Schultz betreurt onduidelijkheid spoorbudget

Minister Melanie Schultz van Haegen (Infrastructuur) betreurt de onduidelijkheid die is ontstaan over de besteding van geld voor beheer, onderhoud en aanleg van spoor. Dat schrijft ze vandaag voorafgaand aan een vergadering in de Tweede Kamer over het Nederlandse spoorstelsel.

ANP/Redactie
Minister Schultz van Haegen. Beeld ANP
Minister Schultz van Haegen.Beeld ANP

Vorige week concludeerde de Rekenkamer dat de Kamer in de afgelopen jaren onvolledig is geïnformeerd door het ministerie en dat een deel van het beschikbare budget niet is uitgegeven. Als oorzaak wijst ze onder meer naar 'verschillen in berekeningswijze'.

Hoe groot het deel is dat 'op de plank ligt', is onduidelijk. De Rekenkamer denkt aan maximaal 1,1 miljard, maar Schultz herhaalde vandaag dat het wat haar betreft 373 miljoen euro is. Dat bedrag blijft volgens haar behouden voor de spoorsector. Volgens ProRail is een deel van het spoorbedrag niet uitgegeven omdat onder meer bepaalde technische systemen nog niet zijn ontwikkeld.

Schultz schrijft dat ze haar eigen ambtenaren de hoogte van het niet besteedde bedrag laat controleren.

De Rekenkamer schreef verleden week dat de Kamer zich op basis van informatie van de minister geen duidelijk beeld kan vormen van activiteiten en het budget van ProRail. 'De informatie die zij ontvangt is onduidelijk en onvolledig', stelden de rekenmeesters. De minister wil in de toekomst het gesprek hierover aangaan met de volksvertegenwoordigers, maar ze wacht eerst op een rapport van een parlementaire commissie die kijkt naar onderhoud en innovatie van het spoor. Die commissie rapporteert in januari.

In haar brief wijst ze erop dat de Tweede Kamer naast de begrotingsstukken ook altijd het beheerplan van ProRail krijgt toegestuurd. Zij erkent dat dat niet bij de officiële stukken hoort. 'De begrotingscyclus is een gesloten cyclus waarin ook alle vastgestelde plannen van ProRail hun plek hebben', staat in de brief. 'Ik ben dan ook van mening volledig in de informatievoorziening aan de Kamer te zijn.'

Meer over