PlusInterview

Ans Markus maakte een veelkoppig totaalschilderij van jonge mensen: ‘Ik lijk wel een evangelist’

Een jaar of twee geleden gaf schilder Ans Markus (74) zichzelf een opdracht: een werk maken over verdraagzaamheid. Vervolgens werd de wereld overvallen door de coronapandemie, en zij door kanker. Maar het werk is af. ‘Ik heb geluk gehad.’

Dylan van Eijkeren
Ans Markus in haar atelier. ‘Ik wil graag tonen hoe ik denk dat de wereld eruit moet zien, met allemaal verschillende kleurtjes, geloven, geaardheden.’ Beeld Niels Blekemolen
Ans Markus in haar atelier. ‘Ik wil graag tonen hoe ik denk dat de wereld eruit moet zien, met allemaal verschillende kleurtjes, geloven, geaardheden.’Beeld Niels Blekemolen

Zeggen dat ze zelf de diagnose stelde gaat wat ver. Maar Ans Markus werd na buikpijnklachten aanvankelijk met geruststellende woorden heengezonden, tot ze zelf – ‘voor mijn eigen gemoedsrust’ – om een echoscopie vroeg. “Dan blijkt toch dat luisteren naar je lijf heel belangrijk is. Het is een sluipmoordenaar hoor, eierstokkanker.”

Drie operaties en zes chemobehandelingen volgden. Haar wimpers, wenkbrauwen en haren vielen uit. Tijdens het kaalscheren zei haar man: ‘Wat heb je een mooi bolletje.’ Ze viel tien kilo af.

“Je zit in een soort niemandsland. Het ene moment ben je intens verdrietig, op een ander moment relativeer je en bedenk je dat je al een mooi leven hebt gehad. Maar als je midden in de nacht wakker wordt, zijn dat mooie leven en je lieve vrienden niet het eerste waar je aan denkt.”

Inmiddels is Markus weer op gewicht, enerzijds door een dieet van door goedbedoelende buren en vrienden aangedragen borstplaat, brownies en leverworst, anderzijds door heel gezond eten. “Mijn haartjes groeiden terug, mijn wimpertjes. Ik kan me soms niet meer voorstellen dat het allemaal is gebeurd. Dat ik hier nu zo zou staan, heb ik een tijdlang niet durven hopen.”

Volgende maand hoopt Markus 75 jaar te worden.

Houvast

In haar expositieruimte op het Prinseneiland staat ze voor een honderdvijftigkoppige serie olieverfportretten. “Een totaalschilderij van jonge mensen”. Haar opdracht aan zichzelf, twee jaar geleden.

“Het is toch wel heel ernstig als je elkaar veroordeelt om wie of wat je bent – welk geloof of welke geaardheid je hebt, wat voor politiek je aanhangt, of je nou joods, islamitisch, Chinees, zwart of wit bent. Dat is altijd de rode draad geweest in alles wat ik schilderde, maar dit werk verbindt respect en verdraagzaamheid door alle menselijke aspecten te tonen.”

“In eerste instantie ben ik op mijn dertigste mijn eigen gevoelens, angsten en onzekerheden gaan schilderen. Toen ik daar een beetje overheen was, keek ik om me heen en zag ik dat alle mensen wel ergens mee kampen. We zijn allemaal simpele zielen met onze eigen eigenaardigheden.”

“Ik wil altijd graag iets menselijks laten zien, of het nou gaat om eenzaamheid, je verbonden willen voelen met anderen, het Medeaverhaal, of ouder dan oud worden. Als je een lijntje door mijn leven wilt trekken, zie je de aandacht voor anderen, kijken naar anderen, contact proberen te krijgen, aardig willen zijn.”

Is die onzekerheid altijd gebleven?

“Het is de aard van het beestje. Ik vergelijk het weleens met een grote groep kinderen. Die vooraan wapenen zich, hebben een grote mond. Achteraan lopen de stillere volgers die er het hunne van denken. Daar hoor ik bij.”

“Ik heb heus wel vertrouwen gekregen in mezelf, maar diep vanbinnen zit die onzekerheid er altijd. Dat is niet erg; wie onzeker is, blijft ook zoeken. Dan blijf je je afvragen waarom dingen zijn zoals ze zijn. Dat heb je nodig in je leven, niet denken: ik weet het nu allemaal wel. Ik voel het leven als een grote zoektocht. Een puzzel die je moet oplossen ondanks de ontbrekende stukjes.”

U lijkt zich geen slachtoffer van de ziekte te voelen.

“Ik ben heel dankbaar, ik voel mezelf een zondagskind. Toen ik dertig was, met een kind en gescheiden, was het andere koek, hoor. En het is stapje voor stapje gegaan, hè? Niks ellebogenwerk, niks ik moet en ik zal. Het is zo gelopen. Nu ik ziek ben geweest, ben ik heel erg dankbaar dat ik ben genezen. Ik mag God op mijn blote knieën danken dat mijn leven is gelopen zoals het is gelopen. Ik tel ontzettend mijn zegeningen.”

In augustus 2020 werd de diagnose gesteld; Markus werd behandeld net tussen de coronapieken door. “Daar heb ik ook geluk mee gehad.”

Ze was goed en wel begonnen met haar veelkoppige totaalwerk toen de coronapandemie uitbrak. “Daarom dragen niet alle mensen op dit werk mondkapjes, dat hoefde toen nog niet.”

Durfden mensen wel te poseren? In het begin van de pandemie waren veel mensen toch huiverachtig.

“Bangerik als ik ben, bleef ook ik binnen en schilderde door. In mijn atelier heb ik een schatkist vol knipsels, plaatjes en foto’s die ik heb verzameld. Ik heb er een paar bekende mensen bij gedaan. En de rest hoefde dus ook niet te lijken. Heerlijk, ik pakte gewoon een plaatje.”

Onder de bekendere koppen die Markus schilderde, is Splinter Chabot. “Hij maakte indruk op me door zo open en eerlijk te vertellen over de worsteling met zijn coming-out.”

Ze schilderde impressies van Anton de Kom en twee keer Typhoon – een witte en een zwarte versie. “Alleen een lapje huid zorgt ervoor dat sommige mensen problemen met elkaar hebben.” Verder ook Ali B, Abdelhak Nouri en Nikkie de Jager. “Jonge mensen die willen verbinden.”

In het jaar van ziekte, behandeling en herstel, schilderde Markus niet. “Terwijl dat altijd mijn houvast is geweest. Het schilderen was er altijd. Heel veel mensen die ziek zijn gaan dan schilderen, als therapie, maar bij mij kwam er niks uit mijn handen. Dat was wonderlijk, want ook voor mij was schilderen mijn uitlaatklep geweest in mijn mindere periodes. Maar je moet doen zoals je je voelt, je kunt niet tegen je gevoel ingaan.”

Boodschap

Toen de oncologen met goed nieuws kwamen, een maand of zes geleden, lag er een handvol portretopdrachten. “Ineens was het schilderen er weer. Alle ramen en deuren gingen open, ook dankzij die opdrachten. Het is net als met fietsen: na een poosje stap je weer op.”

Naast het honderdvijftigkoppige werk staat een groot portret van de in juli vermoorde misdaadverslaggever Peter R. de Vries. “Ik zie dat als een grote schande, zulk onnodig geweld. Soms dacht ik weleens als ik hem zag: nou nou, wel een grote mond. Maar als je dan hoorde wat hij allemaal deed, was juist ook hij iemand die de verbinding zocht.”

“Ik wil dat hij niet wordt vergeten, daarom heb ik dit portret gemaakt. Ik hoop dat als hij straks na een jaar wordt herdacht, het ergens zal hangen waar heel veel mensen komen. Dat iedereen zich realiseert: zoiets mag niet gebeuren.”

Wat is uw wens voor uw komende kroonjaar?

“Ik hoop dat mijn totaalschilderij ergens op een mooie plek te zien zal zijn. Dat mensen naar al die koppen kunnen komen kijken en denken: wat is er met die vrouw of man? Dat is mijn boodschap. Ik lijk wel een evangelist: kijk om de hoek, kijk wat er gaande is, geef aandacht. Luister. Ik wil graag tonen hoe ik denk dat de wereld eruit moet zien, met allemaal verschillende kleurtjes, geloven, geaardheden – alles bij elkaar. Ik kan niet tegen arrogantie.”

“De Chinese Muur heb ik al bewandeld, Zuid-Afrika gezien. Het is goed zo. Ik hoef niet meer te reizen. Ik wil in Amsterdam blijven, dat is mijn actieradius. Als een waanzinnige Johanna op de fiets door de stad. Ik heb nooit zozeer dingen nagestreefd. Het komt, of het komt niet.”

Ans Markus’ werk 'Verdraagzaamheid'. Beeld Ans Markus
Ans Markus’ werk 'Verdraagzaamheid'.Beeld Ans Markus

Antje Geertje Markus
(Halfweg, 1947)

1967 Geboorte dochter Sigrid

1970 Avondcursus anatomietekenen

1977 Eerste exposities

1984 Op kunstbeurzen Bazel en Keulen

1985 Expositie Galerie Mokum, New York City

1988 Verhuist naar Amsterdam

Vanaf 1998 Geeft schilderworkshops (met tot op heden 30.000 deelnemers)

2007 Overzichtstentoonstelling Het Noordbrabants Museum

2009 Kunstenaar van het Jaar

2016 Dubbelexpositie Museum de Fundatie en Kasteel het Nijenhuis: schilderijen, tekeningen en sculpturen

2017 Overzichtstentoonstelling Museum Jan van der Togt (nu: Museum Jan)

Meer over