PlusInterview

Succesregisseur Will Koopman: ‘Ik ben rete-ambitieus’

Succesregisseur Will Koopman (65), bekend van Gooische vrouwen en Oogappels, heeft met Alles op tafel haar zevende film gemaakt. Het is haar vijfde samen met Linda de Mol. ‘Ik vind het prettig om dóór te gaan en nieuwsgierig te blijven. Dat heeft zij ook.’

Joost Broeren-Huitenga
Filmregisseur Will Koopman: 'Ik wil toch gewoon enorm mijn best blijven doen.' Beeld Ivo van der Bent
Filmregisseur Will Koopman: 'Ik wil toch gewoon enorm mijn best blijven doen.'Beeld Ivo van der Bent

“Ik doe de ontvangst, maar terwijl iedereen vrolijk de film kijkt, zit ik buiten,” zegt Will Koopman en lacht. Maandag ging in Theater DeLaMar Alles op tafel in première, de zevende speelfilm van waarschijnlijk de meest succesvolle Nederlandse regisseur van dit moment. Maar Koopman was daar zelf dus net niet helemaal bij.

Ze kijkt haar werk sowieso nooit terug, als het eenmaal op bioscoop- en televisieschermen is beland, vertelt ze de ochtend van die première. Te confronterend, vreest ze. “Ik denk dat ik alleen de dingen zie die ik niet goed heb gedaan. Dus ik kijk nooit terug.”

Het hangt samen met de tomeloze ambitie die haar juist zo succesvol maakte. Ze begon haar regiecarrière in de jaren negentig bij successeries als Bureau Kruislaan, Vrouwenvleugel en Baantjer. Ook de recente serie Oogappels, waarvan eerder dit jaar het derde seizoen werd uitgezonden, doet het met zo’n miljoen kijkers per aflevering goed. En met twee delen Gooische vrouwen, elk goed voor ruim twee miljoen bezoekers, maakte Koopman de best bezochte Nederlandse speelfilms van de afgelopen decennia. Maar van de zenuwen voor de première is ze nog altijd niet verlost. “Nee joh, doodeng, hou op! Ik heb vannacht ook weer niet goed slapen. Het gaat gewoon níet over, het went nooit.”

Ook dat zit ingebakken in die ambitie: “Je wil toch gewoon enorm je best blijven doen.” Aan voorspellingen durft ze zich niet te wagen, voor Alles op tafel. “Wat hij gaat doen, in deze gekke periode, nu de besmettingen weer oplopen, dat weet ik niet. Het is een onzekere periode voor de bioscopen, dat is uit mijn handen. Maar als het niet zou lukken... Dat is niet goed voor mij – en niet voor mijn omgeving!”

Geheimen

Die ambitie is ook wat haar samenwerking met Linda de Mol zo vruchtbaar maakt, zegt Koopman. Alles op tafel is hun vijfde speelfilm samen, naast nog eens een flinke handvol series. “Zij is zo rete-ambitieus”, zegt Koopman. “Dat vind ik heel erg fijn, want dat ben ik ook. Wij halen echt het beste in elkaar boven. Ik vind het prettig om niet stil te staan, om dóór te gaan en nieuwsgierig te blijven. Dat heeft zij ook, dat stimuleren we echt in elkaar.”

Alles op tafel is een Nederlandse bewerking van de Italiaanse komedie Perfetti sconosciuti van Paolo Genovese uit 2016, die het ook in Nederland aardig deed. In de vijf jaar sinds die film werd uitgebracht, verschenen er al in zestien andere landen remakes van, en er zijn er nog eens vier in de maak – van Griekenland tot Noorwegen, van China tot Armenië, van Vietnam tot Turkije.

Still uit Alles op tafel, met onder anderen Linda de Mol. Beeld Martijn van Gelder/Millstreet Films
Still uit Alles op tafel, met onder anderen Linda de Mol.Beeld Martijn van Gelder/Millstreet Films

Dat succes is niet moeilijk te begrijpen. Perfetti sconosciuti was waarschijnlijk de eerste film die herkenbare komedie wist te kneden uit het digitale tijdperk. Het verhaal speelt met het feit dat we tegenwoordig allemaal met een doos van Pandora op zak door het leven gaan. Het uitgangspunt is behoorlijk onweerstaanbaar: een groep vrienden – drie stellen en een vrijgezel – besluit tijdens een etentje allemaal hun telefoons open en bloot op tafel te leggen en alle binnenkomende berichten en gesprekken met elkaar te delen.

“Dat gegeven is natuurlijk heel interessant”, zegt Koopman. “Als kijker denk je meteen: zou ik dat met mijn vrienden doen? Of mag een mens nog geheimen hebben, in deze nieuwe wereld waarin iedereen alles met elkaar lijkt te delen?” Voor Koopman zelf is het antwoord overigens klip en klaar: “Ik vind dat iedereen geheimen mag hebben. Het gaat er meer om wat je wel vertelt en wat niet.”

Volle maan

Van al die eerdere versies van het verhaal trok Koopman zich verder weinig aan, al bekeek ze wel het Italiaanse origineel en de Franse remake Le jeu uit 2018, die ook in Nederland werd uitgebracht. Frank Houtappels tekende voor de Nederlandse bewerking, waarbij hij vooral enkele culturele elementen onder handen nam. Te beginnen met de hoofdrol die de volle maan in het verhaal heeft. “Wij hebben niet zoveel met de maan als de Italianen, zullen we maar zeggen”, zegt Koopman en lacht. “Wij zijn daar toch wat nuchterder in – we denken hooguit: volle maan, dat wordt weer niet goed slapen. Niet dat wat zij hebben met La Luna. Dat was best ingewikkeld.” Het gegeven dat een moeder bij een van de stellen inwoont, dat doen wij hier niet zo snel meer.” Maar de grootste ingreep was een praktische keuze, die Koopman al vroeg in het proces maakte. “Zowel de Italiaanse als de Franse film zijn in de studio gefilmd. Ik heb direct gezegd: laten we het op locatie draaien, want dan kun je de stad in de achtergrond meenemen.”

De film, die zich grotendeels in één appartement afspeelt, werd gedraaid in de nieuwbouw van de Houthavens. “Aan de ene kant kijk je richting IJmuiden, en aan de andere kant liggen het Centraal Station en de pontsteigers, en aan de overkant is heel Noord mooi. Al die lichten, dat industriële gebied naar de haven toe, de pontjes die heen en weer varen – het is zoveel leuker dan in een studio.”

Still uit Alles op tafel. Beeld Martijn van Gelder/Millstreet Films
Still uit Alles op tafel.Beeld Martijn van Gelder/Millstreet Films

Het gekozen appartement bood direct ook een extra uitdaging, want door de open indeling was er letterlijk niets om je achter te verbergen. “In de Italiaanse en Frans films heb je een gescheiden keuken en woonkamer. Dat is makkelijker draaien, je kunt dingen scheiden. Nu moesten we de hele tijd weten waar iedereen moest staan, of zitten, wat ze wel en niet konden en mochten horen. Dat was best wel een wiskundig geheel.”

Herkenning

Zo past de stijl zich telkens weer aan aan het project, het verhaal, en vooral de personages. “Ik wil blijven ontdekken, niet steeds hetzelfde doen,” zegt Koopman. “Bij Oogappels dacht ik meteen: dit moet een combinatie worden van handheld en vaste beelden. Zoals het leven met pubers is: soms heel hectisch en dan weer een tijdje rustig.”

Dat soort dingen moeten niet te veel in het oog springen, benadrukt ze. “Je moet kunnen kijken naar de personages, de camera mag nooit opvallen. Als de camera opvalt, klopt er iets niet – voor mij in ieder geval. Ik kom dan niet bij de personages, omdat die camera in de weg zit. Ik wil dat je met die mensen meeleeft, in plaats van dat je denkt: prachtig uitgelicht.”

Dat is uiteindelijk waar het op neerkomt voor Koopman: herkenning. “Oogappels gaat ook over gewone mensen, met gewone problemen en herkenbare pubers, van wie je denkt: oh wat heerlijk, zij hebben daar óók last van. Dat is wel wat ik graag wil: dat het herkenbaar blijft, dat je je erin kunt verplaatsen. Sciencefiction, daar heb ik niet zo veel mee.”

Alles op tafel is nu te zien in Arena, City, Het Ketelhuis, De Munt, Pathé Noord en Tuschinski.

Meer over