PlusReportage

Midden in de stad één worden met de natuur – journalist Kirsten Dorrestijn deed het in Zuid en Zuidoost

null Beeld Dingena Mol
Beeld Dingena Mol

Amsterdam is bruisend en hectisch, maar zelfs midden in de stad kun je één worden met de natuur. Journalist Kirsten Dorrestijn maakte een stilte­wandeling op blote voeten in Zuid en dompelde zich bosbadend onder in (relatieve) stilte in Zuidoost.

Kirsten Dorrestijn

De stad is nog stil als ik op zondag rond negen uur op de fiets stap. Er rijden nauwelijks auto’s, bij kruispunten kan ik zo oversteken en de lucht is nog fris. Voordat ik het Vondelpark in fiets, zie ik een koffie-caravan staan. Ik kijk op mijn telefoon: ik heb nog een kwartier. Met een kartonnen bekertje in mijn hand rij ik even later het park in.

Francis van Campenhout (56) organiseert al zeven jaar op zondagochtend een stiltewandeling op de Koeienweide, een afgesloten gebied van het Vondelpark waar de natuur haar gang mag gaan. Ze doet het hek open en wacht op de acht deelnemers die zich hebben aangemeld: een aantal vrouwen van middelbare leeftijd, een jongere vrouw en een man. Als iedereen binnen is, sluit ze het hek. Ik voel me niet zo mindful met mijn koffiebekertje en laat ’m tijdens de beginmeditatie op een picknicktafel staan.

We gaan in een kring in het gras staan. Er dendert een vliegtuig over en even later zetten kikkers uit de naastgelegen poel een concert in. Van Campenhout vraagt ons drie keer diep adem te halen en onze aandacht op onze voeten te vestigen. Ze leidt ons met de ogen dicht door ons lichaam; op het eind visualiseren we ­wortels onder onze voeten om stevig te staan. Een opleiding tot meditatiedocent heeft Van Campenhout niet gevolgd, maar met de jaren leerde ze de technieken, vertelt ze na afloop.

Iedereen vertrekt op eigen gelegenheid om te wandelen over de weide. Twee men­sen trekken hun schoenen uit. Dat lijkt me ook wel wat, dus ik volg hun voorbeeld. Bovendien wil ik mijn mooie sandaaltjes niet vernachelen in het natte gras. Eerst vind ik het heerlijk, op blote voeten door het gras, maar ik stap al gauw op een distel en de stekeltjes prikken bij elke stap in mijn teen. De rest van de wandeling blijf ik angstvallig opletten waar ik mijn voeten neerzet.

Francis van Kampenhout verwel­komt deelnemers. Beeld Dingena Mol
Francis van Kampenhout verwel­komt deelnemers.Beeld Dingena Mol

Beestjes bekijken

Ik loop over een smal pad langs hoog riet, brandnetels en bramen, hoor eenden ­kwaken en een winterkoninkje zingen. Ik stap door de koude, zwarte aarde bij een wigwamvormig ‘tunneltje’ van wilgentakken. Er doemt er een veld vol bloeiende, paarse distels voor me op. Aan de andere kant van de Koeienweide blijf ik staan om een hommel te bekijken die op een blad zit te rusten. Ik ben blij dat niemand me ziet – ik zou me toch een beetje schamen dat ik zo lang naar een beestje sta te kijken. Ik zie zijn zwarte voelsprieten en zijn witte kontje: een aardhommel. Iets verderop zit op een stengel een juffer met een knalblauw stipje op het sierlijke achterlijf. Ook dit diertje bekijk ik uitgebreid. Het dringt tot me door dat natuurbeleving het best in je eentje gaat.

Iemand nadert me van achteren. Ik stel me voor hoe die persoon iets gaat zeggen over hoe moeilijk ik loop; dat wandelen op blote voeten misschien toch niet zo’n handig idee was met al die distels. Maar tot mijn opluchting is dit een stiltewandeling en ze passeert me zwijgend.

Hier en daar zijn doorkijkjes naar het vrij toegankelijke deel van het Vondelpark. Ik hoor mensen met elkaar praten, zie ze hardlopen, de hond uitlaten.

Iets verderop loop ik over het zachte, golvende lange gras dat plat op de grond ligt van voetstappen. Ineens ruik ik een walm van zoete nectar. Dat ik dat nu pas ruik, heerlijk! Iets verderop ligt het riet zo ver over het pad dat ik twijfel of ik de juiste route volg. Heb ik geen afslag gemist? Ik worstel me door de ruigte en blijk toch goed te lopen.

Na een uur klapt Van Campenhout in haar handen als teken om weer bij elkaar te komen. Gelukkig – ik was even bang dat ik haar sein had gemist en alleen op de Koeienweide was achtergebleven.

Tijdens een eindrondje deelt iedereen in een paar zinnen wat hij of zij heeft ­meegemaakt. De een heeft een roodborstje gezien, de ander heeft gekeken naar de kikkers of gestaard naar de riethalmen.

Eigen manier

Het idee voor een stiltewandeling kreeg Van Campenhout toen ze een opleiding tot natuurgids volgde bij SOOZ (Sociaal Ondernemend Opbouwwerk Zuid). “Ik hou erg van bloemetjes bekijken en fotograferen en werd tijdens die opleiding echt ­verliefd op deze plek,” vertelt ze later op een bankje in de zon. “Ik bedacht de stiltewandeling als manier om van de natuur te kunnen genieten, zonder de nadruk op kennisoverdracht. Ik ben hier niet bezig met of iets een bijtje of een vlieg is, ik wil gewoon waarnemen. Net als een kind, dat weet het ook niet. Zo blijf je in verwondering hangen.”

Dat is ook de reden dat ze iedereen zijn gang laat gaan. “Iedereen geniet op zijn eigen manier van de natuur. De een kijkt lang naar een draadje van een spin, de ander gaat aan het water zitten of kijkt met de verrekijker naar vogels. Natuur ervaren is iets heel individueels.” Precies wat ik me het afgelopen uur had gerealiseerd.

Wandelen op de Koeienweide in het Vondelpark. Beeld Dingena Mol
Wandelen op de Koeienweide in het Vondelpark.Beeld Dingena Mol

Volgens Van Campenhout geldt: hoe meer je tot rust komt, hoe voller de beleving. “Ik ben net aan de vijver gaan zitten en zag op een gegeven moment de cirkeltjes in het water, de vleugeltjes van een ­bij en de kikkers die kwaakten of zich heel langzaam verplaatsten.”

De stiltewandelingen gaan altijd door, ook bij een stortbui of onweer. “Ik heb hier in de winter ook weleens alleen gelopen omdat er niemand kwam. Voor mij is het weer nooit een reden om niet te gaan.”

Van Campenhout houdt van de natuur, maar wil wel graag in de stad blijven wonen. “Ik hou van de variatie. Ik wil kunnen kiezen of ik naar de Albert Cuyp ga of me terugtrek in het Sarphatipark. Als ik hier de Koeienweide in loop, stap ik zo het weiland in. Dat maakt het zo magisch.”

Bosbadexcursie

Een andere manier om tot rust te komen in de stadse natuur is bosbaden, een therapie die zich richt op natuurbeleving en die in Nederland de afgelopen jaren steeds populairder is geworden. Bosbaden – ook wel bekend als shinrin-yoku – werd in de jaren tachtig in Japan ontwikkeld nadat steeds meer mensen overspannen raakten door de hoge werkdruk. Op een aandachtige manier de natuur beleven zou rust brengen. In Japan zijn vanuit de staat vijftig plekken aangewezen en ingericht om in te bosbaden; de therapie is er onderdeel van het zorgstelsel. In Amsterdam, en el­ders in het land, organiseert coach Martin Thomas (65) geregeld bosbadexcursies.

Op zaterdagochtend halftien hebben zes deelnemers zich verzameld bij metrostation Gaasperplas. We lopen het park in. De eerste stop is een gigantische treurbeuk die zijn takken zo breed heeft hangen dat je er als in een tent onder kunt staan. In een kring begint Thomas met een kort voorstelrondje en de vraag hoe je je op dit moment voelt. De meeste deelnemers zijn nog wat gehaast van de reis hierheen. Ik voel me ook wat licht in mijn hoofd van de vroege ochtend. Maar de locatie fascineert me. Wanneer ben ik nu eerder zo omringd geweest door een boom? Als dit bosbaden is, belooft het een spectaculaire ochtend te worden.

Steeds meer onderzoeken wijzen op de heilzame werking van de natuur. Jezelf ermee omringen heeft een positief effect op je gezondheid en welzijn. Het is rust­gevend en concentratieverhogend. Zo blijken mensen die in het ziekenhuis op een groene omgeving uitkijken, eerder uit het ziekenhuis te worden ontslagen dan mensen zonder dat uitzicht. Zelfs een poster aan de muur of een ‘groene’ screensaver schijnt al effect te hebben.

Volgens Thomas, die in 2019 in Portugal een opleiding tot bosbadgids bij The Forest Bathing Hub volgde, kunnen mensen door te bosbaden ‘dichter bij zichzelf’ komen en krijgen ze meer ruimte en aandacht voor anderen en voor de planeet.

Een deelneemster kijkt en luistert naar de bijen in het Gaasperpark. Beeld Dingena Mol
Een deelneemster kijkt en luistert naar de bijen in het Gaasperpark.Beeld Dingena Mol

Stilstaan

Na wat oefeningen om te aarden lopen we via een kronkelweggetje met donkere, mossige stukjes die Japans aandoen naar beneden. De meeste plantvakken van dit voormalige Floriadepark zijn verwilderd geraakt, maar dat geeft een en ander een weelderig aanzien. We eindigen op een pleintje omringd door hoge bomen, struiken en ruigtes. Meestal zijn mensen niet helemaal aanwezig als ze door de natuur lopen, zegt Thomas. “Ze stappen stevig door, doen aan fitness, kletsen of doen aan natuureducatie. Daar is allemaal niks mis mee, maar ik spoor mensen aan te ver­tragen, stil te staan, aandacht te geven. Bosbaden is eigenlijk mindful aanwezig zijn in de natuur.” Hij nodigt ons uit de natuur te beleven met al onze zintuigen. Door te kijken, luisteren, ruiken, voelen en misschien zelfs hier en daar een hapje te proeven. “Als je maar een klein stukje neemt, zijn bijna alle planten eetbaar.”

Ik besluit een pad in de lopen dat bijna is dichtgegroeid door een bramenstruik en ga even verderop op een bankje zitten. Al snel weet ik eigenlijk niet meer wat ik moet doen. Is gewoon zitten genoeg? Ben ik nu aan het bosbaden? Hoe verbind je je met de natuur? Met alle aandacht die ik heb, kijk ik om me heen.

De witte, elegante bloemetjes langs het pad vallen me op. Ik besluit er even bij te hurken. Ze zijn prachtig, frêle. Normaal zou ik waarschijnlijk zijn langsgelopen zonder ze op te merken. Een vrouw verderop roept hard haar hond. Een wesp zoemt om mijn hoofd. Het begint een beetje te miezeren en ik voel de druppeltjes op mijn huid. Een vliegtuig vliegt over. Ik loop een paar stappen. Geur – o ja, al mijn zintuigen gebruiken. Ik ruik de humusrijke grond; de geur doet me denken aan het tropisch regenwoud van Suriname waar ik ooit was. Heerlijk! Iets verderop, op een veldje roodbloeiende duizendknoop, gonst het van de bijen en zweefvliegen. Elk beestje is druk en samen maken ze een gonzend zoemgeluid.

Als we weer bij elkaar komen in de kring, hoor ik dat iemand heeft gekeken naar de piepkleine stampertjes en meeldraden van kleine bloemen. Een ander heeft tegen een boombast geleund en de warmte van de boom gevoeld.

Dauwtrappen

Volgens Thomas is het Gaasperpark een zeer geschikte plek om te bosbaden. “Het ligt aan de rand van de stad, het is goed bereikbaar met het openbaar vervoer en het is meestal niet zo druk.” Het Amsterdamse Bos is dan wel veel groter, maar ook een stuk drukker, benadrukt hij. “Door de vliegtuigen heb je daar altijd herrie om je heen.”

Volledig stille plekken in of rondom Amsterdam zijn er volgens de bosbadgids niet. “Ik heb eens een onderzoekje gelezen waarin stond dat er in Nederland alleen op een plek ergens midden op de Veluwe bijna niks te horen is.”

“Ik denk dat dit een mooie plek is om te dauwtrappen,” zegt Thomas wanneer we zijn aangekomen op een glooiend gazon. Met blote voeten door het gras lopen dus. Als ik mijn voeten uit mijn schoenen en sokken heb bevrijd, landen ze op een zacht bedje vochtig gras. Het voelt heerlijk om erdoorheen te lopen, al blijven er soms plukjes pas gemaaid gras aan mijn voeten plakken.

Het laatste bosbad nemen we aan de Gaasperplas. Thomas nodigt ons uit om een plek te vinden die ons aantrekt, stil te gaan zitten en te kijken wat er gebeurt. Als iedereen een plekje heeft ge­vonden en ik rustig op het gras voor me uit staar over de plas, zie ik plotseling schaatsenrijders met hoekige bewegingen over het water springen. De zon die in­middels is doorgebroken glinstert vredig over de plas. In de verte drijft een moederzwaan met zes grijze jongen achter zich aan. Ik snap wel dat zo’n bosbad helend werkt, ik geloof er wel in. En je hebt er alleen een simpel stadspark voor nodig.

Wat doet stilte?

Stilte kan veel doen, zegt ­stiltecoach Gaby Hutjes (52). “Veel mensen zijn onbekend met stilte. Ze denken dat het bij ongemakkelijke situaties hoort of bij verplichtingen als school of kerk. Maar stil zijn in een park zorgt ervoor dat je je kunt opladen en kunt herstellen. In de stad heb je veel visuele en auditieve prikkels. Voor visuele prikkels kun je je afsluiten door je ogen dicht te doen, maar voor geluiden niet. Op het moment dat je stilte vindt, kun je herstellen van de hoeveelheid energie die het kost om altijd ‘aan’ te staan.” Stilte maakt dat je beter kunt nadenken, zegt Hutjes. “Je merkt beter hoe het met je gaat, je pikt signalen in je ­lichaam beter op. Heb je hoofdpijn? Loop je met opgetrokken schouders? Door stilte verbind je je meer met je eigen innerlijk.”

Hutjes begeleidt mensen met levensvragen over bijvoorbeeld werk of relaties. Dat doet ze al wandelend door de natuur. “Ik wil ze laten ontdekken hoe fijn het is om meer stilte om je heen te ­hebben,” zegt ze. “Lopend door de natuur kun je je ­problemen beter oplossen.

Ik merk dat mensen zich dan minder vasthouden aan wat er van ze wordt verwacht. Ze gaan andere keuzes maken.”

Meer over stilte in de stadsnatuur

Bosbaden: forestbathing­nederland.nl

Stiltewandeling Koeienweide: groenebuurten.nl

IVN Natuureducatie (ivn.nl) organiseert vier keer per jaar belevingswandelingen in Amsterdam.

Amsterdam Inzichtmeditatie (amsterdaminzichtmeditatie.nl) organiseert stiltewandelingen waarbij de verhouding tussen mens en natuur wordt onderzocht vanuit cultuur­filosofie en het boeddhisme.

Meer over