PlusInterview

James Worthy schreef Liverpool – een boek over een stad, een club en een vader: ‘Ik wist meteen, dit gaat heel lastig worden’

James Worthy op een bankje in het Vondelpark. ‘Het schrijven heeft totaal niet geholpen. Ik mis mijn vader gewoon nog heel erg.’ Beeld Jakob van Vliet
James Worthy op een bankje in het Vondelpark. ‘Het schrijven heeft totaal niet geholpen. Ik mis mijn vader gewoon nog heel erg.’Beeld Jakob van Vliet

Een jaar na de dood van zijn vader reist de Amsterdamse columnist en schrijver James Worthy (41) naar Liverpool. Daar wil hij diens as uitstrooien op het veld van Liverpool FC. Die expeditie, en wat zijn in die Engelse havenstad geboren vader voor hem betekende, beschrijft hij in Liverpool. ‘Mijn vader was een soort vuurtoren.’

Maarten Moll

Hij legt net mes en vork neer en schuift het bord van zich af. Het is aangenaam op het kleine terras in een van de Negen Straatjes. En James Worthy ziet er zeer content uit. Het is namelijk de dag dat zijn boek in de winkels wordt uitgestald.

Liverpool is de titel van dat boek, over vader en zoon. Over James en James, want alle mannen in de familie heten James. Het is een ontroerend verhaal dat James Worthy heeft opgetekend. Over de liefde voor zijn vader, hun gezamenlijke liefde voor de voetbalclub Liverpool FC, en de liefde voor de stad Liverpool.

Hoe vaak heeft hij vandaag al aan zijn vader gedacht?

James Worthy kijkt even omhoog om na te denken.

“Ik denk al wel meer dan tien keer...”

Hij wordt in zijn overpeinzingen onderbroken door de serveerster die naar buiten is gekomen. Of het heeft gesmaakt.

“Goddelijk, zo zacht en smeuïg en romig en toch met iets pittigs, och!”

Stralende glimlach richting serveerster.

“Goed zo, goed zo,” zegt ze.

“Ja, het was maar gewoon een eitje, maar wel kunst!”

Het is zo ongeveer hoe hij over zijn vader schrijft in Liverpool.

Hij bestelt een groene thee.

“Groene thee, volwassen, hè?” zegt de schrijver die in 2011 schreeuwend en borstkloppend debuteerde met een roman die hij maar gewoon en superonbescheiden James Worthy had genoemd.

Of de dood van zijn vader hem volwassen heeft gemaakt? Lichter in gebruik wellicht?

“Goede vraag. Daar denk ik vaak over na. Mijn vader was een soort vuurtoren. Bij problemen of angst belde ik hem. Nu hij er niet meer is, ben ik gaan inzien dat ik zelf geen vuurtoren ben, maar een waxinelichtje.”

Grote droom

We laten even een vuilniswagen voorbijrijden.

“Dat is denk ik wel wat volwassen worden is. Weten wat je bent. Jezelf niet voor de gek houden. Ik ben geen vuurtoren, dus ik ben beter op mezelf gaan letten. Ik drink geen alcohol meer en geen koffie. Ik sport veel. Als je een waxinelichtje bent, moet je anders gaan leven om een beetje uit de wind te blijven. Ik ben dus wat realistischer gaan leven, denk ik.”

Slok groene thee.

“Hé pa, je ligt gewoon in de winkel!” zegt hij vanuit het niks.

“Wat er gebeurt als ik aan hem denk? Ik voel vooral heel veel liefde en trots. En pijn. En de pijn ging niet liggen, dus maakte ik er maar een standbeeld van. Ik ben heel blij dat ik dit standbeeldje heb mogen oprichten.”

Mooi is hoe hij vertelt hoe in de stad van ‘de roden’ en ‘de blauwen’, van Liverpool FC en rivaal Everton, zijn vader tot de keuze voor de roden kwam (iets met een fiets) en dat doorgaf aan zijn zoon. En hoe die vader de stad ontvluchtte in de hoop op een beter leven, en hoe hij in een kroeg op de Martelaarsgracht zijn vrouw leerde kennen. En hoe hij dus, om zijn vader te eren, naar Anfield gaat om daar op het heilige gras zijn vader uit te strooien.

“De cirkel is nog niet rond, eerder nog wat vierkant.”

Dus moet hij met zijn zoon, uiteraard James genaamd, naar Anfield om een wedstrijd van Liverpool bij te wonen.

“Dat is wel de grote droom, ja. Maar hij houdt nog niet zo heel veel van voetbal. Meer van basketbal, en van gamen. Ja, mij wacht nog een hele taak, maar ja.”

Hij kijkt om zich heen, naar de stenen en het beton van de binnenstad, waar hij met vrouw en kind woont.

“Buiten spelen en voetballen, voetballen, voetballen, stoepen, belletjetrek. Heel veel knikkeren. Dat was wat ik deed. Hoe moet mijn zoon hier buitenspelen? Niet te doen, toch? Mijn vrouw wil wel naar buiten, naar Weesp of zo.”

James Worthy kijkt er heel, heel bedenkelijk bij.

“Hij wordt over drie maanden negen. Hij kijkt niet mee als ik thuis naar Liverpool kijk, en als dat eens gebeurt zegt hij: papa schreeuw niet zo. Hij schrikt soms echt, hè. Als Liverpool scoort. Soms gaat ie dan huilen.”

Kopstoot

Als columnist schreef hij al stukjes over zijn vader. Meteen, toen zijn vader in maart 2020 ziek werd, dacht hij aan een boek over hem. “Vijf maanden later is hij al naar boven gegaan.”

Er loopt een man voorbij. “Hé, buurman!”

Hij zucht. “Dit gaat heel lastig worden, wist ik ook meteen, maar dit is wel waarom ik schrijf. Gewoon de dingen die ik niet kan begrijpen, die ik niet wil begrijpen, probeer ik dan toch op te schrijven. Daardoor hoop ik het dan iets beter te kunnen begrijpen. Maar dat heeft totaal niet geholpen. Ik was ook niet therapeutisch aan het schrijven, hoor. Ik mis hem gewoon nog heel erg.”

Of, zoals hij het op pagina 93 verwoordt: ‘Mijn vader was een man die er altijd was, totdat hij er niet meer was. En nu lig ik hier onder een container gevuld met verdriet. Ik zie de krantenkop al voor me. ‘Zoon geplet door vaderliefde’.”

“Ik denk dat hij zich wel een beetje zou schamen als hij van dit boek zou weten. Moet dat nou? Maar als hij het zou lezen… Maar hij las bijna nooit een Nederlands boek. Alleen Engelse spionageromans. John le Carré, Frederick Forsyth. Maar ik denk toch dat hij het prachtig zou vinden, ja.”

Liverpool is geen biografie van een vader, de doopceel van James sr. wordt niet gelicht. “Wat er niet over hem in dit boek staat? Jeetje… Ik denk zijn minder sterke kanten. Hij had een lontje dat niet heel lang was. Soms vlogen de borden door de kamer. Hij had weinig geduld. Maar voor de rest was hij vrijwel foutloos. Nou, die kopstoot die hij iemand gaf staat er wel in, hè. Hier om de hoek was dat, op de Nassaukade. Dát was een slechte kopstoot, joh.”

Zijn vader had een constructiebedrijf, en kon alles maken. “Zo heeft hij jaren terug de leuningen gemaakt van mijn basisschool, De Amsterdamse Montessorischool. Wacht, ik laat het je zien.”

En hij laat een foto op zijn telefoon zien van de buitenleuningen van de trap die naar de ingang van de school leidt. “Ik ga er nog vaak kijken, voor een beetje houvast. Oh, dat is kitscherig gezegd, zeg – houvast, leuningen… Maar ze hangen er al 35 jaar, en stevig ook nog. Ze zijn lichtblauw.”

Jordanese moeder

Met veel geraas rijdt er weer een vuilnisauto voorbij.

Heeft hij iets geleerd over zijn vader door het schrijven van dit boek?

“Hoe blij ik ben dat hij ooit zijn thuis heeft verlaten. Hoe blij hij altijd was, hoe zielstevreden. We hebben lang op driehoog gewoond in Zuid. Nooit zei hij: we moeten naar Weesp, haha. En wat ik ook geleerd heb, is dat zijn grootste gave was dat hij niet hoefde te dromen van meer en groter en beter. Hij had een heel pittige jeugd, en hij kon genoegen nemen met wat veel mensen hier denk ik niet zouden kunnen. Zijn droom was al uitgekomen door zich hier te settelen.”

Rolkoffertjes komen voorbij. “Ach, het was zo lekker rustig hier tijdens corona…”

Zit James Worthy hier achter zijn glas groene thee nou niet heel stiekem met een schuldgevoel richting zijn moeder?

“Nee, want zij weet dondersgoed dat als zij gaat, ik ook over haar een boek ga schrijven, en ook wel een stuk dikker. Mijn moeder is veel meer een prater. Ze komt uit de Jordaan, dus ze praat graag en ze zegt veel en ze blijft maar dingen herhalen. Dat wordt een boek van wel driehonderd pagina’s. Nee, ze hoeft niet te wanhopen.”

En daar passeert een veegwagen.

“Leve de schone stad!” roept James.

Hij denkt even na over de vraag wanneer hij vandaag voor het eerst aan zijn vader dacht.

“Liverpool speelde gisteravond tegen Arsenal. En ze wonnen met 2-0. Toen ik vanochtend wakker werd, liep ik meteen naar zijn foto die in de kamer staat en toen heb ik hem twee kusjes gegeven.”

James Worthy: Liverpool. Uitgeverij Thomas Rap, 192 blz., €21,99.