Aldus

Kou, zeeziekte en gelukzoekers: hoe een Amsterdams VOC-schip een dag na vertrek al verging

Dichtende archeoloog Laura van der Haar (39) schreef een boek over een vergane VOC-vaarder: een waargebeurd Amsterdams drama.

Dylan van Eijkeren
null Beeld

Waar gaat Rooswijk 1740. Een scheepswrak, zijn bemanning en het leven in de 18de eeuw precies over?

“Over een Amsterdams VOC-schip dat op de koudste dag van de koudste winter in drie eeuwen op een zandbank voor de Engelse kust is vergaan, 237 doden. Het mooie is: er is heel veel van teruggevonden, wat een inkijkje geeft in de levens van de mannen aan boord.”

U bent toch dichter, hoe kwam u erbij over een scheepswrak te schrijven?

“Ik heb het boek samen met Martijn Manders geschreven, een van de diepwaterarcheologen die De Rooswijk heeft onderzocht. Bij uitgeverij Balans wisten ze dat ik ook archeoloog ben, en zo is het gekomen. Wat mij meteen pakte was dat ze midden in de nacht afvoeren, in die kou, op een houten boot zonder ramen, iedereen zeeziek, en een dag later was het voorbij.”

Amsterdam speelt een grote rol?

“Het schip is gebouwd in Amsterdam, op Oostenburg, het was van de Amsterdamse VOC-kamer, en de bemanning was geronseld in Amsterdam.”

Wat voor mannen waren aan boord?

“Amsterdam stond bekend als het toppunt van rijkdom, en mannen uit Denemarken, Noorwegen, Duitsland kwamen met hun laatste stuivertje hierheen om te proberen wat te verdienen. Anderen werden door de politie aangeleverd, criminelen dus, en weesjochies.”

Is het een avonturenroman?

“Het is een hybride boek geworden, fictie en non-fictie. Ik heb verschillende verhalen door elkaar gevlochten. Enerzijds het archeologische onderzoek, anderzijds de levens van die kleine gelukzoekers bij de VOC, die grote firma op z’n retour.”

Meer over