PlusInterview

Opvang Oekraïense patiënten in Nederlandse ziekenhuizen: ‘In deze humanitaire ramp máken we daar capaciteit voor’

Ondanks coviddruk en inhaalzorg zijn alle Nederlandse ziekenhuizen bereid om Oekraïense patiënten op te vangen als dat nodig is, zegt voorzitter Mark Kramer van de LCPS na een rondgang. ‘Er is een humanitaire ramp aan de gang. Daar moet je als Europa solidair op reageren.’

Malika Sevil
Oekraïense vluchtelingen worden tijdelijk opgevangen in een sporthal in Rotterdam-Zuid. Onder de duizenden vluchtelingen die Nederland opvangt zijn ook mensen met ernstige ziekten die direct medische zorg nodig hebben. Beeld ANP/Marco de Swart
Oekraïense vluchtelingen worden tijdelijk opgevangen in een sporthal in Rotterdam-Zuid. Onder de duizenden vluchtelingen die Nederland opvangt zijn ook mensen met ernstige ziekten die direct medische zorg nodig hebben.Beeld ANP/Marco de Swart

De Nederlandse gemeenten hebben inmiddels ten minste achtduizend Oekraïense vluchtelingen opgevangen. Daar zitten ook kankerpatiënten, nierpatiënten, parkinsonpatiënten en mensen met elke denkbare andere aandoening tussen. Deze mensen hebben allemaal goede medische zorg nodig. Is dat wel geregeld? De eerste grote hobbel – namelijk de financiële belemmering – is al weggenomen, zegt voorzitter Mark Kramer van het Landelijk Coördinatiecentrum Patiënten Spreiding (LCPS). Zorgverleners kunnen de Oekraïners helpen en worden betaald uit het potje zorg voor niet verzekerde personen. Dat is al een zorg minder, zegt Kramer.

Maar elke dag komen daar vele nieuwe vluchtelingen bij. Er moet dus nagedacht worden over een situatie waarbij dat gaat knellen. En wat er moet gebeuren met de patiënten die in de ziekenhuizen in Oekraïne en de omliggende landen liggen? Wat op nationaal niveau gebeurde met coronapatiënten – namelijk het spreiden over de verschillende ziekenhuizen in het land – gebeurt mogelijk straks ook op Europees niveau met de medische evacués. En hoewel er nog geen opdracht van VWS daartoe ligt, bereidt de LCPS, die ook spreiding van coronapatiënten coördineert, zich al wel op verzoek daarop voor, zegt Kramer, tevens bestuurder bij Amsterdam UMC.

Hoe sorteert u voor op een scenario waarbij de ziekenhuizen veel Oekraïense patiënten moeten opvangen?

“Allereerst door aan de ziekenhuizen te vragen: is er capaciteit? Dinsdag zijn de Europese ministers van Volksgezondheid bij elkaar gekomen om te praten over de mogelijkheid van spreiding van Oekraïense patiënten. Minister Ernst Kuipers heeft ons vooraf gevraagd: hebben we plek om vluchtelingen op te nemen? Daar hebben alle Nederlandse ziekenhuizen ‘ja’ op gezegd. In deze humanitaire ramp máken we daar capaciteit voor.”

Nu werkt de LCPS aan scenario’s. Op welke manier kun je die opvang het beste regelen?

“Als Oekraïners uit een oorlogsgebied of een buurland komen, dan moeten we ervan uitgaan dat we heel weinig medische informatie over die patiënten hebben. Dan is het verstandig om zo’n patiënt op een centrale plek op te vangen, zodat je de problemen direct op een efficiënte manier in kaart kan brengen. Vervolgens kun je kijken welke zorg een patiënt nodig heeft. Als dat specialistische zorg is, dan kan hij naar een ziekenhuis dat daarin thuis is. Een mogelijk geschikte plek voor deze triage is het calamiteitenhospitaal van UMC Utrecht.”

De patiënt krijgt daar een intake en dan wordt hij vervolgens naar het meest passende ziekenhuis verwezen.

“Ja, dat is tenminste de gedachte. Maar dan loop je toch weer tegen problemen aan. Het calamiteitenhospitaal is niet toegerust op heel vroeggeboren baby’s of kinderen die ic-zorg nodig hebben. Op deze zogeheten Nicu’s en Picu’s is ook heel weinig capaciteit. We zijn aan het bedenken hoe we dat het beste kunnen doen.”

Kun je voor dit soort specialistische kindergeneeskunde niet uitwijken naar België of Duitsland?

“Ja, dat gebeurt nu ook als het hier overloopt, bijvoorbeeld in een seizoen dat er veel kinderen in het ziekenhuis worden opgenomen met het RS-virus.

Aan wat voor type patiënten moeten we verder denken?

“Dat zal uiteenlopend zijn. Bij het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie zijn begin deze week 25 patiënten uit Oekraïne aangekomen. De meesten kunnen gelukkig poliklinisch worden behandeld. Dat is in de eerste plaats gunstig voor het kind, maar ook goed voor het Máxima Kinderziekenhuis, want daarmee legt het niet zo’n grote druk op de capaciteit. Verder moet je aan allerlei patiënten denken. We houden er ook rekening mee dat we oorlogsgewonden moeten opvangen. Die zullen dan hoogstwaarschijnlijk over de traumacentra worden verspreid, want daar zitten de teams die hierin getraind zijn.”

Het LCPS heeft de handen vol gehad aan de spreiding van covidpatiënten. Het is een meevaller dat dat aantal nu stabiel is.

“In vier dagen tijd is het aantal opgenomen patiënten op de verpleegafdelingen met tweehonderd gestegen, dus covid is nog echt niet weg uit de ziekenhuizen. We hopen dat deze coronapiek over twee weken gaat afvlakken. Dat scheelt behalve covidpatiënten ook veel besmettingen onder het zorgpersoneel. Want dat is een enorm probleem.”

Hebben ziekenhuizen dan wel plek? Er moeten ook nog operaties worden ingehaald.

“Als Europa besluit de patiënten over de Europese landen te verdelen, en VWS geeft ons de opdracht om aan patiëntenspreiding te gaan doen, dan hangt het helemaal af van de aantallen of de ziekenhuizen het aankunnen. Hoeveel plek er is, weten we niet. Maar als de ziekenhuizen heel veel patiënten moeten opvangen, dan zal het ongetwijfeld tot gevolg hebben dat delen van de zorg moeten worden afgeschaald. Aan de andere kant: er is een humanitaire ramp aan de gang. Daar moet je als Europa solidair op reageren. Het zou buitengewoon onfatsoenlijk zijn om vluchtelingen letterlijk en figuurlijk ergens in de kou te laten staan.”

Meer covidopnames

De ziekenhuizen zijn nog steeds niet van covidzorg verlost. Omdat de maatregelen steeds meer worden losgelaten, neemt ook het aantal besmettingen én het aantal opnames in de ziekenhuizen toe. Op de verpleegafdelingen lagen woensdag 1810 coronapatiënten. Een week eerder waren dat er 1460. Op de ic’s is nauwelijks een stijging te zien. Door de hoge besmettingscijfers valt veel zorgpersoneel uit, meldt de Nederlandse Zorgautoriteit. Er is dus nog steeds veel uitgestelde zorg die moet worden ingehaald, maar het aantal gebruikte operatiekamers ligt volgens de laatste NZa-meting gemiddeld 15 procent onder een ‘normale’ bezetting. In de regio Noord-Holland/Flevoland is dat percentage iets hoger: 18 procent.

Meer over