PlusAchtergrond

Krijgt Amsterdam in 2022 zijn eerste queer gym? ‘Omkleden deed ik in een hoekje op de gang – ik voelde me niet op mijn plek’

Queer gym-initiatiefnemer Senn van Beek: 'Hoe meer ik ontdekte wie ik ben, hoe meer ik me realiseerde dat ik me beperkt voelde.' Beeld Lin Woldendorp
Queer gym-initiatiefnemer Senn van Beek: 'Hoe meer ik ontdekte wie ik ben, hoe meer ik me realiseerde dat ik me beperkt voelde.'Beeld Lin Woldendorp

Amsterdam krijgt volgend jaar een queer gym, een sportschool voor en door lhbtq’s. Tenminste, als het aan Senn van Beek (32) ligt. ‘Ik nam een masculiene houding aan zodat ik beter binnen die machocultuur paste.’

Tim van Erp

Senn van Beek, werkzaam als personal trainer en voedingscoach, begon vorige maand crowdfundingsactie Build That Gym om dat plan te doen slagen. Berichten van donateurs op de site spreken boekdelen: ‘Omdat dit er al lang had moeten zijn’, ‘Ik mis dit enorm in Amsterdam’, ‘Ik ken geen trans mens om mij heen dat hier niet om staat te springen’.

Volgens Transgender Netwerk Nederland ervaren zes op de tien transgender personen weleens onveilige gevoelens bij hun sportclub. Van Beek, die zich identificeert als non-binair en de voornaamwoorden ‘die’ en ‘diens’ gebruikt, handelt uit ervaring. “Tijdens mijn transitie ging ik veel sporten. Het werd een sleutelfactor in mijn proces; ik leerde mijn lichaam beter kennen en voelde mezelf krachtiger worden, ook mentaal.”

Van Beek genoot van die sessies, maar voelde zich in de sportschool nooit thuis. “Een tijdlang nam ik een masculiene houding aan, zodat ik beter paste in de machocultuur die er heerste. Dan was ik one of the guys. Hoe meer ik ontdekte wie ik ben, hoe meer ik me realiseerde dat ik me beperkt voelde.”

Manoj Kamps (33), eveneens non-binair, herkent dat: “Zeker bij de gewichten voel je die hypermannelijke sfeer. Ik ben me daar constant bewust van. Oogcontact vermijd ik zo veel mogelijk, ik wil niet opvallen. Liefst ga ik op tijden waarop er weinig mensen zijn.”

Kleedkamerstress

En dan is er nog de door velen gevreesde kleedkamer. Want stap je naar binnen bij de mannen of bij de vrouwen wanneer je je als geen van beide identificeert? Van Beek trekt diens sportkleren thuis al aan, in de winter onder een lange broek en trui. “Toen ik een keer van een afspraak kwam, kleedde ik me om in een hoekje op de gang – zozeer voelde ik me niet op mijn plek.”

Voor Kamps gold vroeger hetzelfde, inmiddels maakt die gebruik van de mannenkleedkamer. “Ik word meestal als man gezien, dus dat ligt het meest voor de hand. Als ik me bij de vrouwen omkleed, zou het erg opvallen. Ik ben blij dat ik me tegenwoordig comfortabeler voel. Bij gymles op de middelbare school stond omkleden garant voor vervelende opmerkingen, omdat ik me niet kon meten met de sportieve jongens.”

Marco Dreijer (31), die zich als man identificeert, maakte dat recentelijk nog mee. “Alle mannen in de sportschool waren bij de gewichten, dus ik bleef in het cardiogedeelte. Omdat ik dacht dat niemand me zag, liet ik mezelf gaan; lekker flamboyant op de loopband. Blijkbaar spotte een van hen me toch. Tijdens het omkleden sprak hij me op cynische toon aan. Er ging iets minzaams vanuit: ‘Jij doet geen krachttraining’.”

Dreijer stopte bij die sportschool, omdat hij zich er als homo niet op zijn gemak voelde. “Dat ik pas mezelf durf te zijn als ik denk dat niemand me ziet, zegt genoeg. Ik kan niet wachten tot er een queer gym is. In de reguliere sportschool ging ik op de veiligheidsstand, daar hoeft dat niet.”

Bijkomend voordeel: in een queer gym kan hij dragen wat hij wil, een crop top bijvoorbeeld. “Nu ben ik gewend van tevoren te bedenken welk shirt zo gewoontjes mogelijk is.” Kamps noemt datzelfde pluspunt: “Als ik nagellak draag, voel ik me zichtbaarder en dus kwetsbaarder. Maar die eraf halen voor een uurtje sporten gaat me te ver.”

Roze sportclubs

Dreijers verhaal onderschrijft Van Beeks constatering dat er in de hele lhbtq-gemeenschap, niet alleen onder trans en non-binaire mensen, behoefte is aan een eigen sportschool. Van Beek: “Er zijn steeds minder queer plekken om samen te komen, en dat is niet omdat ze niet meer nodig zijn. De locaties die we hebben, richten zich bovendien vaak op uitgaan.”

Niet elke lhbtq wisselt op stel en sprong van sportschool zodra dat kan. “Ik herken me in het verlangen naar een niet-macho gym,” zegt Ype Driessen (42). “Toen mijn oude sportschool werd overgenomen, veranderde de sfeer. Die werd agressiever. Ontspanning maakte plaats voor competitiviteit.” Maar Driessen sport inmiddels weer op een locatie waar hij zich prettig voelt. “Die zijn er dus wel. Ik snap dat sommige mensen graag naar een queer gym willen om zich veilig te voelen, maar zelf hoef ik niet alles binnen onze bubbel te doen.”

De stad kent een aantal sportscholen die bekendstaan om hun queer clientèle, maar die beperken zich vaak tot met name homoseksuele mannen. Bij andere activiteiten dan fitness is het aanbod groter: zo zijn er een queer kickboks- en wielrenvereniging, vindt in het De Mirandabad geregeld ‘trans zwemmen’ plaats, en biedt lhbtq-sportvereniging Tijgertje meerdere opties aan, zoals krav maga en basketbal.

Bij Pride and Sports, een landelijk platform dat zich inzet voor de zichtbaarheid, acceptatie en veiligheid van lhbtq-sporters, zijn ze enthousiast over de komst van een queer gym. “Een waanzinnig goed initiatief,” noemt voorzitter Jan Pieter de Lugt het. Hij stelt van veel mensen binnen de gemeenschap te horen dat zij zich niet op hun gemak voelden bij hun vereniging of sportschool. “Talloze mensen sporten daarom niet. Dat heeft effect op de gezondheid van onze maatschappij.”

Subtiele uitsluiting

Is het niet voldoende als de vele sportscholen die de stad rijk is investeren in een inclusieve sfeer? Nee, zegt Van Beek. “Die machocultuur is daar al lang en breed gevestigd. Die krijg je er niet in één keer uit. Ik juich het toe als gyms hiermee aan de slag gaan, maar het duurt jaren voordat een plek écht voor iedereen is. Tot het zover is heeft Amsterdam die plek niet.”

De Lugt beaamt dat. “Het is bovendien belangrijk dat er ook queer mensen in de organisatie komen. Met uitsluitend heteromannen aan het roer ontstaat er nooit écht een safe space; subtiele vormen van uitsluiting blijven dan plaatsvinden.”

De Lugt is zich ervan bewust dat sommige mensen zich zullen afvragen of een queer gym nodig is. “Die vraag stellen, toont dat je je niet bewust bent van de opmerkingen en ongelijkheid waar lhbtq’s mee te maken krijgen.” Wie opwerpt dat een queer gym óók discriminerend is, kan gerust ademhalen: cisgender heteroseksuele mensen zijn gewoon welkom.

Van Beek: “Een trans persoon kan in een heterorelatie zitten, een homoman kan een broer hebben met wie hij graag sport. Ik wil dat die mogelijkheid er is. Bovendien wil ik niemand buitensluiten.” Maar, benadrukt die: “Veiligheid staat voorop. Daarom krijgt iedereen een intakegesprek waarin we duidelijk vermelden wat de kernwaardes van de sportschool zijn.”

Tot de gym er is – medio 2022 moet de opening plaatsvinden – sport Van Beek zelf op een andere locatie in Amsterdam. “Ik doe strongman training, waarbij je zware zakken heft, stenen tilt en vrachtwagens trekt.” Lachend: “Nogal een binaire naam, hè? Zelf noem ik het maar sterke mensen-training.”

Eerdere initiatieven

Een nieuw fenomeen is de queer gym niet. Rotterdam heeft er sinds begin dit jaar een, waar groepslessen en personal training worden gegeven. In de VS werd er in 2010 al een opgezet. Ook wordt in de Amsterdamse Vondelgym het terugkerende evenement No Gender In The Gym georganiseerd, dat zich richt op trans en non-binaire sporters.

Meer over