PlusAchtergrond

Een Pridevlag aan je gevel komt met risico’s: ‘Hij hangt er weer, gescheurd en wel’

Journalist Tim van Erp had de regenboogvlag nog geen dag hangen toen iemand ‘homo’s’ op zijn voordeur kladde. In aanloop naar de Pride: welke ervaringen hebben andere Amsterdammers?

Tim van Erp

Onze Pridevlag hing er pakweg achttien uur toen er op de deur werd geklopt. De bovenbuurvrouw. “Weten jullie zeker of die vlag zo’n goed idee is? Iemand heeft ‘homo’s’ op de voordeur geschreven.”

Natuurlijk hadden mijn huisgenoot en ik erbij stilgestaan dat er risico’s waren, zeker na de brand in de studentenflat aan de Krelis Louwenstraat in West, vermoedelijk aangestoken vanwege de aanwezige vlaggen. Maar juist vanwege dat soort incidenten – in september werden om diezelfde reden bij twee woningen in Bos en Lommer de ruiten ingegooid – vinden we het belangrijk. Om die haat een tegengeluid te bieden en de zaaiers te laten zien dat we niet wijken.

Precies daarom wilden we onze vlag, na een kort twijfelen, laten hangen. Dezelfde dag nog gingen we bij de bovenbuurvrouw op de koffie; dat zij zich veilig voelde in haar eigen huis was een voorwaarde. Inmiddels hangt ie er ruim vijf maanden, en sinds die ene keer is er niets meer voorgevallen. Hoe is dat bij andere Amsterdamse vlaggendragers?

Emiel Heuver: 'Met zo’n vlag aan mijn woning herinner ik mezelf eraan dat ik mezelf moet blijven.'
 Beeld Daphne Lucker
Emiel Heuver: 'Met zo’n vlag aan mijn woning herinner ik mezelf eraan dat ik mezelf moet blijven.'Beeld Daphne Lucker

Emiel Heuver (25), Watergraafsmeer

“Mijn vlag hangt er nu zo’n drie jaar, ik heb hem zelfs moeten vervangen omdat het eerste exemplaar vaal was geworden van de zon. Toen ben ik voor een Progressvlag gegaan in plaats van de traditionele regenboogvlag, omdat die inclusiever is (de toegevoegde kleuren vertegenwoordigen de trans gemeenschap, mensen van kleur en mensen die leven met of overleden zijn aan hiv of aids, red.). Het idee om een Pridevlag op te hangen ontstond nadat ik een keer nageroepen werd. Ik voelde me heel machteloos en dacht: met zo’n vlag aan mijn woning herinner ik mezelf eraan dat ik mezelf moet blijven, ook als dat betekent dat ik zichtbaar afwijk van de norm.

Nageroepen word ik nog steeds weleens, op mijn verjaardag gebeurde het onlangs twee keer. Maar als ik dan naar huis fiets en de vlag in de verte zie, werkt dat geruststellend. Je kunt hem ook niet missen, ik woon op de hoek en je ziet de vlag vanuit alle richtingen. Ik hoop dat queer voorbijgangers en buurtbewoners zich daardoor welkom voelen. Ook zou ik het fijn vinden als het mijn buren aanspoort om thuis te praten over genderidentiteit en seksualiteit, bijvoorbeeld met hun kinderen.

Nare ervaringen op straat kun je eigenlijk geen positieve associatie geven, maar ik probeer het wel: met een vriendin heb ik afgesproken dat we elke keer dat ik nageroepen of uitgescholden word, gaan borrelen. Dan trekken we telkens een andere kleur van de Pridevlag aan en maken we een foto. Uiteindelijk borrelen we zo de hele regenboog bij elkaar.”

Peter Jongenelen: 'Ik hoop dat de vlag werkt als een reclameboodschap.' Beeld Daphne Lucker
Peter Jongenelen: 'Ik hoop dat de vlag werkt als een reclameboodschap.'Beeld Daphne Lucker

Peter Jongenelen (58), De Baarsjes

“Ik ben opgegroeid in een tijd waarin je op school niets leerde over genderdiversiteit of seksualiteit en er thuis ook niet over werd gepraat. Eigenlijk begint dat de laatste jaren pas écht te veranderen. Toch is er nog veel werk te verzetten; toen ik vorige zomer las over de brand in de studentenflat en de woningbouwvereniging leek te suggereren dat de vlaggen weghalen de oplossing was, besloot ik een tegengeluid te laten horen. Het is duidelijk dat we meer educatie nodig hebben en ik hoop dat mijn vlag daaraan bijdraagt.

Ook zelf ben ik er nog niet. Als ik twee mannen hand in hand zie lopen, vind ik dat soms onwennig, terwijl ik honderd procent pro-lhbtq+ ben. Ik ben jarenlang geconditioneerd om zo te denken. Dat moet veranderen. Ik hoop dat de vlag werkt als een reclameboodschap; als een groot commercieel bedrijf overal zijn producten promoot, willen mensen op een gegeven moment niks anders meer.

Ik heb voor een wat kleiner exemplaar gekozen omdat ik op één hoog woon en niet wil dat mensen er vanaf straat bij komen. Overigens heb ik nog niets vervelends meegemaakt. Dat had ik wel verwacht. Vrienden die langskomen zeggen er eigenlijk niets over, die zijn bekend met mijn activisme. Ze weten ook dat ik weleens met mannen heb gezoend, al identificeer ik me als heteroseksueel.”

Jeroen Overweg en Wouter Veneklaas: 'Vanuit het raam hebben we alleen maar positieve dingen gehoord.' Beeld Daphne Lucker
Jeroen Overweg en Wouter Veneklaas: 'Vanuit het raam hebben we alleen maar positieve dingen gehoord.'Beeld Daphne Lucker

Jeroen Overweg (30) en Wouter Veneklaas (28), Oud-West

Veneklaas: “Eigenlijk hangt de vlag er door de 82-jarige bovenbuurvrouw. ‘Hebben jullie nou nog geen vlag?’ vroeg die een keer. Ik ben meteen naar het Homomonument gelopen om er een te kopen bij de lhbtq+-kiosk.”

Overweg: “Als het stormt halen we hem soms binnen, anders wordt hij zo groezelig en nat. Maar de rest van het jaar hangt hij pontificaal boven het drukke kruispunt waaraan we wonen.”

Veneklaas: “Soms waait de vlag om de stok heen en wikkel ik hem weer los. Dan kijk ik toch even om me heen of voorbijgangers erop reageren. Niet uit angst, maar ik ben me er wel van bewust dat er eventuele negatieve reacties kunnen klinken.”

Overweg: “Toch hebben we vanuit het raam alleen maar positieve dingen gehoord. Één keer stond er een groep basisschoolkinderen met hun begeleiders; toen een van hen wees op de regenboogvlag, legde hun leerkracht uit wat die betekent. Dat is precies waar hij voor bedoeld is: zichtbaarheid creëren. Dat we op een druk punt wonen helpt daarbij.”

Veneklaas: “Zelf vind ik het prettig als ik in een buurt met veel Pridevlaggen kom. Dan voel ik me meteen welkom. Kleine moeite, groot resultaat. Nu geeft ie me ook een glimlach als ik thuiskom.”

Overweg: “Vrienden begonnen er vaak over toen we hem net hadden opgehangen, sommigen van hen hebben er nu thuis ook een.”

Veneklaas: “En met onze ouders voerden we gesprekken over waar alle kleuren op de vlag voor staan.”

Daniël van de Poppe en Nydia van Voorthuizen: 'Wij zijn in Amsterdam met veel meer dan de mensen met haatgevoelens richting de lhbtq+-gemeenschap.' Beeld Daphne Lucker
Daniël van de Poppe en Nydia van Voorthuizen: 'Wij zijn in Amsterdam met veel meer dan de mensen met haatgevoelens richting de lhbtq+-gemeenschap.'Beeld Daphne Lucker

Nydia van Voorthuizen (33) en Daniël van de Poppe (30), Mercatorbuurt

Van Voorthuizen: “Op Bevrijdingsdag was ik met mijn collega bij mij thuis toen we geluiden hoorden bij het raam. Enkele jongens van rond de twintig probeerden onze vlag kapot te trekken. ‘Waarom zit je aan mijn vlag?’ riep ik naar buiten, waarop een van hen antwoordde: ‘Ik wil niet dat er homo’s in mijn oude huis wonen.’”

Van de Poppe: “Ze gingen weg toen we probeerden het nummerbord van hun scooter te fotograferen. ‘We regelen het nog wel,’ zei diezelfde jongen op dreigende toon. We hebben meteen de politie gebeld. Die nam het gelukkig heel serieus.”

Van Voorthuizen: “We waren enorm geschrokken, vooral omdat ze weten waar we wonen. De nacht na het incident hebben we de vlag weggehaald uit angst voor een steen door de ruit of erger. Sindsdien hangt hij er weer, gescheurd en wel.”

Van de Poppe: “De eerste weken was ik erg op mijn hoede zodra ik de straat opging. Ik was bang dat ze daar ineens weer zouden staan.”

Van Voorthuizen: “Toch is het voor ons als cisgender heterokoppel geen aanval op onze identiteit. Voor mijn collega daarentegen, die op vrouwen valt, was het de eerste keer dat ze zó gericht te maken kreeg met homohaat. Daniël en ik twijfelden of we queer ruimte wilden innemen door geïnterviewd te worden voor dit artikel, maar hopen door ons verhaal te vertellen dat meer niet-lhbtq+’ers een regenboogvlag ophangen. Uit solidariteit. Als elke Amsterdammer die géén haatgevoelens heeft richting de lhbtq+-gemeenschap dat doet, zou de hele stad onder hangen. Wij zijn met veel meer.”

Belastingvrij wapperen

De regenboogvlag heeft sinds dit jaar een belastingvrije status in Amsterdam. Mensen die een Pridevlag uit het raam hangen hoeven daar, net zoals bij vlaggen van landen, provincies en gemeenten, geen reclamebelasting over te betalen. Zolang er tenminste geen product of bedrijf op wordt aangeprezen. Vanwege de maatschappelijke betekenis geldt de vrijstelling voor alle regenboogvlaggen, dus ook voor de aparte dundoeken die bestaan voor lesbiënnes, biseksuelen, interseksuelen, panseksuelen en aseksuelen. Amsterdam is de eerste gemeente die deze maatregel invoert.