PlusInterview

En nu minder paralympische klassen, vindt Esther Vergeer

De Paralympische Spelen van Tokio hebben Nederland 59 medailles opgeleverd en een aantal nieuwe paralympische helden. Chef de mission Esther Vergeer kijkt terug op een zeer succesvol toernooi, maar is ook kritisch over de internationale toekomst van het evenement.

Tobias Kappelle
Esther Vergeer. Beeld Pro Shots
Esther Vergeer.Beeld Pro Shots

Dat Nederland het op de Paralympische Spelen in Tokio opvallend goed heeft gedaan op bepaalde onderdelen is geen toeval. Voormalig Chef de mission André Cats bedacht ongeveer tien jaar geleden vooral te investeren in atletiek, zwemmen en wielrennen. Gezien de medaillewinnaars werpt dit beleid nu zijn vruchten af.

Chef de mission Esther Vergeer: “Dat is knap gezien van André. We hebben de focus gehad op die sporten. Daar hebben we tijd en expertise in geïnvesteerd. Tien jaar geleden was dat beleid vernieuwend, maar hij heeft goed gezien waar wij met de sport naartoe wilden en dan zijn de medailles dus ook te verklaren. Het is nu wel tijd voor de volgende stap. We gaan kijken hoe ver we dit wereldwijd kunnen doortrekken.”

Om dit te kunnen doen pleit Vergeer voor een andere opzet van de Paralympische Spelen. Volgens de voormalig rolstoeltennisspeelster zijn er te veel verschillende klassen, waardoor het totale evenement onoverzichtelijk wordt: “Ik zie 29 starts op de 100 meter en dat is onbegrijpelijk. Ik zit hier midden in de sport en ík vind het al lastig te begrijpen. Voor de buitenwereld moet dat al helemaal moeilijk te vatten zijn. Als wij de sport willen ontwikkelen en professionaliseren, dan is minder klassen een keuze die we moeten maken.”

Ook de Paralympische Spelen hadden een feestelijke slotceremonie.  Beeld BELGA
Ook de Paralympische Spelen hadden een feestelijke slotceremonie.Beeld BELGA

Geen onvertogen woord

Deze Paralympische Spelen had Vergeer grotere problemen om zich druk over te maken. Het coronavirus zorgde ervoor dat alles anders was dan normaal en dat veroorzaakte de nodige spanning bij de verantwoordelijke mensen. “Het virus was wel één van de dingen waar ik bang voor was. Wat heeft het voor een impact op het team als wij dat krijgen? Dat vond ik heel spannend. We zijn er heel goed doorheen gekomen en hebben nergens last van gehad. Ik kan alleen maar complimenten geven aan het hele team, want de regels waren heel strikt. Geen gebruik van de lounge en compartimenten, bij je eigen sport blijven. Het was heel streng, maar er is geen onvertogen woord gevallen.”

Dankzij het gunstige verloop konden de Nederlandse atleten – in tegenstelling tot een aantal leden van de olympische ploeg op de ‘gewone’ Spelen – zich volledig focussen op hun sport en dat leverde mooie prestaties op. Voor Vergeer zelf is het moeilijk kiezen wat het absolute hoogtepunt was: “Het gevoel dat je krijgt als je het olympisch stadion binnenloopt, is natuurlijk heel bijzonder. Daarnaast was het heel indrukwekkend om te zien hoe Jetze Plat zijn hele toernooi heeft opgebouwd. Het was ook emotioneel om te zien hoe een aantal sporters een punt achter zijn carrière zette, terwijl tegelijkertijd een aantal jonkies voor een nieuwe start zorgde.”

Nieuwe lichting

De voorbereiding had beter gekund, want deze werd door het coronavirus behoorlijk verstoord. Op sporttechnisch gebied viel er weinig aan te merken op deze Spelen en ook met de toekomst zit het volgens Vergeer wel goed: “Ik denk dat het tekenend is voor deze Spelen dat 24 van de 73 sporters uit een talentenprogramma komen. Eén keer per jaar organiseert NOC*NSF een talentendag, waarbij mensen die denken talent te hebben zich kunnen aanmelden. We krijgen vaak de vraag wat de nieuwe lichting is voor 2024 in Parijs. Waar gaan we die vandaan halen? Het is belangrijk om in te blijven zetten op het zoeken van nieuwe jeugd voor onze sport.”

Meer over