PlusReportage

Steeds meer jongeren ontdekken analoge fotografie – ‘Ik heb er anders door leren kijken’

De camera van Cinta Janssen. Beeld Sophie Saddington
De camera van Cinta Janssen.Beeld Sophie Saddington

Analoge fotografie is terug. Jongeren die het wel geloven met het snelle Instagramgeklik nemen een ‘ouderwetse’ camera ter hand. Ze drukken hun eigen foto’s af of gaan naar een van de laatste fotolabs die de stad nog heeft. ‘Het werk is niet aan te slepen.’

Sara Luijters

Tik de hashtag ‘filmphotography’ in op Instagram en je krijgt 33,6 miljoen berichten te zien. Analoge foto­grafie maakte – net als vinyl – de afgelopen jaren een serieuze comeback onder met name een jonge klantenkring die de kiekjes van de smartphone beu is. Ze zoeken de magie van de ouderwetse, meer bewuste manier van fotograferen: niet eindeloos klikken, maar meer aan het toeval overlaten.

Zoals conservatoriumstudent Juyane Kaya (22). Ze komt speciaal naar Foto den Boer op de Tweede Hugo de Grootstraat, een walhalla voor liefhebbers van alles wat met analoge fotografie te maken heeft, om haar fotorolletje in te leveren. “Tijdens de eerste lockdown ben met een oude familiecamera gaan fotograferen. Ik schiet vaak behind the scenes als we muziek maken. Analoge foto’s zien er veel minder geposeerd uit dan de foto’s die ik met mijn mobieltje maak. Het is geen goedkope hobby, maar omdat ik een stuk minder snel klik, doe ik vrij lang met een rolletje van 36 foto’s.”

Kennis doorgeven

De prijzen van rolletjes zijn het afgelopen jaar met 20 tot 25 procent gestegen vanwege sluiting van grote fabrieken en de stijgende vraag: een rolletje van Kodak kost nu tussen de 13 en 20 euro. Toch ziet René Verburgt (66), eigenaar van Foto den Boer, de analoge opleving ­r­ooskleurig in. “Niet alleen fotorolletjes ­vliegen de koelkast uit, ook de markt van gebruikte analoge camera’s is gegroeid. Jongeren die zijn opgegroeid met ­smartphones willen leren fotograferen met een echte camera en hun foto’s weer in handen hebben. Ze hebben vaak geen idee dat er een heel proces aan voorafgaat voor ze hun foto’s via een Wetransferlink in hun mailbox ontvangen, maar zijn er wel benieuwd naar. Fijn dat we onze kennis kunnen doorgeven.”

Afgestudeerd student creative business Eva Vliese (23) komt de winkel binnen met twee rolletjes. Ze wil ze laten ontwikkelen en afdrukken en daar betaalt ze graag iets meer voor. “Ik plak al mijn analoge foto’s in fotoboeken, net zoals mijn moeder dat deed met de vakantiefoto’s. Het is een ­tastbaarder herinnering dan als je foto’s alleen op Instagram staan.”

Leden van de Analog Club Amsterdam in de donkere kamer. Van links naar rechts Barry Weldam, Cinta Janssen en Jamie Smith. Beeld Sophie Saddington
Leden van de Analog Club Amsterdam in de donkere kamer. Van links naar rechts Barry Weldam, Cinta Janssen en Jamie Smith.Beeld Sophie Saddington

Veel jongeren schaffen een klassieke camera aan als nostalgisch accessoire, om er vervolgens niets mee te doen, maar een groeiende groep wil echt aan de slag met die oude Nikon of Olympus, gekocht via Marktplaats of op een rommelmarkt. De leden van de Analog Club Amsterdam, opgericht door Barry van Weldam (51), komen twee keer in de week samen in een klaslokaal van kunstopleiding MK24. In de doka gaan ze oldskool aan de slag. Ze ontwikkelen hun rolletjes in bakken met chemische vloeistoffen, daarna drukken ze de foto’s af, zelf bepalend hoeveel licht en donker er nodig is in het beeld. Weldam: “Hier kunnen ze de doka in om hun foto’s te ontwikkelen maar ook om met elkaar te praten over hun passie voor analoge fotografie.”

De meeste mensen hier, zegt Weldam, hebben een kantoorbaan en zitten de hele dag voor een computerscherm. “Ze vinden het prettig iets met hun handen te doen. Ik wil mensen elkaar laten inspireren en ze ook samen op pad laten gaan met hun camera.” Daarom organiseert hij onder meer ‘photowalks’.

null Beeld Sophie Saddington
Beeld Sophie Saddington

Clublid Cinta Janssen (39) is consultant op de Zuidas en fotograaf. Ze maakt zwart-­witfoto’s van veelal non-binaire modellen. Dat doet ze met een klassieke Hasselblad, de fameuze spiegelreflexcamera die veel professionals gebruiken. Ze exposeert in hairsalon Bubblekid in de Ferdinand Bolstraat. “Fotografie is een hobby die uit die buiten proporties is gegroeid,” vertelt ze “Ik fotografeerde al tien jaar digitaal, maar twee jaar geleden ontdekte ik ook analoge fotografie. Analoog is een meer bewuste manier van werken, ik heb er anders door leren kijken.”

Mark Kiszley (30) werkt als modefotograaf digitaal, maar privé fotografeert hij het liefst analoog. Zeven maanden geleden sloot hij zich aan bij de Analog Club aan voor een opfriscursus in de doka. “Digitale fotografie is voor mij een middel om geld te verdienen, analoog is mijn passie. Analoog is veel gevoeliger, er kan zo veel misgaan, maar dat is onderdeel van het proces en geeft de foto’s een diepere betekenis. We leven in een gejaagde maatschappij, analoge fotografie zorgt voor vertraging. Werken in de donkere kamer heeft iets therapeutisch.”

Foto den Boer. Beeld Sophie Saddington
Foto den Boer.Beeld Sophie Saddington

Andere vibe

De 25-jarige Londenaar Jamie Smith fotografeert de modellen van zijn modellenbureau Arrived, gespecialiseerd in diversiteit, met een Hasselbladcamera. “Analoog zorgt voor een andere vibe tussen fotograaf en model. Het vertrouwen in het proces en de persoon zijn veel belangrijker dan bij digitale fotografie, waarbij je eindeloos kunt doorklikken tot je het ideale plaatje hebt. Het psychologische aspect levert uiteindelijk een heel andere stijl en resultaat op.”

Professioneel fotografeert hij in kleur, maar hij duikt de doka van de Analog Club Amsterdam in om de zwart-witfoto’s te ontwikkelen die zijn gemaakt met de 35 mm-Olympus van zijn ouders. “Steeds meer jonge mensen hebben genoeg van de perfectie van de digitale cultuur, ze verlangen naar meer echtheid en puurheid. Zelf je foto’s ontwikkelen draagt daaraan bij. Het is een ambacht dat je weghaalt van de beeldschermen. Het blijft ook altijd spannend: heb ik het opgefokt of niet? Je moet geduld hebben en je moet er harder voor werken, maar het is zoveel magischer dan digitaal.”

Zonder computers

Een icoon in de analoge-fotografie­wereld is Wim Dingemans (73). Al 35 jaar runt hij zijn vakatelier Silver-Hands aan de Herengracht, gespecialiseerd in zwart-witfotografie en prints van handgedrukte vergrotingen op barietpapier en RC-papier. “Ik hoop dat jonge mensen gaan inzien dat er werk zit in analoge fotografie, want als de laatste labs sluiten, verdwijnen het vak en de kennis straks voorgoed.”

Zelf leerde hij het vak als jongeman bij Capi-Lux en later bij Joop Niestadt. Toen de digitale fotografie in de jaren negentig groeide, besloot Dingemans zich juist volledig op analoge zwart-witverwerking te concentreren, zonder computers en beeldbewerkingsprogramma’s. Een goede zet, want terwijl het een na het andere vaklab in de stad ter ziele ging, heeft Silver-Hands het nog altijd heel druk. “Ik heb nu zo’n zestig vaste klanten, de een komt elke week, de ander eens per halfjaar.”

Atelier Silver-Hands van Wim Dingemans. Beeld Sophie Saddington
Atelier Silver-Hands van Wim Dingemans.Beeld Sophie Saddington

Onder zijn klanten bevinden zich beroemde fotografen als Koos Breukel en Dana Lixenberg. Vanochtend nog kwam modefotograaf Paul Bellaart binnen met drie rolletjes.

In de Westerparkbuurt zit Fotolab, het enige overgebleven fotovaklab van de stad voor zowel digitale als analoge fotografie. Het wordt bestierd door Wim Mulder (71) en zijn twee zoons, die de zaak zullen gaan overnemen. “Bij de start van het digitale tijdperk was er nauwelijks werk, maar de laatste jaren zit analoog gelukkig weer in de lift,” zegt Mulder. “Het werk is niet aan te slepen. Er zit meer gevoel in analoge fotografie, het is zachter dan digitaal. Ook een voordeel: omdat je meer overweegt wat je schiet, heb je minder beelden nodig, dat scheelt veel uitzoekwerk achteraf.”

Dozen vol negatieven

Hoe groot de hang naar nostalgie ook is, de periode van vóór de digitale fotografie komt nooit meer terug, zegt Mulder. “Vroeger ontmoetten fotografen elkaar in het lab. Ze dronken er samen een biertje, er werden vriendschappen gesloten. Tegenwoordig ontvangen ze hun werk thuis op hun computer via een link. Het sociale aspect in de fotografie is verdwenen.” Hij wijst naar de stapels kartonnen dozen vol negatieven, sommige staan er al meer dan tien jaar. “Niemand haalt ze nog op. Ik bel af en toe of de eigenaars er nog interesse in hebben, maar eigenlijk is het gekkenwerk. Misschien moet ik er ooit nog eens een expositie van maken.”

AAP-lab (Amsterdam Analogical Photoprinting) is onlangs vanuit de stad verhuisd naar een creatieve broedplaats in Zaandam. Achter de draaideur van de lichtsluis in de loods lijkt de tijd stil te ­hebben gestaan. De ruimte staat vol met klassieke donkere-kamerapparatuur. De eigenaar, de Amsterdamse Nieuw-Zeelander Peter Svenson (66), heeft sommige onvervangbare apparaten zelf weer in elkaar geflanst. “Ik bewaar alles met het idee om jonge mensen les te gaan geven in printen. Er is zeker behoefte aan.”

Hij startte in 2005 het lab, samen met ­Gerrit Berghuis, sinds 2019 doet hij het alleen. Hij is gespecialiseerd in kleurenprints en werkt onder andere voor foto­grafiemuseum Huis Marseille, kunstacademies en bekende kunstfotografen.

Peter Svenson van AAP-lab in zijn donkere kamer. Beeld Sophie Saddington
Peter Svenson van AAP-lab in zijn donkere kamer.Beeld Sophie Saddington

“Het werk is magisch, spiritueel bijna, dat is waar ik altijd naar streef bij het printen van andermans werk. De fotograaf bepaalt de richting, ik denk mee en samen komen we uiteindelijk tot een resultaat waar we allebei blij mee zijn.”

Dat kost soms wel wat geduld en frustratie. Svenson slaat een boek open van fotograaf Celine van Balen, met daarin een gesigneerde opdracht voor de printer. ‘Soms hebben we het moeilijk, maar het komt altijd goed.’

Of analoog blijft? “Ik hoop van wel, al maakt ook niemand nog fresco’s tegenwoordig, dus wie zal het zeggen?”

Analoge ode

De foto’s bij deze reportage zijn analoog geschoten. Sophie Saddington gebruikte een Nikon F-801s, met Kodak 400 en 800 portra voor kleur (ontwikkeld en gescand bij Fotolab) en HP5 Ilford voor zwart-wit (­Silver-Hands).

Contactbladen van de foto’s die Sophie Saddington (analoog) schoot van Wim Dingemans. Beeld Sophie Saddington
Contactbladen van de foto’s die Sophie Saddington (analoog) schoot van Wim Dingemans.Beeld Sophie Saddington
Meer over