Rode Kruis zwichtte voor politie na aanslagen Noorwegen

Het Noorse Rode Kruis zwichtte direct na de aanslagen op 22 juli 2011 in en bij Oslo voor de druk van de politie om gewapende agenten te vervoeren. Dat mag nooit meer gebeuren, stelde de hulporganisatie vandaag na het uitlekken van een intern rapport.

Het Rode Kruis op Utoya, op 23 juli vorig jaar. Beeld AFP
Het Rode Kruis op Utoya, op 23 juli vorig jaar.Beeld AFP

'Het Rode Kruis is neutraal en niet gewapend', verklaarde een woordvoerder. 'Het transport van schiettuig of gewapenden onder de vlag van het Rode Kruis is tegen onze grondbeginselen.' Desondanks brachten Rode Kruis-medewerkers met hun boot agenten van en naar het eilandje Utøya, de dag nadat Anders Behring Breivik op dit eiland 69 veelal jonge mensen doodschoot.

Materieel
De leider van het Noorse Rode Kruis bij Utøya zou de agenten de oversteek eerst hebben geweigerd, maar nam de dienders na aandringen uiteindelijk toch mee. 560 vrijwilligers en vaste krachten van het Rode Kruis zochten de dagen na de aanslag op Utøya met 13 boten naar vermisten of gaven psychische hulp aan slachtoffers en familieleden. De politie had een groot tekort aan materieel.

Secretaris-generaal Oistein Mjaerum liet vandaag Noorse media weten dat zijn hulporganisatie de routines herziet. Zo wil het Noorse Rode Kruis voortaan ook geen vrijwilligers jonger dan 25 jaar meer oproepen voor extreme crises als bij Utøya.

Meer over