PlusAchtergrond

Zo leer je kinderen omgaan met geld – en begin daar vooral niet te laat mee: ‘Miskopen doen mag’

Leer je kind jong met geld omgaan en verklein daarmee de kans dat het later in de financiële problemen komt. Hoe? Deze tips helpen ouders op weg.

Marjolein Kooyman
null Beeld Eva van Brummelen
Beeld Eva van Brummelen

Kleuter: leg het uit bij de kassa

Kinderen kunnen, net als volwassenen best hebberig zijn, zegt pedagoog Ingeborg Dijkstra van Stepping Stones. “Door te leren dat je die behoefte even kunt uitstellen, begin je eigenlijk met de financiële opvoeding.” Ook als volwassene kun je hebberig zijn maar niet alles kopen wat je wilt, stelt ze. “Geld uitgeven gaat over keuzes maken. Als je het ene koopt, heb je geen geld meer om het andere te kopen.”

Ook dat kun je al op jonge leeftijd leren aan je kind. “Bijvoorbeeld bij het kiezen van een cadeautje op vakantie. Laat hem of haar kiezen tussen dat magneetje of de sleutelhanger. Hoe eerder hij of zij leert omgaan met keuzes maken, hoe beter.”

Vanaf ongeveer 5-jarige leeftijd kun je beginnen met praten over geld, zegt Tamara Madern, lector schuldpreventie aan de Hogeschool Utrecht. Bijvoorbeeld bij het afrekenen in de supermarkt. “Leg je kind uit wat je aan het doen bent, vertel dat je niet alles zomaar mee kunt nemen.” Betaal je cash, laat dan ook je zoon of dochter eens het geld overhandigen. “Zo ervaren ze hoe het werkt als je iets koopt.”

Basisschool: geef het eerste zakgeld

Beide experts adviseren om rond 6-jarige leeftijd te beginnen met zakgeld. Gemiddeld krijgt een kind op die leeftijd tussen de 1,00 en de 1,40 euro per week volgens budgetvoorlichter Nibud. “Geef het kind een vast bedrag op een vast moment van de week,” adviseert Madern. Als een soort salaris kan het kind er dan rekening mee houden en uitgaven gaan plannen. Voor kinderen tot ongeveer 10 jaar is het verstandig om zakgeld cash te geven. “Een bedrag op een rekening storten is nog te abstract.”

Spreek af wat een kind wel of niet van het zakgeld mag aanschaffen en wat je van hem of haar verwacht. Madern: “Bijvoorbeeld dat je zoon of dochter er geen snoep van mag kopen. En dat het zakgeld ook gebruikt moet worden voor cadeautjes bij verjaardagen van de ouder.”

Ook kunnen kinderen op deze leeftijd al leren sparen, zegt Dijkstra. “Spreek samen een spaardoel af. Houd het wel overzichtelijk: te dure aankopen, zoals een spelcomputer, zijn nog onhaalbaar als je enkele euro’s per week krijgt.” Een doosje Lego kan bijvoorbeeld wel. Ook hierbij kun je je kind laten kiezen. “Als het nu zakgeld wil uitgeven is er genoeg geld om één onderdeel te kopen. Als je kind drie maanden wacht, is er genoeg geld voor de hele set. Dat maakt kiezen en sparen concreet.”

De basisschoolleeftijd is ook de leeftijd waarop kinderen zich interesseren in de kosten van spullen en het salaris van ouders. Soms voelt dat ongemakkelijk om over te spreken, weet Madern. “Zeker als ze dat vervolgens met vriendjes bespreken.” Toch is het belangrijk om dat gesprek aan te gaan. “Het is goed om te leren dat geld niet iets geheimzinnig is. Dat voorkomt ook dat ze later te laat aan de bel trekken als er financiële problemen en schulden zijn.”

Open op 10-jarige leeftijd een bankrekening voor je kind, adviseert Dijkstra. “Dan kan het op de basisschool al leren hoe dat werkt, voordat hij of zij naar de brugklas gaat.” Leg uit hoe je moet pinnen, hoe je veilig omgaat met je rekening en maak duidelijke afspraken. “Stel bijvoorbeeld een limiet in van 10 euro per transactie. Dat mag het kind zelf regelen. Over grotere bedragen ga je eerst samen in overleg.”

Middelbare school: tijd voor kleedgeld

Op de middelbare school krijgen de meeste kinderen ook kleedgeld (gemiddeld 50 euro per maand). “De richtlijn is om daarmee met 12 jaar te beginnen,” zegt Madern. In plaats van een wekelijks bedrag, vertrouw je je kind nu maandelijks een groter bedrag toe. “Spreek daarbij je verwachtingen uit. Wat moet het wel en wat niet kopen van dat bedrag. Maak ook afspraken over online shoppen.”

Je kunt het kleedgeld ook langzaam opbouwen, bijvoorbeeld door eerst nog de schoenen en winterjassen te betalen. “Je kunt samen een overzicht maken welke kleren de komende maanden nodig zijn en of het nodig is daarvoor te sparen. Houd daarbij ook rekening met ondergoed en sokken, dat zijn dingen die je als kind vergeet.” Niet iedere ouder geeft kleedgeld, om verschillende redenen. “Maar voor kinderen is kleedgeld juist een goede manier om te leren plannen en het besteden van grotere bedragen,” stelt Madern.

Kleedgeld is ook het moment om met je kind in gesprek te gaan over sociale druk en reclames. Dijkstra: “Nu, maar ook later, kun je niet met alle trends meegaan of alle impulsaankopen doen. Dat kun je je niet veroorloven.” Net als zakgeld is kleedgeld leergeld. “Miskopen doen mag.”

Op de middelbare school hebben kinderen ook de leeftijd waarop ze voor het eerst een bijbaantje kunnen nemen (vanaf 15 jaar). Ook daarvan leren ze. “Bijvoorbeeld over het verschil tussen bruto en netto,” zegt Madern. En bespreek gerust de verwachtingen over de uitgave van het salaris. “Is het een extraatje, of verwacht je dat hij of zij er bijvoorbeeld ook cadeautjes van koopt?”

Tussen 12 en 16 jaar kunnen kinderen leren een buffer op te bouwen. Tieners die geld opzij zetten, doen dat later als volwassenen meestal ook, weet Dijkstra. “En juist als je gewend bent een buffer te hebben, beland je veel minder snel in de financiële problemen. Hierbij geldt: jong geleerd is oud gedaan.”

Als tiener kun je bovendien leren budgetteren. Dijkstra: “Neem eens per maand de uitgaven en inkomsten door met je kind. En bespreek, zonder oordeel, waar geld deze maand naartoe is gegaan en of hij of zij tevreden is over de gemaakte keuzes.”

Jongere: eigen verantwoordelijkheid

Madern: “Volgens de wet kun je vanaf 16 jaar zelf aankopen doen die normaal zijn voor die leeftijd. Als ouders blijf je wel medeaansprakelijk.” Zo moet je nog toestemming geven voor aankopen, zoals de abonnementskosten voor een telefoon. “Vanaf 18 jaar zijn ze zelf verantwoordelijk voor hun financiën en mogen ze bijvoorbeeld beleggen.”

In de praktijk is niet ieder kind eraan toe op z’n achttiende financieel verantwoordelijk te zijn. “Ook daarna kan het nog wel eens misgaan,” zegt Madern. “Het is goed als ze in dat geval bij jou als ouder aankloppen. Betaal bijvoorbeeld een keer die veel te hoge telefoonrekening, maar zorg wel dat het een lening wordt zodat je zoon of dochter tenminste een deel weer terugbetaalt. Het is belangrijk dat je kind de consequenties ervaart, anders gaat hij of zij weer de fout in.”

Geld lenen aan je kinderen is geen goed idee, vindt Dijkstra. “Als je kind het geld nog niet heeft om die scooter of computer te kopen, moet hij of zij de aankoop uitstellen.”

Vanaf de achttiende verjaardag heb je als ouder ook geen inzage meer in de bankrekening van zoon of dochter. “Je kind wordt gezien als volwassene, maar het brein is nog niet helemaal rijp,” zegt Dijkstra. Langetermijndenken is voor de meeste 18-jarigen nog lastig. “Jongeren lenen daardoor bijvoorbeeld geld van DUO – ook als ze dat niet nodig hebben, beleggen in cryptomunten of doen aankopen op afbetaling.”

Geef alleen het geld uit dat je hebt, is de belangrijkste stelregel van Dijkstra. “Stel lenen zo lang mogelijk uit, het liefst totdat je een huis koopt.”

Meer over