Opa Endstra werd rijk met Joodse roofpanden

AMSTERDAM - De opa van de in 2004 vermoorde vastgoedhandelaar Willem Endstra, Minne Endstra, maakte in de Tweede Wereldoorlog deel uit van een groep 'malafide vastgoedhandelaren' die rijk zijn geworden met 'de handel in geroofde Joodse panden en het witwassen van fout geld'.

Dat schrijft journalist en historicus Eric Slot deze week in het Historisch Nieuwsblad. Volgens Slot was de grootvader van Endstra een bunkerbouwer die er allerlei handeltjes met de Duitsers op nahield. Zo camoufleerde Minne Endstra Duitse vliegvelden door ze groen te verven, en verdiende daar zwart tienduizenden guldens mee.

Dat geld stak Endstra, aldus Slot, begin 1944 onder meer in 'geroofd' Joods bezit: hij kocht voor 13.000 gulden het pand Weesperstraat 123 van de Joodse weduwe Rosette Casseres. Het pand werd destijds geveild door de Arnhemse Hypotheekbank omdat Casseres sinds
1 april 1943 geen rente en aflossing meer had betaald. Geen wonder, constateert het Historisch Nieuwsblad: Casseres was vier maanden eerder vermoord in vernietigingskamp Auschwitz.

Begin 1945 kocht Minne Endstra aan de Weteringschans ook een bedrijfspand met vijftien woningen (in de jaren tachtig krakersbolwerk de 'Grote Wetering'). Endstra zou vervolgens, gehuld 'in rijbroek en met een zweepje', hebben geprobeerd de huurder van het bedrijfspand (een garage) eruit te krijgen. Na de oorlog werd Endstra opgepakt en tot een jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens economische collaboratie met de Duitsers (wat niet betrekking had op vastgoed, maar onder meer op het bewerken van vliegvelden).

Een zoon van de weduwe Casseres probeerde, volgens Slot, na de bevrijding via de Raad voor het Rechtsherstel het pand aan de Weesperstraat terug te krijgen, maar tevergeefs: de raad achtte het niet onrechtmatig dat de Arnhemse Hypotheekbank het pand had geveild.

Het Historisch Nieuwsblad concludeert, na raadpleging van onder meer het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod) en het Nationaal Archief, dat in de oorlog 20.000 'Joodse panden' zijn geroofd. Die werden via roofbank Lippmann, Rosenthal, de Niederländische Grundstücksverwaltung en Nederlandse makelaars verhandeld voor circa 150 miljoen gulden (nu 750 miljoen euro). Grootste 'roofmakelaar' in Amsterdam was Johannes Everout. (HET PAROOL)

Meer over