null

PlusAchtergrond

Buurtgarage Appie & Sen moet weg – hoe woningbouw kleine ondernemers opslokt

Beeld Dingena Mol

Er moet gebouwd worden in Amsterdam, maar de ruimte is schaars. En daarom is er in Noord geen plek meer voor de typische buurtgarage Appie & Sen – woningen gaan voor. ‘Voor een bedrijf als dat van ons is kennelijk geen ruimte.’

Marc Kruyswijk

Bandjes, remmen, koplampen. Je kan ervoor binnenlopen. Zo’n garage is het. Maar voor grotere klussen draaien ze hun hand natuurlijk ook niet om. Stel je voor. Appie & Sen op de Klaprozenweg.Laagdrempelig. Een zwik mannen met zwarte klauwen. Als er moet worden geduwd, dan duwen ze. Met z’n allen. Iedereen die groet, met woorden en vooral ook met de ogen. Koffie? Thee dan misschien? We hebben ook cappuccino. Appie & Sen is een warm bad voor wie sores heeft met zijn auto.

Een heel kleine dertig jaar zitten ze er al. Muurvast onderdeel van de Klaprozenbuurt. Appie & Sen is officieel gevestigd op de Vuurwerkerweg, een straat die evenwijdig loopt aan de grotere Floraweg, waar al het doorgaande verkeer rijdt. Dit is waar ze zitten en waar ze willen blíjven zitten. Omdat het hún buurt is geworden, omdat dit is waar hun klanten wonen. Die koesteren de garage om de hoek – en geef ze eens ongelijk.

Binnen is het koud, bijna net zo koud als buiten. Wie even stilzit, voelt de rillingen over zijn rug lopen. De mannen die hier staan te sleutelen, hebben nergens last van. Het is zwaar werk, het vergt soms de nodige kracht. Maar de sfeer is goed. Het is druk vandaag, zoals het ook druk is op zo ongeveer alle andere dagen. De ene auto na de andere. Woekeren met ruimte in de garage. Als er een auto uit moet worden gereden, moet een andere even worden verplaatst.

Mehmet Sen wijst op de muren, het plafond. “Het is nodig aan onderhoud toe. Als we wisten dat we hier nog jaren zouden zitten, zouden we het aanpakken. Er moet het een en ander worden hersteld, het kan allemaal wel een verse lik verf gebruiken. Maar wat heeft het voor zin om er nog tijd en energie in te steken? Ze willen ons hier weg hebben.”

Gouden combinatie

Mehmet is de Sen van Appie & Sen. Appie is niet meer. Overleden in 2007. Hij werd ziek en overleed een halfjaar later. Mehmet ging toen alleen verder, maar de zaak bleef heten zoals hij en Appie hem hadden genoemd in 1995, toen ze besloten samen een garagebedrijf te openen. Waar ze hun handigheid en hun oplossend vermogen konden vormgeven.

Mehmet, de Sen in Appie & Sen: ‘Ik heb heel erg het gevoel dat men ons hier liever kwijt dan rijk is.’ Beeld Dingena Mol
Mehmet, de Sen in Appie & Sen: ‘Ik heb heel erg het gevoel dat men ons hier liever kwijt dan rijk is.’Beeld Dingena Mol

Bloed, zweet en tranen was het. De mannen werkten nog op Schiphol toen Appie met het plan voor een garage kwam. Daar moest Mehmet even over nadenken, maar al vrij snel realiseerde hij zich dat ze een gouden combinatie vormden. Na een tijdje zoeken vonden ze een mooie plek op de Vuurwerkerweg in Noord.

De eerste jaren hielden ze hun banen op Schiphol aan. Appie en Sen draaiden contradiensten: er moest in ieder geval altijd iemand in de garage aanwezig zijn, zeven dagen per week. “We begonnen op nul. Ik stond om half vier op, zodat ik om vijf uur op Schiphol was. Daarna reed ik door naar de garage, waar ik vaak tot een uurtje of acht doorwerkte. We zijn gewend de dingen zelf te doen.”

Maar het bouwwerk lijkt nu in elkaar te storten: de garage moet weg. De ruimte die hier wordt ingenomen, door de garage en een aantal andere bedrijven, is nodig voor de bouw van woningen. Want Amsterdam kampt met een tekort, er moet worden gebouwd. Ruimte wordt heringericht en voor bedrijven zoals dat van Mehmet is in dit gebied geen plekje meer.

Ondernemers moeten wijken, er komen tweeduizend woningen bij. Het moet gezellig worden met bedrijven en winkels. De Klaprozenbuurt krijgt twee nieuwe supermarkten, nieuwe horeca, twee basisscholen, voorzieningen voor zorg en welzijn.

De buurt heet een transformatiegebied. Het speelt in dit geval in Noord, maar dit is eigenlijk exemplarisch voor de hele stad. Wethouder Victor Everhardt zei het ook, onlangs in de gemeenteraad: er is een enorme bouwopgave, de ruimte is beperkt en dan spelen er ook nog financiële belangen mee.

Mehmet en zijn zonen Erdal en Oguzhan knikken gelaten. Ze weten het. Natuurlijk moet er worden gebouwd in de stad. Mensen moeten wonen. Prima. En zelfs voor argumenten voor zoiets als een verplaatsing van hun bedrijf, ze doen het liever niet, maar vooruit, kunnen ze nog begrip opbrengen. Oguzhan: “We snappen dat. Maar je kunt tegen een bedrijf dat al tientallen jaren wezenlijk onderdeel uitmaakt van een buurt niet zeggen: ga maar naar de andere kant van de stad.”

Geen enkel recht

Zoals dat gaat: het speelt al een tijdje. In 2018 werd ­Mehmet en zijn zoon te verstaan gegeven dat ze de boel maar beter konden verkopen. “Anders zouden we onteigend worden. Dan weet je dat je een dief bent van je eigen portemonnee, want dan krijg je de WOZ-waarde plus tien procent. Dus we hebben verkocht. Maar nu blijkt dat we geen enkel recht meer hebben op vervangende ruimte voor ons bedrijf. Ja, ga maar naar Sloterdijk III, zeggen ze, helemaal voorbij het Sloterdijkstation. Maar dat is voor ons geen optie. Denk je dat onze klanten die afstand gaan afleggen om hun auto naar de garage te brengen?” Zijn zoon valt hem bij: “Ik denk dat we dan tachtig, negentig procent van onze vaste klanten kwijt zijn.”

Ze willen in de buurt blijven zitten. Daar waren afspraken over, zegt Mehmet. “In 2016 zijn ambtenaren langs­gekomen om aan te geven dat er plannen zijn om huizen te bouwen. Toen hebben ze beloofd ons te verplaatsen naar het NDSM-gebied, een paar minuten hiervandaan. Daar kunnen we mee leven. Maar ineens bleken tussen 2016 en 2019 afspraken te zijn gemaakt met grote ondernemingen, terwijl de bedrijven van de Klaprozenbuurt telkens te horen kregen dat er geen plek meer was. Die grote bedrijven kregen megalocaties, kavels die onder onze neus zijn weggegeven. Ik heb heel erg het gevoel dat men ons hier liever kwijt dan rijk is.”

null Beeld Dingena Mol
Beeld Dingena Mol

Oguzhan: “Wij worden gezien als onbeduidend kleintje, terwijl Noord bekendstaat om zijn zelfstandige onder­nemers. Er worden allerlei plannen gemaakt, maar de mensen die hier al een tijd zitten en een belangrijke maatschappelijke rol spelen, worden weggeblazen. Elke dag vragen klanten waar wij heen gaan verhuizen. Het was logisch geweest eerst na te denken over de verplaatsing van de bedrijven en daarna pas de woningbouw te plannen. Nu is dat andersom gebeurd en dat heeft tot een complexe ­casus geleid. We hebben sinds 2016 veel gepraat, maar de tijd is nu op. Er zijn al plannen om volgend jaar de straat open te breken om de leidingen naar voren te trekken, waardoor het werk ons bijna onmogelijk wordt gemaakt. En dat ­horen wij niet van de gemeente, maar via via.”

‘Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk’

Volgens een woordvoerder van stadsdeel Noord is het ‘ontzettend vervelend als bedrijven die al jaren in de Klaprozenbuurt zitten’ weg moeten. “De gemeente heeft de ambitie bedrijven een mogelijkheid te bieden zich te kunnen herhuisvesten. In het stedenbouwkundig plan voor de Klaprozenbuurt is daarom een programma voor werkfuncties opgenomen. De gemeente heeft vanaf 2017 aangegeven mee te denken, maar dat is geen garantie op een herhuisvestingslocatie. Bedrijven zijn uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor het vinden van een nieuwe locatie, bijvoorbeeld door het inschakelen van een makelaar.”

De gemeente heeft geen grondbezit in de Klaprozenbuurt, zegt de woordvoerder. “Het initiatief voor herontwikkeling van kavels ligt bij erfpachters en ontwikkelaars. De gemeente kan op verzoek wel bedrijven aan ontwikkelaars koppelen. Dat is ook enkele malen gebeurd. Maar de gemeente heeft geen directe mogelijkheden om bedrijven in deze toekomstige ruimte te huisvesten. Toch denkt de gemeente graag mee over andere herhuisvestingslocaties, ook buiten de Klaprozenbuurt. De stijging van huurprijzen is echter niet alleen in Amsterdam-Noord gaande, dat geldt voor heel Amsterdam en omstreken.”

Vader en zonen voelen zich desalniettemin vooral belazerd. Er is van alles misgegaan, zeggen zij. “Zoals wij het zien: er zijn allerlei heel mooie projecten, maar voor een garagebedrijf zoals dat van ons is kennelijk gewoon geen ruimte. Woningen bouwen, dat begrijpen we. Maar de kleine bedrijven krijgen geen kansen.”

Bedrijven moeten overal wijken voor woningen

Door de hele stad liggen bedrijven­terreinen die zijn aangewezen voor de bouw van woningen. Tot 2030 moeten veertien van zulke terreinen worden getransformeerd tot gemengde woon-werkwijk. Naast het gebied bij de Klaprozenweg gaat het daarbij onder meer om het Hamerkwartier (ook in Noord), het Kauwgomballenkwartier (Zuid) en Sloterdijk I Zuid (Nieuw-West). Volgens de plannen zal in deze wijken ook plek blijven voor bedrijvigheid en de maakindustrie. Wie puur naar de beschikbare ruimte kijkt, ziet dat er nog voldoende vierkante meters zijn: aan bedrijven is afgelopen jaar 2,7 hectare aan kavels uitgegeven, 61,9 hectare ligt nog open. De gemeente geeft echter toe dat de daadwerkelijke ruimte kleiner is door reserveringen en opties die er op verschillende terreinen liggen. Daarnaast is verplaatsing van bedrijven naar gebieden ver weg van de oorspronkelijke locatie voor sommige bedrijven ook niet mogelijk in verband met hun klantenkring.

Meer over