met Schenk en Van Gennip, voelt nog wat onwennig.

Legendes

“Dat zijn gewoon legendes. Het is natuurlijk heel mooi, maar je kunt het ook niet helemaal vergelijken. Zij hadden allebei niet de kans om een massastart te rijden. En hebben wat dat betreft een streepje voor.”

Al haar gouden medailles hebben een eigen verhaal. De 3000 meter stond voor het kunnen omgaan met de wolkenkrabberhoge verwachtingen. Op de 5000 meter reed ze een geweldige rit, sneller dan ze ooit had gedaan op die afstand. En op de massastart liet ze zich niet gek maken door de val van Marijke Groenewoud en al het geduw en getrek. Haar sprint bleek weer eens een machtig wapen. Hoewel ze de massastart wel de moeilijkste om te winnen vond, blijft ze bescheiden als het over haar plaats in de schaatsgeschiedenis gaat.

Hoe dan ook landt ze straks op Schiphol met een totaal andere status dan voorheen. Waar Sven Kramer en Ireen Wüst afzwaaien, is zij in termen van prestaties nu een van de schaatssterren. Of zij de leegte vult, is de vraag. Schouten heeft tot nu toe vrijwel nooit bewust een rol gepakt in schaatsdiscussies in Nederland.

Ineens fors veranderen zal ze hoogstwaarschijnlijk niet, denkt ook ploeggenoot Jorrit Bergsma, die net als coach Jillert Anema zaterdag in tranen was door de winst van Schouten op de massastart. “Daar is ze veel te nuchter voor. Ik ken haar als een nuchtere West-Friezin. Ze is opgegroeid in een familie waar hard werken op één staat en die mentaliteit zal ze houden.”

Verdiend gewonnen

Bij haar ploeg Zaanlander heeft ze het naar haar zin. Ook zal ze multidisciplinair blijven acteren. Niet vaak genoeg kon ze haar team bedanken. “Als een van de weinigen nemen wij de massastart serieus. Soms heb je pech en wint iemand ’m lucky. Het klinkt misschien een beetje arrogant, maar ik vind dat ik ’m verdiend heb gewonnen.”

Het liefst ontwikkelt ze zich door tot winnaar op de voor haar lastigere 1500 meter en richt ze zich ook op marathons en wedstrijden van 200 kilometer op natuurijs. Zeker is dat zij op dit moment de dienst uitmaakt op de 3 en de 5 kilometer.

Tweeënhalve week op scherp

In het laatste weekeinde bleek ook hoe veeleisend haar tijd in de Chinese hoofdstad is geweest. Een vol programma met in totaal zeven races noemde ze eerder een voordeel. Want buiten slapen, eten en trainen was er in de strikte olympische bubbel weinig te beleven, vond ook zij. Maar toen ze haar laatste wedstrijd had gereden en eindelijk aan de vermoeidheid kon toegeven, was ze ook opgelucht.

Net als Sifan Hassan afgelopen zomer in Tokio na tweemaal goud en een overvol programma op de Spelen, zei Schouten blij te zijn dat het erop zit. “Ik heb toch tweeënhalve week op scherp moeten staan. Mezelf zeven keer moeten opladen. Dat kost heel veel energie. Dat komt er nu ook uit en dan is het heel fijn dat ik lekker naar huis mag.”

Meer over