PlusBeeldspraak

Films kijken zoals vroeger is nu echt voorbij

De bioscoopzalen zijn gesloten maar de ogen blijven open. Kijken we volgend jaar ook meer thuis dan buiten de deur?

Bart van der Put
Cooper Hoffman en Alana Haim doen verlangen naar Licorice Pizza.  Beeld Courtesy of Metro Goldwyn Mayer Pictures Inc.
Cooper Hoffman en Alana Haim doen verlangen naar Licorice Pizza.Beeld Courtesy of Metro Goldwyn Mayer Pictures Inc.

Gaan of niet gaan? Dat was de vraag toen er na de eerste bioscoopsluitingen van 2020 gelegenheid werd geboden om weer in een enorme zaal naar film te kijken. De bioscoopbranche deed alles om aarzelende filmliefhebbers over de drempel te trekken. Het coronaprotocol werd naar de letter overgenomen en de zaalbezetting werd sterk verlaagd. Dat was een aderlating voor de uitbaters, maar de veiligheid en gezondheid van de bezoekers ging boven alles. Allicht, maar hoe viel dat te rijmen met de suikerfuik?

De enorme snoepwinkel die bioscoopbezoekers in de megaplex van Pathé Arena moeten doorkruisen om de zalen te betreden, gaf nooit blijk van enige zorgen over de gezondheid van de klant. Die fuik is daar geplaatst om zoveel mogelijk zoete en zoute snacks te verkopen. Drijf een gezin met kinderen door de snoepwinkel en de kassa rinkelt. Je kunt niet vroeg genoeg beginnen om de vreetreflex aan filmplezier te verbinden; daar heb je als uitbater nog jaren profijt van.

Een bioscoop is geen onderwijsinstelling of kinderopvang, en een megaplex heeft vanzelfsprekend een megasnoepwinkel. Maar dat maakt het knap lastig om dan met overtuiging te beweren dat de gezondheid van de bioscoopbezoeker boven alles gaat. De heropening was een feit, maar de suikerfuik stemde sceptisch. Ik ging niet naar de film. Het thuiskijken beviel goed. Dat deed het al jaren en de apparatuur is beter dan ooit.

Dubbeltje op zijn kant

Voorspellingen doen is zinloos. We gaan naar verwachting van pandemie naar endemie en van mutatie naar vaccinatie, maar hoe en wanneer? Geen idee. Dus maar beter blijven opletten, risico’s inschatten en een vaccinatie nemen wanneer het kan. Opletten en risico’s inschatten was in de afgelopen twee jaar niet alleen voorbehouden aan kwetsbare filmliefhebbers. Filmproducenten en distributeurs liepen ook spitsroeden.

Afgelopen herfst regende het jubelende persberichten over het succes van No Time To Die in de Nederlandse bioscopen. James Bond brak records en werd de grootste hit van de polderpandemie. Het Britse bedrijf Eon Productions had ogenschijnlijk goed gegokt. Er was voor miljoenen aan rente over het productie- en promotiebudget betaald om de première drie keer uit te kunnen stellen. Maar het juiste moment leek gevonden. Eon produceert weinig naast Bond, en is daarom kwetsbaar als een gammele cinefiel op leeftijd. Over een kosten-batenanalyse na de wereldwijde uitbreng van No Time To Die kunnen we echter geen jubelende persberichten verwachten. Het is nog steeds een dubbeltje op zijn kant.

De zaak van de lokaal succesvolle en internationaal teleurstellende Bondfilm illustreert een probleem waarop de filmwereld nog geen grip kreeg: de pandemie is geen eenduidig voorspelbaar verschijnsel. De wereldkaart blijft een lappendeken met uitbraken en luwten, open bioscopen en lockdowns.

Momenteel sterft Steven Spielbergs musicalspektakel West Side Story een stille dood, terwijl Spider-Man: No Way Home in twee weken al meer dan een miljard dollar binnenhaalde. Dat is een onbetwist record voor de pandemie en een overtuigend bewijs dat het superheldentijdperk niet voorbij is.

Bond is een sterk merk, Marvel blijkt sterker. Maar omikron maakt ongetwijfeld nog slachtoffers. De nieuwe variant van The Matrix zit na een matig premièreweekend in de gevarenzone: de doelgroep is ouder en voorzichtiger. De film is in de Verenigde Staten op HBO Max ook beschikbaar voor thuiskijkers.

Overtrokken reactie

In een redactioneel opiniestuk publiceerde het gezaghebbende The Hollywood Reporter afgelopen week een noodkreet van een anonieme studio executive: ‘What the fuck is this business becoming?’ De doodsbange insider ziet een implosie van de filmindustrie en een afbraak van de infrastructuur. Hij vreest dat het huidige Hollywood over vijf jaar niet meer bestaat: ‘worden we uiteindelijk allemaal een soort Netflix?’.

Misschien is dat een overtrokken reactie op de schade van de pandemie en de opmars van de abonneekanalen, die in de Amerikaanse film- en mediawereld met een reeks overnames en liquidaties gepaard gaat. Maar vroeger is nu echt voorbij. Daar kunnen we een traan om laten, maar het was in de afgelopen donkere dagen een groot genot om op Netflix Paolo Sorrentino’s bitterzoete The Hand of God te bekijken. Napels anno 1986 lag er schitterend bij, de filmliefde spatte er vanaf en even leek het alsof er helemaal geen pandemie heerste.

De vooruitzichten zijn ook niet slecht. Binnenkort verschijnt Paul Thomas Andersons Licorice Pizza, waarin de maker van Boogie Nights naar de San Fernando Valley uit zijn jeugdjaren terugkeert en de zoon van wijlen Philip Seymour Hoffman de hoofdrol speelt. En Spider-Man? Die draait na de lockdown weer in alle snoepwinkelzalen van Nederland, om James Bond alsnog voorbij te slingeren en de grootste hit van de polderpandemie op zijn naam te zetten.

Meer over