Wim Pijbes zal Amsterdam niet missen

Wim Pijbes stapt op als directeur van het Rijksmuseum. Hij stootte het museum op in de vaart der volkeren, maar de relatie tussen Rotterdammer Pijbes en Amsterdam is altijd moeizaam gebleven.

Marcel Wiegman
Wim Pijbes Beeld Merlijn Doomernik/Hollandse Hoogte
Wim PijbesBeeld Merlijn Doomernik/Hollandse Hoogte

Wanneer ging Wim Pijbes voor het laatst de stad uit, vroeg Het Parool hem in 2012 voor de rubriek Mijn Amsterdam. Pijbes ging 'het hele jaar door elke dag de stad uit', liet hij met genoegen weten. Om er de volgende dag vanuit zijn huis in de keurige Rotterdamse middenklassewijk Overschie weer in terug te keren. "Zo houd ik continu de sensatie van de nieuwkomer en houd ik mijn kritische blik op peil."

Is het ooit wat geworden tussen museumdirecteur en hoofdstad? Uit dezelfde rubriek: "Toeristen zijn meestal beleefder dan Amsterdammers."
Als hij in de stad uit eten ging, viel hem tot zijn afgrijzen vooral op dat 'de entourage' een nogal belangrijk rol speelde. "Met alle respect," zei hij, "op culinair gebied gebeurt er in Rotterdam meer. Je hebt hier overgedesignde restaurants, met een hoop gedoe. Nou, ik hoef niet op designstoelen te zitten. Die zitten meestal toch ongemakkelijk. De wijnprijzen zijn absurd hoog. Het moet toch mogelijk zijn een goede huiswijn te serveren onder de 25 euro?"

En: "Ik heb een pesthekel aan trucs, zoals de vraag: 'Mag ik u een glas champagne van het huis aanbieden?' die je dan zelf moet betalen. Ook onzin: drie amuses en predesserts."

Pijbes was verliefd op zijn museum, maar ergerde zich mateloos aan Amsterdam. Hij vond de stad vies, vuig en te vol, liet hij in 2014 in NRC Handelsblad weten. "Amsterdam komt om in zijn eigen smerigheid."

De observaties van Pijbes: maak een einde aan de ambulante straathandel en het daarmee samenhangende zwerfvuil, pak 'de levensgevaarlijke' illegale shortstaykamerverhuur aan en doe iets aan het taxivervoer en 'de meest vervuilende vorm van toerisme': de cruisevaart.

Zwerfvuil
Pijbes struikelde niet alleen over 'de middeleeuwse manier' waarop in de stad huisvuil wordt aangeboden ('open vuilniszakken, aangevreten door meeuwen, ratten en ander ongedierte'), maar ook over 'de beschamende wantoestanden in de prostitutie' en de uitwassen van het softdrugsbeleid.

Een j'accuse: "De bezoekers willen een taxi kunnen nemen die ze zonder omwegen op de plaats van bestemming brengt. Ze willen heelhuids de straat oversteken zonder ondersteboven te zijn gereden door fietser of scooter. Ze willen door een schone stad wandelen en hoffelijk worden bejegend. Lange tijd gold het hatsjikidee van de Amsterdamse tofheid als charmant en vrijgevochten. Die charme is allang op de achtergrond geraakt en 'I Amsterdam' is ontaard tot 'eerst ik en dan de stad'."

Strijd om fietstunneltje
Jarenlang lag Wim Pijbes overhoop met stads(deel)bestuurders over de heropening van het fietstunneltje onder het Rijksmuseum. De 'meest omstreden honderd meter' van Amsterdam vormde volgens hem een gevaar voor het grote aantal bezoekers dat hij na de verbouwing van zijn museum verwachtte. Maar daar dachten de fietsende Amsterdammers heel anders over.

Pijbes: "We hebben 370 miljoen euro geïnvesteerd in dit gebouw, dat doen we niet om een overdekt fietspad te accommoderen."

VVD-wethouder Eric Wiebes bleek echter onvermurwbaar. Die had het gevoel dat er een klassenstrijd gaande was rondom het Rijksmuseum: de maatschappelijke en culturele elite rondom Pijbes versus het fietsende plebs uit Amsterdam. Zijn dreigement in te grijpen gaf uiteindelijk de doorslag.

Nu gaat de in Veendam geboren Rotterdammer Pijbes naar Voorlinden, een nieuw museum voor hedendaagse kunst. Dat is opgericht door kunstverzamelaar Joop van Caldenborgh, een Hagenees uit Wassenaar, rijk geworden met het Rotterdamse chemiebedrijf Caldic. Dat scheelt.

Bekijk ook: Acht jaar Pijbes in het Rijks, de belangrijkste momenten.

De gewraakte fietstunnel Beeld anp
De gewraakte fietstunnelBeeld anp
Meer over