PlusInterview

Edith Brouwer over vergeten grafica Fré Cohen: ‘Ze verdient het om gezien te worden door een groot publiek’

Kunstenaar Edith Brouwer (53) raakte gefascineerd door de bijna vergeten kunstenaar Fré Cohen (1903-1943), over wie ze een roman schreef. ‘Fré was een van de weinige vrouwen die leefde van haar werk.’

Maarten Moll
Fré Cohen in haar atelier op Karel du Jardinstraat 11 (1933). Beeld Musem Het Schip
Fré Cohen in haar atelier op Karel du Jardinstraat 11 (1933).Beeld Musem Het Schip

Het gebeurde vijf jaar geleden. Kunstenaar Edith Brouwer was in een kringloopwinkel en speurde naar oude boeken. Niet speciaal om ze te gaan lezen, maar voor papier. Om de blanco pagina’s eruit te snijden en daar haar linosnedes op af te drukken.

“Ja,” zegt ze, gezeten aan een tafeltje in café-restaurant De Ysbreeker, “ik ben heel vaak op zoek naar oud papier. Dan sta ik met mijn neus in die muffe boeken… Én ik heb een fascinatie voor ex librissen, je weet wel, van die plaatjes met je naam erop die voor in boeken worden geplakt.”

Die ene keer pakte ze een oud boek van een stapel, van Shakespeare. Ze sloeg het open en zag meteen dat het om bruikbaar, goed papier ging.

“Toen ik nog eens goed keek, zag ik dat er een ex libris in was, dus dat boek ging meteen in mijn mandje. En er lag nog een boek uit die serie van Wereldbibliotheek, van ­Goethe, met hetzelfde ex libris erin geplakt.”

De boeken waren van Henk van Laar geweest. Een ­verzetsman naar wie in de Watergraafsmeer een brug is vernoemd. Thuis googelde Brouwer op Henk van Laar en ex libris, en zag toen het plaatje uit haar gekochte boeken verschijnen.

“Daar stond bij dat die gemaakt was door Fré Cohen. Ik dacht eerst nog dat dat een man was. Ook omdat grafici in die tijd allemaal mannen waren, dacht ik. Toen zocht ik op Fré Cohen en kwam ik bij Frederika Sophia Cohen uit. Hierna vond ik meer werk van haar, zoals het bekende ­Giroboekje. Ik herkende het uit een publicatie, als voorbeeld van mooie vormgeving van de Amsterdamse School, maar ik wist niet dat het door haar ontworpen was. Toen ben ik door haar gefascineerd geraakt.”

Linosnedes in letterbakken, die Edith Brouwer maakte rond haar boek over Fré Cohen. 
 Beeld Edith Brouwer
Linosnedes in letterbakken, die Edith Brouwer maakte rond haar boek over Fré Cohen.Beeld Edith Brouwer

Fré Cohen, die leefde van 11 augustus 1903 tot 12 juni 1943, was een Amsterdamse kunstenaar en graficus van Joodse komaf. Ze ontwierp advertenties en omslagen voor brochures, en verzorgde de lay-out voor bladen en ­drukwerk. Eerst bij de socialistische N.V. Boekhandel en Uitgevers Maatschappij Ontwikkeling, een voorloper van De Arbeiderspers, en later voor de Stadsdrukkerij ­Amsterdam, waar ze een vaste aanstelling kreeg. Daar was ze bijna in haar eentje verantwoordelijk voor het ontwerpen van al het drukwerk van alle gemeentelijke diensten.

“Een bijzonder vrouw, die heel mooi en goed werk maakte. Cohen was niet getrouwd, maar kwam wel uit een heel warm, socialistisch gezin. En ze was een workaholic, ze had ook geen relatie. Of ze een feminist was? Niet eentje die op de barricades stond. Ze was niet bezig met de positie van de vrouw in die zin dat ze er essays over schreef.”

“Maar in haar streven te doen wat ze wilde, was ze wel een feminist. Fré was een van de weinige vrouwen in die tijd die leefde van haar werk. Dat is heel bijzonder. Ze liep rond in drukkerijen en had daar een mening over hoe iets moest. Ze is ook het huis uitgegaan om in haar eentje in een atelierruimte te gaan wonen, wat in die tijd ook niet heel gewoon was.”

Losse scènes

Al snel had Brouwer in de gaten dat ze ‘iets’ met Fré ­Cohen wilde doen. “In de tijd dat ik dat ex libris van Henk van Laar ontdekte, had ik een project rond linosnedes bij ­Museum Het Schip in de Spaarndammerbuurt. Daar hebben ze origineel werk van haar in de vaste collectie. Toen heb ik met directeur Alice Roegholt over Fré Cohen ­gepraat, en gezegd dat ik misschien wel een boek over haar wilde schrijven, want ik had al een paar scènes over haar geschreven.”

Tweeënhalf jaar later kwam Brouwer weer in gesprek met de museumdirecteur. Of ze nog steeds van plan was een boek over Fré Cohen te schrijven. “Ik zei ja, en toen zei ze: ‘Dan heb ik goed nieuws voor je, want wij overwegen een tentoonstelling over haar te maken, wil je in de werkgroep?’”

Edith Brouwer. Beeld Jaap Vrenegoor
Edith Brouwer.Beeld Jaap Vrenegoor

Daar heb ik wel wat aan gehad, vooral wat betreft feiten over haar leven. Maar ik dacht ook vaak: hoe zou dat nou voor haar geweest zijn in die tijd, als werkende vrouw? Dat prikkelde mijn fantasie. Toen ben ik ook vaart achter de roman gaan zetten. Het was bijzonder leuk in die werkgroep, en er is nu een hele mooie tentoonstelling te zien over Fré Cohen.”

Maar een roman is iets anders dan een linosnede.

“Ik heb me in mijn werk wel door Fré Cohen laten inspireren. Ik heb veel over haar gelezen, en kwam steeds ­dezelfde personen tegen. Henri Pieck bijvoorbeeld, de broer van Anton. Maar Henri was veel interessanter, want hij was communist, en voor de oorlog spion voor de ­Russen. Die twee, Fré en Henri, móéten elkaar in die tijd ergens zijn tegengekomen. En dan kreeg ik fantasieën. Dan werd het fictie, en schreef ik bijvoorbeeld zo’n vijfhonderd woorden over die ontmoeting. Of ik kwam een werk van Fré tegen dat ik heel mooi vond, en dan schreef ik een passage over het moment dat ze dat aan het maken was.”

“Zo had ik allerlei losse scènes. Maar ik wist nog niet dat het een roman zou worden. Ik heb ook een tijdje gedacht dat ik een boek zou maken, een soort catalogus als die nu bij de tentoonstelling in Het Schip is verschenen.”

Letterkasten

Brouwer overwoog nooit een biografie te schrijven. Dat zou haar te veel tijd kosten, en zou een rem zetten op haar ­andere werk. “Ik heb natuurlijk wel heel veel over Fré ­Cohens ­leven uitgeplozen. Dus haar toekomstige biograaf kan bij mij aankloppen. Als die er komt, want er is ook niet zo heel veel meer, naast wat de werkgroep en ik gevonden hebben. Met dat materiaal krijg je al een heel goed beeld van haar. De meeste mensen die in het boek voorkomen zijn mensen die haar ook echt gekend hebben. Ik heb maar een paar personages verzonnen.”

Ze pakt spullen uit haar tas en laat werk zien dat Fré ­Cohen heeft gemaakt. Het beroemde Giroboekje, een ­folder voor Stadsreiniging in het kader van ­‘Reinheid ­bovenal!’, illustraties voor tijdschriften, een programmaboekje voor de Stadsschouwburg.

Ex libris van Henk van Laar, ontworpen door Fré Cohen.  Beeld Fré Cohen
Ex libris van Henk van Laar, ontworpen door Fré Cohen.Beeld Fré Cohen

“Ze deed ­alles. Voor café Schiller ontwierp ze de wijnkaart... Of ze is vergeten? Het grote publiek heeft haar nooit gekend, echte grafici natuurlijk wel. Er is in 1993 een grote tentoonstelling over haar werk geweest in het ­Amsterdam Museum. Daarna is ze weer vergeten. Alle mensen in mijn omgeving die niet iets met grafisch werk te maken hebben, kenden haar niet. Ik denk dat ik haar wel uit de vergetelheid heb gerukt, en ik denk dat ze het verdient door het grote publiek gezien te worden. Want het is een heel interessant levensverhaal.”

Met een verschrikkelijk einde. Toen ze, na op verschillende adressen te zijn ondergedoken, uiteindelijk in ­Borne werd opgepakt, slikte ze onmiddellijk pillen. “De Duitsers zullen mij niet levend krijgen,” had ze eerder al gezegd. Ze stierf twee dagen later in het ziekenhuis van Hengelo.

Brouwer: “Iedereen in haar omgeving wist dat ze ­pillen in haar tas had zitten.”

Ze zwijgt even, en vertelt dan dat ze letterkasten heeft ­gemaakt. “Een letterkast is een lade uit een drukkerijkast met daarin loden letters. Daar heeft Fré ook veel mee ­gewerkt, vandaar ook de titel van mijn boek. Van drukkerijen heb ik oude letterkasten gekregen en daarin heb ik werk van Fré Cohen verwerkt. Tien letterkasten. Die gaan mee op tournee langs boekhandels.”

“Maar ik had nog tien letterkasten. Ik heb ook linosnedes gemaakt rond het boek, die heb ik eveneens ingelijst in ­letterkasten. Dat zijn allemaal unieke kunstwerken geworden. Ze hangen nu in de lunchroom van Museum Het Schip.”

Brouwer pakt haar roman en legt die op tafel.

“Ik heb haar losgelaten. Het voelde op een gegeven ­moment alsof ze van mij was, mijn Fré. Nu is ze van iedereen, nu mag iedereen iets van haar vinden.”

Edith Brouwer: De letterkast. Roman over het leven van Fré ­Cohen. Orlando, €22,99, 224 blz. De tentoonstelling Fré Cohen, vorm en idealen van de Ams­terdamse School, is te zien t/m 4 september 2022 in Museum ­­­­­Het Schip, Oostzaanstraat 45

Meer over