PlusAchtergrond

Alleskunner Anouk Vetter haalt zilver, maar heeft er bovenal weer lol in

Anouk Vetter (28) moest van diep komen om olympisch zilver te halen. In 2019 was ze het plezier in haar sport helemaal kwijt, nu is ze de op één na de beste van de alleskunners in de atletiek. Voor haar trainingsmaatje Emma Oosterwegel.

Pim Bijl
Toen aan het begin van dag twee ook het verspringen naar wens verliep, wist Vetter dat een medaille binnen handbereik was. Beeld BELGA
Toen aan het begin van dag twee ook het verspringen naar wens verliep, wist Vetter dat een medaille binnen handbereik was.Beeld BELGA

Wanneer Anouk Vetter woensdag na vier onderdelen de tussenstand van de zevenkamp bekijkt, ziet ze haar naam bovenaan staan. ‘Shit!,’ denkt de vrouw aan de leiding. ‘Nu komen de verwachtingen.’

Als ze donderdag na de afsluitende 800 meter hetzelfde scherm bekijkt, ziet ze de Belgische Nafissatou Thiam bovenaan staan en haar naam pal daaronder, op de tweede plaats. Ze heeft olympisch zilver. Wat ze denkt? Weinig tot niets. Ja, er is een lange knuffel met trainingsmaatje Emma Oosterwegel, die derde is geworden, maar waar bij haar de tranen al in de ogen staan, is Vetter beduusd. Vol ongeloof. Ze lijkt wel in trance, een minuutje of tien, gokt ze, al is tijdsbesef ook niet haar sterkste punt na een zenuwslopende zevenkamp.

Het is pas als ze haar vader en coach Ronald in de armen vliegt dat het allemaal een beetje indaalt. Na een Europese titel in 2016 en WK-brons een jaar later staat de 28-jarige atlete nu op het podium van de Spelen, in wat ze met een knipoog haar tweede carrière noemt.

Geknakt

De 800 meters die ze net heeft gelopen om haar tweede plaats veilig te stellen, vormden nog geen twee jaar terug een veel te hoge drempel. In Doha, op de WK, zag ze als een berg op tegen die twee afsluitende rondes. Er was iets geknakt. Ze trok zich terug. Zonder blessures, zonder fysiek leed, ze wilde gewoon niet meer. Haar toelichting toen: “Ik kan het mentaal niet meer opbrengen. Ik ben niet gelukkig.”

Na dat toernooi gaat ze op vakantie naar Sri Lanka, waar ze aan andere reizigers niets over haar bestaan als topsporter vertelt. Dat heeft een duidelijke reden: ze is er goed klaar mee, de manier waarop het al een tijdje gaat. Doorgeschoten kritisch, voor haar gevoel al te lang wonend en trainend op Papendal, tussen dezelfde mensen die ook allemaal het topsportersleven leiden. Er moet meer zijn, denkt ze al een poos, ze wil een breder leven, wonen in een stad als Amsterdam.

Twee maanden doet ze niet aan atletiek. Ze zoekt naar oplossingen en verhuist naar de hoofdstad. Ze gooit het roer om, maar pakt óók haar sport weer op. Nog altijd trainend bij vader Ronald. “Ik beleef het alleen heel anders nu,” zegt ze, content met de rood-wit-blauwe vlag om haar nek in Tokio. Ze heeft zichzelf opnieuw uitgevonden en daarmee haar carrière verlengd.

Niet meer doorslaan dus. De verwachtingen temperen. Dan helpt het niet om aan de leiding te gaan op de Olympische Spelen.

Het is misschien wel de reden dat Vetter en haar kamergenoot Oosterwegel vrijwel niet slapen na dag één van de zevenkamp. In de ochtend vragen ze aan elkaar hoe het is. Er komt vooral gekreun en gevloek uit hun monden. Stramme spieren, vermoeide hoofden. Het echte ‘meerkampgevoel’, want de zevenkamp is altijd een tweedaagse slijtageslag. De atleten die het beoefenen, moeten allround zijn en koel blijven: het gaat om stabiel goed presteren.

Als aan het begin van dag twee ook het verspringen naar wens verloopt, weet Vetter dat het moet gebeuren. “Shit! Ik móet hier met een medaille weggaan. Ik ben nu zó dichtbij.” Ze lacht. “Ik wilde dit gewoon.” Speerwerpen, normaal haar beste onderdeel, valt vervolgens flink tegen en vanaf dat moment weet ze dat de Belgische Thiam net als vijf jaar geleden in Rio het goud zal gaan pakken. Daarom noemt Vetter het naderhand ook geen ‘droom-meerkamp’. “Wél een heel goede. Het zijn twee lange dagen en je ziet dat Emma en ik daar heel goed mee zijn omgegaan.”

Minder uitbundig

Vetter heeft genoten. Een meerkamp beleeft ze minder uitbundig dan het leven buiten de atletiekbaan. Maar ze heeft absoluut genoten, wat ze in Doha twee jaar geleden dus totaal niet kon. “De eerste tranen kwamen ook toen ik dat besefte. Waar ik vandaan kom en waar ik nu sta. Het waren lange dagen, maar ze vlogen voorbij. Daar ben ik supertrots op. Dit is het happy end.”

Het gevoel van destijds in Doha kan ze niet eens meer oproepen bij zichzelf. “Het is heel fijn hoe het brein werkt. Je vergeet het gewoon.” De kans dat ze deze meerkamp vergeet is klein. Olympisch zilver in een nieuw Nederlands record van 6689 punten. Anouk Vetter is blij dat ze topsporter is.

Meer over