Amsterdammer helpt Amsterdammer

Monique Egberts wil vooral dat mensen zich welkom voelen in haar weggeefwinkel

Monique Egberts. “We zijn veel meer dan alleen een weggeefwinkel. Mensen komen hier voor een kopje koffie, een beetje gezelschap.”
 Beeld Eva Plevier
Monique Egberts. “We zijn veel meer dan alleen een weggeefwinkel. Mensen komen hier voor een kopje koffie, een beetje gezelschap.”Beeld Eva Plevier

Op veel plekken in Amsterdam wonen mensen in armoede. Met hulp van Paroollezers laat de stichting Amsterdammer helpt Amsterdammer wekelijks een wens in vervulling gaan. Vandaag: Monique Egberts is de drijvende kracht achter weggeefwinkel Bakkumstraat, maar de voormalige fietsenkelder is moeilijk warm te krijgen. Elektrische kacheltjes zouden het aangenamer maken. Kosten: 300 euro.

Bien Borren

Halverwege het interview steekt buurtbewoner Marco zijn hoofd om de hoek van het geïmproviseerde magazijn van weggeefwinkel Bakkumstraat in Noord. Hij houdt een miniatuurtrein omhoog. “Mag ik deze nu meenemen en morgen betalen?” Monique Egberts (53) schenkt hem een gulle lach en knikt bevestigend.

Ze is het brein achter de winkel die vernoemd is naar de straat waar ie is gevestigd. “Eigenlijk is alles hier gratis, maar we hebben ook wat spullen die we voor een zacht prijsje verkopen. Voor de subsidie moeten we inkomsten aantonen.”

Voor Marco en zijn buren is Egberts een vertrouwd gezicht in de Waterlandpleinbuurt. Samen met een team van twintig vrijwilligers bestiert ze de winkel vanuit wat voorheen een tochtige fietsenkelder was. “Het is al een stuk aangenamer dankzij de tapijttegels en sinds het buurtteam een halletje heeft gebouwd. Nu kan de deur op een kier zonder dat we een longontsteking krijgen. Wel zo fijn, want anders weten mensen niet dat ze welkom zijn.”

Dat laatste is belangrijk voor Egberts. Ze weet uit ervaring hoe zwaar een leven in een sociaal isolement kan zijn en het is geen geheim dat de stad met een hoop eenzame mensen kampt. “We zijn veel meer dan alleen een weggeefwinkel. Mensen komen hier voor een kopje koffie, een beetje gezelschap. Een ontmoetingsplek, en dat is een rol die wij met alle liefde vervullen.”

Speelgoed, kleding, apparaten en snuisterijen

In het begin ging dat een beetje lastig, want het ontbrak de kille, betonnen kelder die Egberts van Stadgenoot in bruikleen heeft aan zowat alles wat ze voor ogen had. Maar met een hoop fantasie en doorzettingsvermogen en bijgestaan door haar fantastische vrijwilligers wist ze in korte tijd met heel hard werken iets moois neer te zetten.

De winkel heeft nagenoeg alles: van speelgoed en huishoudelijke apparatuur tot kleding en snuisterijen. Alles wordt gedoneerd en op het kleine rek met zacht geprijsd spul na is alles gratis. “Ik vraag niet om pasjes, ik vertrouw de mensen. Misschien is dat naïef, maar ik denk dat als je hier aanklopt, je het ook echt kan gebruiken.”

Egberts staat zelf twee dagen in de winkel en op de andere dagen is ze druk met alle logistiek die erbij komt kijken. Niet zelden treft ze bij het verlaten van haar huis vuilniszakken vol donaties aan. “Ik heb een briefje op mijn deur gehangen, want liever heb ik dat ze het direct naar de winkel brengen in plaats van dat ik erover struikel.” Ze lacht. “Maar die boodschap is nog niet aangekomen.”

Ziekte van Lyme

Dat ze zoveel energie in de winkel kan steken was lang ondenkbaar. Egberts vertelt tussen neus en lippen door over de kleine drie decennia waarin ze tot nagenoeg niets in staat was. Ze had de ziekte van Lyme en leed aan chronische vermoeidheid. “Ik had goede en slechte periodes, maar soms kwam ik maar twee keer per week buiten.”

Ze leidde tot haar verdriet een teruggetrokken bestaan, werd afgekeurd en kwam rond van een uitkering. Op haar dieptepunt, in 2012, dacht ze het einde van het jaar niet te halen. “Mijn batterij was op en ik had geen zicht op verbetering.”

Dankzij alternatieve therapie won ze haar kracht terug en kon ze weer deelnemen aan de maatschappij. “Ik heb heel lang niets kunnen doen, en nu beteken ik eindelijk weer iets. Toen we de Omarmprijs (zie kader) kregen was dat een heel bijzonder moment.”

Tot september mag de weggeefwinkel hier zitten, en ze hopen op verlenging. De kelder heeft geen verwarming en door de dikke buitenmuur dringt het zachte lenteweer maar moeilijk binnen. “Ik draag altijd thermo-ondergoed en extra lagen. Het zou fijn zijn als we de ruimtes een beetje kunnen verwarmen, zodat mensen ook wat langer kunnen blijven zonder te verkleumen.”

Stuur uw reactie met vermelding van telefoonnummer naar aha@parool.nl. Meer info: amsterdammerhelptamsterdammer.nl

Omarmprijs

De Omarmprijs wordt jaarlijks uitgereikt aan Amsterdamse initiatieven die zich inzetten voor mensen met een krappe portemonnee. In 2019 kregen Monique Egberts en haar vrijwilligersteam de prijs, omdat ze volgens de jury met hun weggeefwinkel ‘openstaan voor iedereen’. Egberts was destijds erg verrast: “We zaten toen nog in onze vorige winkel, in een veel kleiner pand. Die was maar 14 vierkante meter! Maar het klopt wel: bij ons is iedereen welkom.” Initiatieven kunnen zichzelf aanmelden voor de Omarmprijs, maar worden ook volop aangedragen. Aan de prijs is 5000 euro verbonden.

Steven Collet. Beeld Eva Plevier
Steven Collet.Beeld Eva Plevier

De wens van vorige week

Vorige week vroeg Salomé Robalo Cabral financiële hulp bij het opknappen en aankleden van haar huis. Steven Collet doneert.

Salomé Robalo Cabral (48) woont sinds een paar jaar in een honingraatflat in de Bijlmer met haar zes jongste kinderen. Een druk huishouden dus, maar ‘een leuk soort druk’. Cabral zorgt in haar eentje voor haar kinderen en dat is hard werken. De woning en het meubilair hebben zijn beste tijd gehad. Zelf slaapt ze op een matras op de grond.

Middelen om het op te knappen heeft ze niet. Ze is een slachtoffer van de toeslagenaffaire en worstelde lang met fikse schulden. Op het moment van het interview is ze herstellende van een operatie aan haar baarmoederwand, dus werken gaat nu niet. Ook is het plotselinge verlies van haar oudste zoon een grote bron van verdriet. “Ik denk elke dag aan hem, maar ik moet sterk blijven voor mijn andere kinderen.”

Steven Collet (51) bewondert Cabrals kracht en doorzettingsvermogen. “Dat Salomé ondanks alle tegenslagen niet bij de pakken neerzit, greep me aan. Ik begrijp heel goed dat ze haar kinderen een veilige en fijne plek wil bieden, en daar help ik graag bij.”

Vanuit zijn werk in de ontwikkelingssamenwerking probeert Collet structurele problemen weg te nemen die tot kwetsbaarheid van mensen leiden, en ‘die problemen spelen ook hier’. “Vanuit een gevoel van lotsverbondenheid moeten we, denk ik, niet vergeten dat we het niet zonder elkaar kunnen, maar wel goed mét elkaar.”