PlusReportage

Femke Kok raapt zichzelf op tijd bij elkaar

Na een tumultueus voorseizoen en een domper op tweede kerstdag hield Femke Kok het hoofd koel op het moment suprême. Ze plaatste zich dinsdag voor de olympische sprint van Peking.

Rik Spekenbrink
Femke Kok, dinsdagavond tijdens het Olympisch Kwalificatie Toernooi in ijsstadion Thialf in Heerenveen. Beeld Pro Shots / Erik Pasman
Femke Kok, dinsdagavond tijdens het Olympisch Kwalificatie Toernooi in ijsstadion Thialf in Heerenveen.Beeld Pro Shots / Erik Pasman

Na de speciale ‘boks’ met coach Michel Mulder, met de opgestoken duimen tegen elkaar, glijdt Femke Kok met een strakke blik naar de start. Als de speaker in ijsstadion Thialf haar naam omroept voor de eerste omloop, vertrekt ze geen spier. Geen lach, geen handje in de lucht.

Die staat stijf van de stress, denk je vanaf de tribune. Niet zo vreemd, na een mislukte 1000 meter op tweede kerstdag en een voorseizoen met allerhande tegenslagen. Logisch ook, gezien de afgelopen paar jaar. Sinds ze met succes de mondiale top aanvalt, gaat ze ineens door het leven als Neerlands hoop in bange dagen.

Zelf voelde ze geen spanning, beweert Kok achteraf. Wat we daar zagen, was verbetenheid, agressiviteit. “Het was vandaag alles of niets. Ik was er alleen maar heel erg op gebrand me te plaatsen voor de Olympische Spelen. Daar heb ik altijd van gedroomd.”

Gezonde spanning was het dus meer. Maar lading lag er zeker op de 500 meter van dinsdagavond. “Ik ben pas 21,” zei Kok onlangs, toen ze vond dat de druk van buitenaf wat al te hoog werd opgevoerd. “Ik kan toch ook gewoon een minder jaar hebben. Waarom moet ik verantwoording afleggen.”

Met die opmerking probeerde ze de druk wat van de ketel te halen. Zoals ze dat ook deed bij de WK afstanden eerder dit jaar, waar zilver ineens een soort tegenvaller was. “Ik ben pas 20, hè,” zei ze toen.

Maar er wordt nu naar haar gekeken. Door concurrentes uit binnen- en buitenland. En ook in haar eigen Team Reggeborgh is zij nu dé kopvrouw. Dat voelt Kok. Die verlangt na die snelle opmars in de sprintwereld net zo goed veel van zichzelf. Daarom juist rees er de afgelopen maanden twijfel. De topvorm was ineens weg. Ze had last van een liesblessure. Privésores zorgden bovendien voor onderbroken nachten, vertelde ze eerder deze maand.

Uithuilen

Tweede kerstdag had ze de ‘hotelbubbel’ van haar ploeg verlaten om thuis, bij haar ouders, uit te huilen van haar 1000 meter, waarop ze zesde werd. “Ik was boos, teleurgesteld, verdrietig. Maar daarna heb ik mezelf snel weer bijeengeraapt.”

Voor twijfel richting de 500 meter zorgde het niet, zegt Kok stellig. Integendeel zelfs. “Ik was zenuwachtig voor die 1000 meter, dat is een lastiger afstand voor mij. Doordat het daar niet was gelukt, was ik alleen maar extra gemotiveerd. Het heeft me juist geholpen. Ik wist dat ik de snelheid had.”

Ze vertrouwde erop dat ze precies op tijd zou komen bovendrijven, zoals het een echte topper betaamt.

In de eerste omloop was ze duidelijk de snelste, maar in de tweede stond ze naast sprintrivale Jutta Leerdam. Toen die de laatste bocht uit kwam, kroop ze centimeter voor centimeter dichter naar Kok toe. Winnen was cruciaal, want plek twee staat al erg laag op de ‘selectievolgorde’. Kok: “Ik dacht: die komt er echt niet langs. Gelukkig was dat ook zo.”

De 37,30 van Kok betekent plaatsing voor Peking. Leerdam, al zeker van de Spelen na het winnen van de 1000 meter, klokt 37,32 en pakt het tweede ticket.

Onderaan

Na afloop schiet de blik van Kok af en toe richting de televisieschermen, waar haar race wordt herhaald. Maar ze kijkt soms ook naar links, waar haar ploeggenote Michelle de Jong haar verhaal doet. Die is met 37,53 derde geworden en vindt haar naam helemaal onderaan de matrix terug. Zij moet hopen op ‘dubbelingen’ en uitgerekend haar zus Antoinette kan daar een belangrijke bijdrage aan leveren.

Antoinette de Jong was al goed op de 1000 en 3000 meter en de 1500 komt nog. “We hebben best veel contact gehad de laatste dagen,” vertelde Michelle de Jong die zondag vierde was geworden op de 1000 meter. “Antoinette had voor haar gevoel mij mijn plekje afgepakt, ze had daar best moeite mee. Dat vond ik lastig om te zien. Om meerdere redenen hoop ik dus dat Antoinette heel hard gaat rijden.”

Meer over