PlusAchtergrond

‘Ik moet jullie wat vertellen’ – waarom een coming-out nog steeds moeilijk is

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Paroolredacteur Stefan Raatgever schreef met De jongen die van de klif sprong en zacht terechtkwam een semi-autobiografisch boek over een eindexamenleerling die worstelt met zijn ontluikende homoseksualiteit. Hij vraagt zich af: waarom is een coming-out nog steeds zo moeilijk?

Stefan Raatgever

Eén scène uit mijn boek is bijna een-op-een gekopieerd uit mijn echte leven. De hoofdpersoon Alec – 19 jaar, onzeker, enigszins naïef – gaat zijn moeder vertellen dat hij op jongens valt. Tenminste, dat hoopt hij. Want alle keren hiervoor is hij op het laatste moment zo zenuwachtig geworden dat hij niet meer durfde. Steeds weer heeft hij het gesprek voor zich uitgeschoven.

Maar op een avond – de boerenkool is net op, in het rijtjeshuis in een provinciestad wordt theegezet– komt het er toch uit. Al bij de eerste woorden komen de tranen. Alle opgekropte angst van de afgelopen tijd komt naar boven. Angst voor de reactie van zijn ouders, maar ook voor die van vrienden, zijn teamgenoten op de tennisclub, zijn klasgenoten.

Zoals ik geluk had met een lieve en begrijpende moeder (én vader), heeft Alec dat geluk ook. Zijn moeder knuffelt hem tot ze alle tranen uit hem heeft gewrongen en gaat dan nieuwe thee zetten. Ze zegt de goede dingen. ‘Je blijft altijd mijn zoon. Het belangrijkste is dat jij gelukkig bent. Ik houd sowieso van je.’

In De jongen die van de klif sprong en zacht terechtkwam klettert zo een figuurlijke last van tientallen kilo’s op de keukenvloer. Zelf kan ik die opluchting van toen – ik was 24 jaar – ook nog altijd voelen. Nooit heb ik met een grotere steen op de maag rondgelopen als in de dagen van mijn coming-out.

Ik maakte in die maanden een kleine tournee langs vrienden en familie: steeds weer die zenuwachtige aanloop naar het moment van vertellen. Ik weet nog dat mijn beste vriend me na mijn bekendmaking vroeg: ‘Je was hier toch niet zenuwachtig voor? Dacht je nu echt dat ik je anders zou gaan bekijken?’ Tja, daar wist ik toen het antwoord niet precies op. In die periode voorafgaand aan mijn coming-out was er weinig objectiefs aan de storm in mijn hoofd.

Gedachtentornado

Met die gedachtentornado als inspiratie schreef ik een boek. Geen autobiografisch verslag, maar een roman met fictieve personages. Maar uiteraard hangt boven zo’n verhaal altijd dezelfde vraag: ‘In hoeverre lijk je op je eigen hoofdpersoon?’ Ik heb die vraag in de ruim vijftien jaar dat ik voor de krant over cultuur en media schrijf, gesteld aan tientallen, misschien wel honderden schrijvers, maar ook acteurs én karikaturale podiumpersonages. Soms kwam er een gretig antwoord, vaak wat omzichtig gemanoeuvreer.

Dat laatste begrijp ik nu een stuk beter. Het is bijna ondoenlijk te zeggen waar ik zelf ophoud en mijn hoofdpersoon Alec DuMoulin begint. Om zijn groeipijnen heen verzon ik een verhaal over een liefde voor een jongen die Alecs tegenpool is: wereldwijs, onaangepast, schijnbaar zelfverzekerd. Deze Björn heeft nooit bestaan. Hoogstens is hij een samenraapsel van een aantal exen die ik later tegenkwam.

Alec herken ik wel. De twijfels van een bijna-twintiger, de onzichtbare groepsdruk, de hunkering naar vaste grond onder de voeten; ik ken het allemaal maar al te goed. Want hoewel mijn leven sindsdien niet bepaald grijs is verlopen, blijft dat jaar van worstelen, tobben en weer bovenkomen de meest onderscheidende periode uit mijn leven. Pas recent maakte ik nog een keer een dergelijke aardschok mee: toen werden mijn vriend Joost en ik samen met goede vriendin Sonja ouders van een zoon.

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Een nieuwe tijd

Ik weet: er is inmiddels een nieuwe tijd aangebroken. En gelukkig maar. De jonge lhbtq’s zijn gemiddeld een stuk zelfbewuster geworden. Soms laten ze een coming-out helemaal achterwege. ‘Hetero’s hoeven toch ook niet uit de kast te komen?’ redeneren ze. En: ‘Waarom zou jezelf officieel een label aanmeten?’ Terecht natuurlijk. Ik gun hen de vrijheid en het zelfvertrouwen van harte.

Alleen gaat het helaas niet voor iedereen zo makkelijk. Nederland is nog veel minder ver dan – vooral in Amsterdam en omstreken – nog weleens wordt gedacht. Positieve uitzonderingen zijn er overal, maar wie buiten de stedelijke gebieden kijkt, treft vaak nog steeds een omgeving waar uitzonderingen op de heteroseksuele norm niet worden gevierd, maar juist uitgesloten.

Kleine samenlevingen met veel sociale controle, de invloed van religie (iets wat ook in allochtone stedelijke gemeenschappen speelt) of van simpelweg een beperktere blik op de wereld: ze maken leven als jonge lhbtq ontzettend moeilijk en kwetsbaar. De tijd van dubbellevens is daar nog lang niet voorbij.

Toen ik een kleine tien jaar geleden verkering kreeg met Joost, viel ik van mijn stoel door de verhalen die hij kende uit het kerkelijke milieu waarin hij groot werd. Hijzelf wist de warme band met zijn ouders in stand te houden, maar vanzelfsprekend is dat niet. Joost kent veel voorbeelden van beschadigde familierelaties, van opgedrongen genezingstherapie en zelfs van homoseksuele jongens en meisjes die beloofden celibatair te leven om hun plek in de gemeenschap te behouden.

Arie Boomsma maakte een aantal jaar geleden de aangrijpende tv-serie Uit de kast. Hij hielp jongeren in de aanloop naar het coming-outgesprek waar ze het meest tegen op zagen. Mijn hart brak toen een zachte jongen aan de eettafel bij zijn ouders het woord nam en vertelde dat hij niet door Boomsma werd geportretteerd vanwege een aankomende reis naar Australië, maar omdat hij iets belangrijks wilde vertellen. Nadat hij de woorden had uitgesproken, viel er een doodse stilte aan tafel. Moeder zei niets en vader bleef stoïcijns aardappelen in zijn mond stoppen.

Prachtig was in de serie de jongen die de moed vond om een volle voetbalkleedkamer toe te spreken. Het duurde niet lang of hij werd bedolven onder applaus en in plat Twents geformuleerde gelukwensen.

Ruimdenkende ouders

Met deze verhalen in mijn achterhoofd besloot ik dit boek te schrijven. Omdat ik geloof dat verhalen helpen om de vrees voor het onbekende weg te nemen. Niet alleen bij de piekerende jongeren zelf, maar ook bij hun ouders, ooms en tantes of kennissen uit de buurt.

Bij het schrijven dacht ik terug aan mijn eigen periode van geworstel. Nog steeds vraag ik me weleens af waarom het me zo lang kostte om mijn gedachten helder te krijgen. Waar Alec in het boek de zoon is van een kleinburgerlijk echtpaar met een vrij nauwe wereldvisie, heb ik liberale en ruimdenkende ouders. Mijn moeder vertelt nog altijd graag over haar, inmiddels helaas overleden, homoseksuele broer op wie ze zo ontzettend dol was.

Ik miste in die jaren (toen je voor internet nog een modem moest aantrappen en mobiele telefoons het formaat hadden van een staafmixer) vooral herkenning en kennis. En waar kun je dat, bij gebrek aan homoseksuele vrienden of klasgenoten, beter vinden dan in een fijn verhaal? Alleen: waar moest ik dat zoeken? De enige kennis die ik als late tiener van boeken had, kwam van de lijst met verplichte literatuur die ik voor mijn eindexamen vwo had moeten lezen. Het was leeswerk tegen heug en meug, dat voor een deel uit uit mijn hoofd geleerde samenvattingen bestond.

Toch kwam ik op een gegeven moment in het bezit van een boek van Gerard Reve dat over de mannenliefde moest gaan. In de beslotenheid van mijn slaapkamer sloeg ik het open. Het bleek een verhaal over een wat oudere man die voor een etalage op straat een veel jongere jongen verleidt.

Ik herinner me dat ik het eerder eng dan spannend vond. Bovendien was het geschreven in wollige zinnen die ik vaak twee keer moest lezen om te doorgronden. Ik las het niet uit en staakte mijn zoektocht naar de oorsprong van dat zeurende gevoel in mijn hoofd weer voor een tijdje.

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Niet te zwaar

De jongen die van de klif sprong en zacht terechtkwam is het verhaal dat ik in die jaren zelf graag had willen lezen. Ik heb mijn best gedaan het troostrijk, toegankelijk, niet te zwaar en bovenal herkenbaar op te schrijven. Een boek als steun in de rug voor wie worstelt, met als boodschap: niet opgeven, je bent niet alleen en het gaat nog leuk worden!

De jaren die volgden op mijn eigen coming-out vond ik namelijk gelukzalig. Hoe meer lieve, blije en hartelijke reacties ik kreeg, hoe meer ik durfde mijn eigen weg te gaan. De grauwe sluier die al jaren over mijn leven had gehangen werd ineens weggetrokken. Ik ging stappen, ging op dates en kuste met jongens.

Het is de boodschap die ook doorklinkt in het boek Confettiregen van Splinter Chabot. Ik weet nog dat ik mijn eigen boek ter beoordeling net voor het eerst bij een uitgever had ingeleverd, toen ik Splinter en zijn familie zag bij de De wereld draait door. Mijn beoogde uitgever schrok er voor terug: nóg een boek over dit onderwerp? Dat kon niet goed gaan, was de redenering. Gelukkig was er niet veel later een andere die mijn gedachte hierover wel deelde: over dit onderwerp kunnen er niet genoeg boeken zijn. Het liefst een hele bibliotheek vol. Want elke situatie is net weer anders en vraagt een ander verhaal om diezelfde geruststellende uitwerking te hebben.

Mijn hoofdpersoon is geen spectaculair personage, zelfs een hele doorsnee jongen. Hij tennist graag, houdt van Bruce Springsteen en herkent zich niet in de homo’s die hij dan – het jaar van handeling ligt rond 2010 - op televisie ziet. Op dat vlak lijkt er ruim een decennium later overigens soms maar weinig veranderd. Met Martien Meiland continu op het scherm lijkt het wel of de klok is teruggedraaid naar de tijden van Albert Mol en Frank Govers, toen een homo op televisie bijna per definitie een kirrend carnavalsnummer leek te zijn,

De juiste richting is er eentje van veelkleurigheid. Met ruimte en aandacht voor paradijsvogels en voor, zoals een collega mijn burgerlijke bestaan met koophuis en kind onlangs samenvatte - ‘Alphen aan den Rijn-gays’. Niet alleen op tv, maar ook in series, films en boeken. Hopelijk heb ik daaraan een klein, regenboogkleurig, steentje bijgedragen.

De jongen die van de klif sprong en zacht terechtkwam verschijnt op 1 februari bij uitgeverij Luitingh-Sijthoff, €17,99.

null Beeld
Meer over