PlusReportage

Warm welkom voor Oekraïense vluchtelingen op Java-eiland: ‘Ik zal dit nooit vergeten’

De Oekraïense vluchtelingen op het Java-eiland zijn warm ontvangen door de buurt: allerlei initiatieven moeten ervoor zorgen dat zij zich even minder vluchteling voelen.

Marc Kruyswijk
Op een hotelboot worden Oekraïense vluchtelingen opgevangen. Ook in een voormalig schoolgebouw op de Kop van Java is ruimte voor vluchtelingen. Beeld Dingena Mol
Op een hotelboot worden Oekraïense vluchtelingen opgevangen. Ook in een voormalig schoolgebouw op de Kop van Java is ruimte voor vluchtelingen.Beeld Dingena Mol

Leeg is de kop van het Java-eiland nog steeds. Je moet van goede huize komen om de prettige oningerichtheid van het uiterste puntje van het eiland geweld aan te doen. Dat er twee joekels van vaartuigen, waarvan er eentje inmiddels niet meer beschikbaar is voor opvang, hebben aangemeerd aan de stadse zijde van deze uitwaaiplek, doet aan de rust eigenlijk niet zoveel af. En dat her en der Oekraïense vluchtelingen de bankjes bevolken evenmin.

Sinds half maart is de kop van het Java-eiland een Klein Oekraïne. Of tenminste dan toch een beetje. Er rent soms een jogger voorbij, een enkele eilandbewoner laat zijn hond uit. Maar het zijn vooral Oekraïners die hier aanwezig zijn. Gezinnen, jongeren en vooral moeders met kinderen. Gevlucht voor de oorlog, vaak met niet meer dan een koffer of een aantal boodschappentassen met bezittingen zaten ze ineens in Nederland.

Fiets is de redding

Dmitri is een van hen. Hij kan bijna niet praten als hij over Oekraïne praat, zijn huis. Maar, zegt hij, hij is zeer verrast over de ontvangst die hem in Amsterdam ten deel is gevallen. “Iedereen is aardig, we worden goed verzorgd. Ze proberen ons zoveel mogelijk te helpen. Ik zal nooit vergeten hoe we hier worden opgevangen.”

Later op de dag, het is even na acht uur ’s avonds. Een oudere man, hij heeft een voorstadje van Kiev op stel en sprong verlaten, komt aangefietst. “Deze heb ik hier gekregen, zodat ik een beetje rond kan kijken. Deze fiets is mijn redding. Ik heb de hele stad al doorgefietst. Als ik binnen zit, houdt mijn hoofd niet meer op. Dan denk ik aan mijn zonen, die in Oekraïne zijn achtergebleven. Als ik fiets, stop ik met denken.” En weg is hij weer, even nog een rondje.

Elektrische piano

Het Java-eiland en het KNSM-eiland erachter leven volop mee met de vluchtelingen: verschillende initiatieven hebben geleid tot een komen en gaan van mensen die spullen komen afleveren waaraan de vluchtelingen behoefte hebben. Mensen komen kleding brengen en dozen vol met shampoo. Afgelopen week werd er op een van de schepen een elektrische piano afgeleverd.

Eilandbewoner Rogier Schravendeel probeert de verschillende initiatieven te bundelen. “Ik heb me aan de balie gemeld en heb gewoon gevraagd waar behoefte aan is. Zoetigheid, zeiden ze vorige week. Toen ben ik met schalen vol stroopwafels langsgeweest.”

Voetbalwedstrijd

Ook organiseerde hij een speciale sportschoenenweek: iedereen die nog gympen had staan werd opgeroepen die in te leveren. “We willen het opbouwen naar samen sporten. Daarom zijn op zoek gegaan naar voetbaldoeltjes. We zijn ook bezig met het opzetten van een voetbalwedstrijd volgende maand: de Oekraïners tegen een team van het Java-eiland.”

Ook zijn er op het Java-eiland allerlei app-groepen actief waarin de initiatieven voor de vluchtelingen worden gebundeld. Marc Redmeijer is inmiddels aangelopen tegen het maximumaantal mensen dat in een app-groep past: 256. “We zijn inmiddels aan onze derde groep bezig. Allemaal mensen die op de hoogte willen blijven van wat de vluchtelingen precies nodig hebben.”

Shampoo en bodylotion

Redmeijer begon half maart met het schoonmaken van de tachtig kamers waar de vluchtelingen gehuisvest zouden worden. “Er is niet direct veel behoefte aan spullen, maar bijvoorbeeld wel aan middelen voor de persoonlijke hygiëne, bodylotion en shampoo enzo. Er is veel animo om te helpen, ik ervaar dat als heel overweldigend. En: het helpt ook om een bijdrage te leveren, een pakje wasmiddel zet zoden aan de dijk.”

Zoiets zegt ook Schravendeel. “Je ziet over de oorlog op televisie. Maar ineens lopen die mensen bij je voor de deur. Dat is heftig, dat laat je niet onberoerd. Ze hebben huis en haard moeten verlaten, zitten enorm in de penarie. Wat we voor hen kunnen doen is klein, we kunnen hun verdriet niet wegnemen. Maar tegelijk betekenen medemenselijkheid tonen, een beetje gastvrijheid bieden, heel veel. Ik hoop dat het de pijn in ieder geval een beetje kan verzachten. Dat ze zich, al is het maar voor even, net iets minder vluchteling voelen.”