PlusAchtergrond

Chagrijn onder Nederlandse schaatsers blijft na misser massastart: ‘Al de zoveelste fout’

Nederland won een weekeinde lang vrijwel alles op de EK afstanden. Het leek het ideale recept om het chagrijn na de discussie over de olympische selectie weg te spoelen, maar na een verprutste massastart dropte Jillert Anema op kenmerkende wijze alsnog een bommetje.

Pim Bijl
Jorrit Bergsma tijdens de massastart van de EK afstanden in Thialf. Nederland won dit weekend 11 van de 14 medailles. Beeld ANP
Jorrit Bergsma tijdens de massastart van de EK afstanden in Thialf. Nederland won dit weekend 11 van de 14 medailles.Beeld ANP

Jillert Anema briest achter het plastic scherm dat hem van de verslaggevers scheidt. Het is maar goed dat hij ook een mondkapje draagt. Hij geeft de pers ervan langs, die volgens hem al veel eerder alarmerende verhalen had moeten schrijven en niet nu pas, nadat de massastart zojuist is verprutst. Meer nog deelt hij sneren uit aan de bond. “De KNSB faalt als organisatie door het onderdeel niet belangrijk te maken. Ik heb een medaille al afgeschreven.”

Na drie dagen schaatsen in Thialf is Anema de laatste die wordt geïnterviewd. Zijn woede staat in groot contrast met het algehele gemoed van de drie voorbije dagen. “Sorry,” zegt de Pool Piotr Michalski nog na zijn overwinning op de 500 meter – zo ongewoon is een overwinning voor een niet-Nederlander. De tegenstand houdt niet over: van de veertien onderdelen worden er liefst elf door een Nederlandse schaatser gewonnen. Naast Michalski is er de zege van de Belg Bart Swings op de massastart en winnen de Poolse vrouwen de teamsprint. Op dat onderdeel deed Nederland trouwens niet mee.

Zo vaak het Wilhelmus, zo veel overwinningen om het vertrouwen op te vijzelen op weg naar de Winterspelen in Peking. Het lijkt het ideale recept om de commotie van de voorbije week af te sluiten en het chagrijn na de discussie over de olympische selectie weg te spoelen. Voor een deel lukte dat ook, veel schaatsers tonen dat hun persoonlijke onvrede de sportieve ambities niet in de weg zitten.

Het doel blijft goud

Het goud van Patrick Roest, Sven Kramer en Marcel Bosker op de ploegachtervolging is daarvan het beste voorbeeld. De drie hoofdrolspelers in de discussie schaatsten als één blok over het ijs. Daarna, onafhankelijk van elkaar dezelfde boodschap: meningen mogen bestaan, iedereen mag zijn zegje doen, maar ons doel is onveranderd goud – en daar staat dit alles niet bij in de weg. “Ik wil er niet in blijven hangen,” zegt Roest. Zijn onvrede is gericht tegen de bond en de bondscoach, niet tegen ‘de jongens’. Dat geldt ook voor Dai Dai N’tab, de pijnlijke afvaller op de 500 meter. Hij heeft midden in een voor hem deprimerende week al tegen Merijn Scheperkamp gezegd dat die zich niet schuldig hoeft te voelen.

Na alle successen gaat het bij allerlaatste onderdeel van het toernooi alsnog faliekant mis. Eerst toont het duo Irene Schouten en Marije Groenewoud opnieuw aan hoezeer ze op elkaar zijn ingespeeld, waarna de eerste naar goud sprint, maar daarna loopt alles mis bij Jorrit Bergsma en Marcel Bosker, voor het eerst samen in actie op een massastart. Achteraf bleek bijvoorbeeld dat de bel voor de laatste ronde niet was geluid. “Wat een prutsers,” verzuchtte Bergsma.

“Het is al de zoveelste fout. We kregen de bel terwijl we afsprintten. Met zulke fouten blijft het amateuristisch, dit hoort niet bij een olympisch onderdeel. Maar het wedstrijdverloop hadden we ook niet goed in de hand. Dit laat zien hoe belangrijk het is om routine te kweken, ervaring op te doen samen.” In Peking krijgt hij juist weer Kramer naast zich. Die twee, bepaald geen vrienden, hebben nog niet gesproken en ook nooit geoefend. Of hij er vertrouwen in heeft dat de twee in Peking als één blok rijden? “Ja, dat weet ik niet. Dat denk ik wel. Ik denk dat we twee professionals zijn.”

Geen heldere uitleg

Wat niet helpt, is dat bondscoach Jan Coopmans moeite heeft de twijfels rond zijn beslissingen met een heldere uitleg weg te nemen. Waar de fouten bij de massastart volgens hem logisch te verklaren zijn, omdat het allemaal nieuw is voor Bosker, rijdt er straks op het vierjaarlijkse hoogtepunt ook een duo dat niet op elkaar is ingespeeld. Dat is volgens hem geen probleem. “Kramer hoef je echt niets meer uit te leggen.”

Anema zegt de bondscoach weinig kwalijk te nemen. “Die wordt verplicht dingen te doen,” stelt hij. Waar Bergsma nog rustig blijft, eindigt het toernooi alsnog met een bommetje van zijn coach, die eens in de zoveel tijd uit zijn slof schiet. “De KNSB faalt. Je hoort dit onderdeel belangrijk te maken. Dat doe je door met één team te werken, zodat je een goede wisselwerking krijgt. Maar dat doen ze niet. They don’t know shit!”

De vraag is hoelang de onvrede nog doorettert. Of er straks in Peking genoeg cohesie is. En dan gaat de KNSB de ploeg van negen mannen en negen vrouwen ook nog eens uitbreiden met vier reserves, voor het geval schaatsers vanwege coronabesmettingen afhaken. Het zou zomaar extra gedoe kunnen opleveren.