Amsterdammer helpt Amsterdammer

Amsterdammer helpt Amsterdammer: ‘Twee baby’s tegelijk is wel lastig in je eentje’

De zwangere Jessica (24) raakte dakloos, kreeg medische complicaties en beviel met 28 weken van een tweeling. Een draagzak en een magnetron zouden haar leven in het opvanghuis makkelijker maken. Kosten? 400 euro.

Jessica Kuitenbrouwer
Jessica in haar tijdelijke kamer in het opvanghuis. Beeld Eva Plevier
Jessica in haar tijdelijke kamer in het opvanghuis.Beeld Eva Plevier

Op een bankje aan de Amstel slaakt Jessica een diepe zucht. Ze is wat stiller dan normaal, zegt ze. De tweeling laat haar weinig slaap en vandaag is ze bijzonder moe. Via haar maatschappelijk werker heeft ze een vrijwilliger toegewezen gekregen, die haar af en toe helpt met de baby’s. Naast het bankje staat zij Jessica’s zoontje in slaap te sussen terwijl Jessica haar dochter voedt.

“Twee baby’s tegelijk is wel lastig in je eentje,” zegt Jessica. Met haar kinderen heeft ze een tijdelijke kamer in een opvanghuis. “Omdat mijn kamer op de derde verdieping is, kom ik bijna niet meer buiten. Ik kan niet met twee kinderen tegelijk de trap aflopen, dan ben ik bang dat ik val. En ik kan natuurlijk niet een baby boven laten liggen.” Ook melk maken voor de baby’s is daardoor lastig. “De magnetron staat beneden, dus als ik ze wil voeden moet ik heel snel heen en weer rennen. Omdat de tweeling prematuur is moet ik ze veel voeden en ook goed bijhouden hoeveel ze binnenkrijgen. Een tweelingdraagzak en een magnetron op onze kamer zouden zó veel oplossen.”

Dat haar leven zo op z’n kop staat, dwingt haar nu vooral pragmatisch te zijn, maar dat wil niet zeggen dat ze geen plannen heeft voor de toekomst. “Mijn doel is een vast onderkomen te vinden, mijn opleiding af te maken en dan zo veel mogelijk geld sparen en opzij zetten voor als de tweeling groot is. Als ze dan iets nodig hebben, een rijbewijs of een opleiding, dan heb ik dat voor ze,” zegt ze terwijl ze haar dochter een boertje laat doen. “En een bakfiets,” voegt ze er lachend aan toe. “Ik zou het fantastisch vinden om met mijn kinderen in de bakfiets door de stad te fietsen.”

Opleiding

Zelf groeide Jessica op in de Ghanese hoofdstad Accra. Na de scheiding van haar ouders ­verhuisde haar vader naar Nederland. “Toen ik klaar was met de middelbare school, wilde hij dat ik ook naar Nederland kwam omdat het thuis moeilijk is om een baan te vinden en omdat ik aan mijn oog geopereerd moest worden en dat hier beter kan dan in Ghana.” Op 19-jarige leeftijd trok Jessica daarom in bij haar vader en zijn nieuwe gezin in Zuidoost.

Het leven in de Ghanese gemeenschap in ­Nederland viel Jessica echter behoorlijk zwaar. “Ghanezen hier hebben geen hoge pet op van zichzelf. Ze denken dat zwarte mensen het alleen redden in de wereld als ze een simpele baan nemen. Ik werd erg onder druk gezet om te gaan werken als schoonmaakster, terwijl ik eigenlijk een opleiding wilde doen.”

Omdat de situatie bij haar vader in huis niet houdbaar was, raakte ze terwijl ze in verwachting was dakloos. Ze logeerde een tijd bij een vriendin, maar ook daar kon ze niet blijven. Haar vriend, een Ghanese man die ze al in Accra ontmoette maar die ook in Amsterdam woonde, verhuisde naar Duitsland omdat hij daar werk kon krijgen. Uiteindelijk belandde Jessica in een noodopvang en kort daarna werd de tweeling veel te vroeg – met 28 weken – geboren. Ruim drie maanden moesten ze in het ziekenhuis blijven. “Ook de laatste tijd zijn we veel in het ziekenhuis geweest. Mijn dochter kreeg heel erg moeite met ademen en had koorts. Midden in de nacht moesten we naar het ziekenhuis en toen bleek dat ze allebei het RS-virus hadden. Waarschijnlijk opgelopen in de metro op weg naar een check-up in het AMC.”

Na nog twee weken in het ziekenhuis zijn Jessica’s kinderen nu aan de beterende hand. “Maar echt helemaal fit zijn ze nog niet. Dat merk je als moeder meteen.” Haar grootste wens is dat de baby’s snel beter zijn en dat ze binnenkort op de urgentielijst voor een woning komen te staan. Dan kan ze echt beginnen aan het bouwen van een toekomst voor haar en haar gezin. In de tussentijd zouden een tweelingdraagzak en een magnetron al een hele hoop schelen.

Voor haar veiligheid gebruiken we alleen Jessica’s voornaam.

Het RS-virus

Het RS-virus, ook wel het respiratoir syncytieel virus genoemd, is een veel voorkomend verkoudheidsvirus bij kinderen. Het is voor de meeste kinderen een onschuldig verkoudheidsvirus, maar kleine kinderen, vooral jonge baby’s, kunnen er wel erg ziek van worden. Baby’s kunnen door een ontsteking van de kleine luchtwegen (bronchiolitis) benauwd worden of zelfs een longontsteking ontwikkelen. Elke winter duikt het RS-virus op, maar dit jaar gebeurde dat pas in de zomer. Dat komt vermoedelijk door de coronamaatregelen. In de wintermaanden kwamen mensen veel minder met elkaar in contact dan deze zomer. Zo bleven besmettingen uit totdat de maatregelen werden versoepeld. Kinderen overlijden zelden aan het virus, maar ze kunnen er wel mee op de ic terechtkomen.

Marion Onland. Beeld Eva Plevier
Marion Onland.Beeld Eva Plevier

‘Ik gun deze mensen een makkelijker leven’

De kinderen van Fatima Abdul hebben dringend beugels nodig, maar het gezin leeft van een krappe beurs. Onder anderen Marion Onland-Smit doneert.

De Afghaanse Fatima Abdul (43) heeft van haar geboorte tot haar twintigste onder verschillende regimes geleefd. Van de Sovjettroepen die in haar eerste jaar door de straten marcheerden en de moedjahedien die het stokje overnamen tot de Taliban die haar als 13-arig meisje de toegang tot school verboden. Zeven jaar later volgde ze haar echtgenoot naar Amsterdam, waar ze een gezin met vier kinderen stichtten.

Ze woont inmiddels langer in Nederland dan in haar geboorteland, maar is uiteraard enorm geraakt door de ontwikkelingen in Afghanistan. Ze maakt zich zorgen om haar familie in Kandahar. “Ik wil hoop houden maar misschien is dat naïef.”

En dan wordt Abdul ook nog eens geplaagd door geldzorgen. Door een aaneenschakeling van pech en opstapelende schulden belandde het gezin in de schuldsanering. De beugels die haar kinderen hard nodig hebben, kunnen ze niet betalen. Marion Onland-Smit (45) besloot – net als een hoop andere Paroollezers – een deel van het fikse bedrag te doneren. “Ik ben altijd geraakt door de verhalen van mensen die het minder hebben getroffen in het leven, en Fatima’s verhaal is schrijnend en bovendien erg actueel.” De leidinggevende bij een cosmeticabedrijf werd getroffen door de praktische aard van de wens. “Ik gun deze mensen een makkelijker leven, zeker na alles wat ze hebben meegemaakt.”

Meer over