PlusAchtergrond

In harnas en tuigje naar de club: fetish wear maakt opmars in het nachtleven

Op de catwalks van grote modemerken duikt ‘fetish wear’ – op bdsm geïnspireerde kledingstukken – steeds vaker op. Ook in het Amsterdamse nachtleven neemt het aan populariteit toe, merken ontwerpers. ‘Een vrouw vroeg me laatst of ik ook pakjes maak voor dames op leeftijd.’

Tim van Erp
Ontwerper Tessa Swinkels: ‘Je kunt mijn tuigjes in de slaapkamer dragen, maar ook op straat over een T-shirt.' Beeld Daphne Lucker
Ontwerper Tessa Swinkels: ‘Je kunt mijn tuigjes in de slaapkamer dragen, maar ook op straat over een T-shirt.'Beeld Daphne Lucker

De leren fanny pack is haar signatuurstuk, al sinds ze in 2017 haar bedrijf opzette. Maar het laatste jaar hebben haar tuigje en harnastas het heuptasje ingehaald qua populariteit. De Amsterdamse designer Tessa Swinkels (31) verkoopt beide items sinds eind 2019, maar in de begindagen waren die niet meteen succesvol. Nu zijn het haar meest verkochte producten.

Nieuw is fetish wear in de mode niet. Veel bekende modehuizen namen eerder bdsm-elementen (dat staat voor bondage, dominantie, sadisme en masochisme) in hun collecties op en in 2013 was ‘Fetishism in Fashion’ het thema van de vijfde Mode Biënnale in Arnhem. De laatste jaren zagen we fetish wear in populaire series als Euphoria en bij invloedrijke beroemdheden als Kim Kardashian.

Toch is Swinkels niet bewust op de trend gesprongen: “Ik zag dit ergens voorbijkomen, ik weet niet eens meer waar, en vond het cool. Voor mij had het niet per se met seks te maken. Ik zie het als een manier om je outfit te upgraden. Je kunt mijn tuigjes in de slaapkamer dragen, maar ook op straat over een T-shirt.”

Tweede coming-out

Toch was Swinkels zich aanvankelijk wel bewust van de seksuele lading van de items. “Toen ik voor het eerst een harnas ontwierp, schaamde ik me een beetje,” vertelt ze. “Ik was bang hoe mijn ouders of schoonouders zouden reageren. Misschien zouden ze op een bepaalde manier gaan denken over mij of mijn seksleven.” Nu dergelijke kledingstukken zichtbaarder zijn, is dat anders. “Ik vind het steeds minder spannend om het zelf te dragen. Alsnog doe ik dat liever naar een concert of club dan wanneer ik op zaterdagmiddag ga lunchen, maar langzaam verandert dat. Dat komt deels door de leuke reacties die ik erop krijg.”

Ook designer Jouke Halma (32), die fetisjmerk HERR runt, had enige gereserveerdheid toen hij zijn bedrijf in januari 2020 begon. Tijdens het ontdekken van het Amsterdamse nachtleven kwam Halma erachter dat hij de fetisj-scene leuk vond. “Maar ik zag ook veel wat gedateerd voelde, items die min of meer onveranderd waren gebleven sinds de jaren tachtig. Dat mocht wel wat frisser.” Vanuit die gedachte ontstond HERR. “Ik besefte: als ik uitleg waarom ik dit merk begonnen ben, weet iedereen dat ik dit leuk vind. Getwijfeld heb ik niet, maar het voelde als een tweede coming-out toen ik aan mijn moeder vertelde wat voor merk ik wilde opzetten. Ze vroeg meteen of ik zelf ook zulke dingen droeg. Gelukkig reageerde ze erg ontspannen toen ik zei van wel. Ze was heel geïnteresseerd: hoe zit dat op je huid, wanneer draag je het, hoe maak je het schoon?”

Ontwerper Jouke Halma: 'Op queer festivals zie ik soms mensen in mijn ontwerp rondlopen' Beeld Daphne Lucker
Ontwerper Jouke Halma: 'Op queer festivals zie ik soms mensen in mijn ontwerp rondlopen'Beeld Daphne Lucker

Inmiddels ziet Halma, die creaties op maat maakt, vooral voordelen van die openheid. “Er ontstaan leuke gesprekken met mensen van wie je dat niet verwacht. Zo vertelden buurtgenoten me dat zij ook weleens naar fetisjfeesten gaan. En een vrouw vroeg me laatst of ik ook pakjes maak voor dames op leeftijd.”

Zelfexpressie

Dat veel items nu hun weg buiten de fetisj-scene vinden, juicht Halma toe: “We mogen het gebruik van fetish wear breder trekken, als het aan mij ligt. Zelf draag ik regelmatig een rubberen shirt met rits en daaronder een ‘normale’ broek. Mijn creaties zijn in principe gemaakt voor in de slaapkamer en op fetisjfeesten, maar ze zijn wel modisch. Ik pas elementen toe die ik tijdens mijn opleiding aan het AMFI geleerd heb: soms zet ik er zakken in, zoals je normaal in een pantalon of colbertje zou doen.”

Er wordt veel meer dan een paar jaar geleden geëxperimenteerd, valt hem op. “Dat komt denk ik doordat jongeren nu meer bezig zijn met zelfexpressie, ontdekken wie je bent. Veel jonge mensen durven wat ik op die leeftijd niet durfde. Op queer feesten kom ik fetish wear meer en meer tegen, soms zie ik dan mensen in mijn ontwerp rondlopen. In steden als Londen en Berlijn komt het nog meer voor dan in Amsterdam.”

Die ontwikkeling vertaalt zich ook in verkoopcijfers. “Er is een enorme interesse. Soms moet ik nee verkopen, omdat ik geen tijd heb om iets te maken. Ik werk regelmatig met wachtlijsten. Als je nu een item bij me bestelt, is het eind september klaar. Na de zomer krijg ik gelukkig twee stagiairs. Daar krijg ik ook meer aanmeldingen voor dan vroeger.”

Lisa van der Mije, trendwatcher op het gebied van mode en eigenaar van bureau Lins Amsterdam, denkt dat zelfexpressie onder jongeren de trend inderdaad deels verklaart. “En fetish wear is vaak genderfluïde, waar veel andere modetrends zich van oudsher op mannen of vrouwen richten. Het kan door iedereen gedragen worden. Maar het is te simpel om deze trend alleen daaraan te wijten.”

We moeten bovendien niet vergeten dat fetish wear er altijd al was, zegt Van der Mije. “Het is alleen vercommercialiseerd. Doordat we het de laatste jaren steeds meer zijn gaan zien, zijn we eraan gewend. Tien jaar geleden was het misschien nog te heftig om deze items op straat te dragen.”

Tuigje op maat

Waar Halma’s producten zonder uitzondering gemaakt zijn van rubber, werkt Tessa Swinkels louter met leer. En waar hij zich expliciet richt op de slaapkamer, is dat bij haar niet het geval. De populariteit van haar harnastassen en tuigjes heeft haar echter aan het denken gezet. “Ik fantaseer er weleens over na een tweede merk te beginnen dat zich volledig richt op fetish wear. Tessa Swinkels blijft in de basis een modemerk, maar de tweede lijn zou zich dan echt richten op seks.”

Eind juli staat ze twee dagen op Milkshake Festival om haar tuigjes ter plekke op maat te maken. “Het idee is dat elke bezoeker alles zelf kun samenstellen, dat je bijvoorbeeld een tas of twee tassen aan je harnas koppelt, of een extra riem aan je tuigje toevoegt.” Evenals Halma werkt Swinkels in kleine oplagen; beiden willen fast fashion zoveel mogelijk tegengaan. Aan seizoensgebonden collecties doet ze daarom niet: “We hebben allemaal al zoveel spullen. Ik wil niet dat mensen iets één zomer dragen en daarna weggooien. Ik probeer mijn producten zo tijdloos mogelijk te maken. Natuurlijk ben je als ontwerper overgeleverd aan de grillen van de mode, maar dat komt vanzelf wel goed: vijf jaar geleden gingen mensen massaal voor fanny packs, nu voor fetish wear. Zo komt er hierna ook weer wat.”

Lisa van der Mije beaamt dat. “Trends komen en gaan, maar ik denk dat fetish wear er altijd blijft. Het wordt hooguit weer wat minder zichtbaar tot er een volgende opleving komt.”

Meer over